De publieke opinie over het gerechtelijk proces

(571 woorden)

Het Spaanse Hooggerechtshof laat geen internationale waarnemers toe bij het juridisch proces tegen de Catalaanse leiders omdat daar geen plaats voor zou zijn in de rechtszaal. Het gaat in totaal om vijf mensen georganiseerd door de voor deze rechtszaak opgerichte International Trial Watch. ‘Als de waarnemers het proces willen bijwonen, dan moeten ze maar plaats nemen op de publieke tribune’, aldus de president van de strafkamer, Marchena. De rechtbank voert als argument aan dat er geen waarnemers in de zaal nodig zijn want het proces wordt life op TV uitgezonden. ‘Op deze manier kan iedere Spanjaard het proces volgen.’

De Spanjaarden word echter de mogelijkheid om de uitzendingen te zien ontnomen, want de publieke Spaanse omroep TVE zendt het proces niet uit. De sterk politiek gemanipuleerd Spaanse pers is niet van plan om aan de Spaase burgers de realiteit van deze farce onder ogen te brengen. De nationale opinie zal daarom voor een groot gedeelte gevormt worden door wat de Spaanse media voorschotelt. Het proces is wel te volgen via de Catalaanse omroep en haar Web site.

Daar komt bij dat alleen de officiële Spaanse mediadienst EFE in de rechtszaal mag filmen. De camera zoomt doorgaans en gedurende zeer lange tijd in op de sprekers van het moment. Daarmee kan de kijker niet zien of een rechter aandachtig luistert, in slaap is gevallen of pokemon zit te spelen. En dit zijn kleine, doch niet geheel onbelangrijke details die een onafhankelijke waarnemer wel kan zien wanneer hij toegang tot de rechtszaal zou hebben. Per slot van rekening hangt niet alleen de Catalaanse ex-vicepresident al een gevangenisstraf tussen de 12 en 74 jaar boven het hoofd, maar staat bovendiende geloofwaardigheid van de Spaanse democratische rechtsstaat op het spel. En dit soort beperkingen dragen niet bepaald bij aan de geloofwaardigheid.

Tegen de internationale opinie met betrekking tot dit juridisch proces en het politieke conflict kan de Spaanse staat echter weinig beginnen. In een pogiging om het imago van Spanje als een democratische rechtsstaat op te krikken, had Borell, minister van BuZa, de propagandamachine Global Spain opgetuigd. Met een campagne probeert de minister de ‘valse berichten’ van de Catalanen over het politiegeweld te ontkrachten en beweert met klem dat Spanje wel degelijk groot, vrij en een moderne democratie is. Naast de moeilijk houdbare stelling over ‘fake news’, om het zo maar even zachtjes uit te drukken, vergeleek de staatssecretaris van Global Spain in een uitzending van Skynews deze week het referendum met seksuele verkrachting. Hierdoor heeft het imago van de ‘informatiecampagne’ natuurlijk een flinke deuk opgelopen.

Daarnaast zijn er zo ‘n tweehonderd journalisten van buiten de landsgrenzen die het proces in Madrid op de voet volgen. Deze informeren de wereld over wat ze er zien en te horen is zonder dat BuZa daar iets wat aan kan doen. Enkele invloedrijke kranten twijfelen aan de onpartijdigheid van de rechtbank en schrijven dat met dit proces zelfs de geloofwaardigheid van de Spaanse democratie terecht staat.

Een artikel in de Volkskrant haar twijfel uit over de aanstelling van de rechters.

De Tijd rapporteert over de Spaanse onregeerbaarheid als gevolg van de Catalaanse onafhankelijkheidswil.

Trouw kopt in een artikel met de tekst: “Spaans showproces is een schandvlek voor de hele Europese Unie”

Washington Post zegt dat de Spaanse democratie in het geding is met dit proces.

The Independent noemt de rechtszaak een grote fout.
https://www.independent.co.uk/voices/editorials/spain-catalan-independence-trial-madrid-mistake-a8775591.html

De Internationale Commissie van Juristen uit haar bezorgdheid dat de fundamentele rechten in dit proces worden geschonden.

Na anderhalf jaar eindelijk het woord

(1359 woorden, maar laat je niet afschrikken)

Gerechtelijk proces in de Spaanse taal
Op de derde dag van het gerechtelijk proces tegen de Catalanen komen de de aangeklaagden zelf aan het woord. De sessie begint met de mededeling van de voorzitter van de rechtzaal, Marchena, dat de aangeklaagden de vragen van de aanklagers en hun advocaat in hun moedertaal mogen beantwoorden. Er zal echter geen simultane vertaling plaats vinden, maar sequentieel met een tolk. De reden daarvoor is dat het hoogste gerechtshof van het multiculturele Spanje dat al haar etnische minderheden zo erg bemint, niet genoeg oortelefoontjes heeft voor de aanwezigen bij dit proces.

Sinds 1992 is er het Europees Handvest voor regionale talen of talen van minderheden. Hoewel de Catalaanse taal op Europees niveau met 11 miljoen sprekers bepaald geen minderheidstaal is, heeft Spanje deze aanbevelingen van de Europese Raad ondanks herhaaldelijke waarschuwingen al die jaren systematisch genegeerd. Dit culmineerde in de uitspraak van het Constitutionele Hof tegen het nieuwe Catalaanse Statuut in 2010. Deze uitspraak zegt dat het Catalaans niet als hoofdvoertaal in de eigen regio gebruikt kan worden, zoals in het Statuut beschreven staat en door de Catalaanse bevolking en Spanje was overeengekomen, omdat de Catalanen geen eigen volk vormen. Deze minachting voor de Catalaanse identiteit en cultuur was de directe aanleiding dat de Catalanen onafhankelijk van Spanje wilden worden. Zou Spanje deze Europese aanbevelingen wel hebben ogevolgd, dan zou dit gehele politieke conflict dus nooit hebben bestaan en had Marchena zich deze hele rechtszaak kunnen besparen.

Maar om niet nog meer verwarring te brengen in dit gerechtelijk proces, besluiten de Catalaanse leiders vandaag de vragen direct in het Spaans te beantwoorden. Vicepresident Oriol Junqueras, die tussen de 12 jaar (de eis van de landsadvocaat) en 74 jaar (de eis van VOX) gevangenisstraf boven het hoofd hangt, zegt dat hij dit erg graag doet want hij vind het Spaans een mooie taal en vind het ook blangrijk dat alle Spanjaarden zijn argumenten kunnen horen. Dat het gebruik van de Spaanse taal voor de Catalanen ook problemen geeft blijkt bij de ondervraging van Quim Forn, minister van BiZa en politiek hoofd van de Catalaanse politie de Mossos d’Esquadra. In tegenstelling tot Junqueras, accepteert Forn ook de vragen van de Openbaar aanklager en de landsadvocaat te beantwoorden. De eerste spreekt soms nogal onduidelijk zodat Forn herhaaldelijk moet vragen wat deze precies zegt. De boodschap is duidelijk: de aanklagers en rechters spelen een thuiswedstrijd. De beschuldigden moeten zich in alle aspecten maar zien te redden met hun uitwedstrijd.

Junqueras houdt zijn betoog (en geeft les aan de magistraten in democratie)
De ex-vicepresident wilde alleen vragen van zijn advocaat beantwoorden. Aangezien dit proces een politieke rechtszaak en een farce is, weigert hij de vragen van de Spaanse openbaar aanklager, de landsadvocaat en de volksaanklager, de fascistische politieke partij VOX, te beantwoorden. Hij hield een bijzonder goed betoog en was heel erg didactisch. Precies zoals hij gewend is in zijn lessen op de universiteit. ‘Wat is uw beroep?’ ‘Momenteel ben ik politiek gevangene.’ Bij het protest voor de deur van EZ: ‘Het was helemaal niet gewelddadig. De mensen zongen liedjes, zoals El Virolai (de psalm van Montserrat). Misschien dat u deze kent?’ Natuurlijk kent de Spaanse Openbaar aanklager geen Catalaanse liedjes. En helemaal geen religieuze. Hij wees er nogmaals met klem op dat stemmen niet illegaal kan en mag zijn in een democratie. ‘Bovendien is het verbod van een referendum in 2005 uit de strafwet gehaald’, argumenteerde hij. ‘Wat wel illegaal zou moeten zijn in een democratie, is het verbieden en tegenhouden van het stemmen met geweld.’ En: ‘Er staat nergens in geen enkele Spaanse wet dat het verwezenlijken van de Catalaanse onafhankelijkheid op een vreedzame, democratisch en geciviliseerde manier verboden is. Nergens staat dat.’ Verder zei hij: ‘Altijd hebben we open gestaan voor dialoog, maar de andere stoel aan de onderhandelingstafel (en wees naar de andere zijde van het tafeltje waar hij aan zat met de imaginaire, niet-bestaande lege stoel) was altijd leeg, altijd. In plaats daarvan bracht men het politieke probleem naar de rechtbank.’ Toen de voorzitter van de rechtbank een pauze inlaste zei hij: ‘Jammer, want na anderhalf jaar gedwongen zwijgen wil ik graag mijn visie vertellen en ben nu eindelijk goed op dreef’.

Quim Forn haalt de argumenten van de aanklager stuk voor stuk onderuit
Omdat Forn ook de vragen van de openbaar aanklager en van de landsadvocaat wilde beantwoorden, duurde deze sessie langer dan die van Junqueras. Het is indrukwekkend om hem voor het eerst sinds 15 maanden weer te zien en te horen. Forn verscheen ook op de Nederlandse TV na de terroristische aanslagen in Barcelona en Cambrills. Hij lijkt magerder en ziet er vermoeid uit. In zijn boek dat hij tijdens zijn gevangensschap schreef, zegt hij dat hij slecht tegen de autoritten in de geblindeerde politiebusjes kan. Iedere dag moeten zij van en naar de gevangenissen worden gebracht, een rit van ruim drie kwartier, dat hem ziek maakt. Het Spaans Hooggerechtshof heeft geen faciliteiten voor het in bewaring stellen van verdachten. (!) Bovendien hoest hij tijdens het beantwoorden van de vragen regelmatig. De onverwarmde gevangenis op de hoogvlakte van Madrid eist haar tol. Zoals gezegd, de aangeklaagden spelen hier een uitwedstrijd met alle nadelen van dien. De sessie van Forn was meer technisch van aard.

Bij de ondervraging van het OM maakte hij duidelijk dat hij voor de Catalaanse onafhankelijkheid is en als politicus daarom ook zijn werk deed volgens het democratisch mandaat dat hij als minister had. Daarentegen bestuurde hij de Mossos zonder dat deze politiek betrokken werden. Zij deden gewoon hun werk: het toepassen van de wet en deden alles binnen de heilige, onaantastbare Spaanse grondwet uit 1978 die met het pistool van de Franco militairen op tafel en met stemfraude in een referendum werd aangenomen. De aanklager vroeg Forn of hij lid is van de burgerbewegingen Assemblea Nacional Catalana (ANC) en Omnium Cultural. Op zijn bevestigende antwoord vroeg de magistraat door of hij wist wat deze burgerbewegingen nastreven. Quim antwoordde dat hij maandelijks zijn lidmaatschap betaald maar niet actief lid bij deze onafhankelijkheidsbewegingen is en dat politieke burgerbewegingen de meest normale zaak van de wereld is in de westerse democratieën. De vragen van het OM over de idealen van Forn en zijn lidmaatschappen toont voor de zoveelste maal aan dat dit proces politieke van aard is. Op een gegeven moment vroeg de aanklager over een bepaald rapport of politiedocument. Forn zei dat er een vertaalfout van het Catalaans naar het Spaans was gemaakt waardoor het document een totaal andere betekenis krijgt. Zijn advocaat interrumpeerde de ondervraging door de rechtbank er op te wijzen dat de verdediging verscheidene malen (!) op deze fout had gewezen. Één voor één wist de Catalaanse minister van BiZa de overdrijvingen en manipulaties van de openbaar aanklager onderuit te halen:

OM: ‘op 20 September vernielden de protesterende mensen 7 auto’s van de Spaanse Staat.’ Forn: ‘Volgens de informatie die ik heb stonden twee auto’s van de Guardia Civil voor de deur van het ministerie van EZ geparkeerd’

OM: ‘De auto ‘s bevatten vuurwapens die hadden kunnen leiden tot een gewelddadig gewapende opstand.’ Forn: ‘ Het onbeheerd achterlaten van wapens in een onafgesloten auto is de verantwoordelijkheid van de Guardia Civil.’

OM: De Policia Nacional en Guardia Civil werden op 1 Oktober aangevallen door een muur van mensen.’ Forn: ‘ De gehele wereld heeft de beelden van het politiegeweld tegen vreedzame mensen gezien die wilden gaan stemmen.’

Minister van BiZa Quim Forn toonde duidelijk aan dat de gehele rechtszaak geen juridische grond heeft, maar politiek gemotiveerd is. Maar wie had anders gedacht met een aanklacht die de titel draagd: ‘Des te groter zal hun nederlaag zijn’.

Verkiezingen tijdens het proces
Het proces duurt nu drie dagen. Het staat 0-3 voor de uitspeler, de Catalanen. En Pedro zal met grote waarschijnlijkheid morgen bekend maken dat hij vervroegde verkiezingen uitschrijft. Want de steun van de Catalanen is hij welverdient kwijt. Het gerechtelijk proces zal dan tijdens een verkiezingscampagne plaats vinden. Dit wilde het Hooggerechtshof, met de Europese-en gemeenteraadsverkiezingen voor de deur, ten koste van alles voorkomen om iedere politieke invloed op de rechtszaak te voorkomen. Een lastige taak trouwens, met de fascistische partij VOX als aanklager die met dit proces bovendien gratis zendtijd voor politieke partijen krijgt. Zoals het Catalaanse spreekwoord zegt: No vols caldo? dues tasses! (Wil je geen soep? dan twee kommen!)

 

Mannen en vrouwen van eer.

Proloog van het juridisch proces: de aanklagers aan het woord

(774 woorden)

Op de tweede dag van de proloog komen de aanklagers aan het woord. Zowel de Openbaar aanklager als de landsadvocaat zijn eensgezind dat het een eerlijk proces met garanties is en dat het vooronderzoek zonder enige procedurefouten of ongeregeldheden heeft plaatsgevonden. Zij bekritiseren de aanvallen van de advocaten, want de politieke wens voor zelfbeschikking staat niet ter discussie. De aangeklaagden worden alleen voor hun misdadige daden aangeklaagd. De belangrijkste daarvan is het geweld tijden het referendum.

De Openbaar aanklager baseert zich in zijn betoog eerder op wraak en vergelding dan op voldongen misdadige feiten die de Catalanen begaan zouden hebben. Maar oordeel zelf aan de hand hun uitspraken.

De Spaanse Openbaar aanklager Javier Zaragoza
‘Er waren slechts twee gewonden’ (Dat is er eentje minder dan de regering van Sánchez beweert en 1064 minder dan geverifieerd is aan de hand van de medische rapporten.

‘Ik denk dat de gewelddadige feiten niet toegerekend moeten worden aan de politiecorpsen van de Staat, maar aan hen die de mensen hebben opgeroepen (om te gaan stemmen).’

Fidel Cadena, Openbaar aanklager
‘Alles is van iedereen en enkele enkelingen kunnen niet beslissen over iedereen’ (De Catalanen kunnen niet voor zichzelf beslissen want het Spaanse volk vormt een soeverein, ondeelbaar volk waarvan een deel zich niet van af kan scheiden)

‘Het recht op de vrijheid van ideologie wordt niet geschaad.’

‘Men heeft de Mossos (Catalaanse politie) in het plan van rebellie betrokken.’

‘Deze rechtszaak is een triomf voor de democratie, deze rechtszaak is een triomf voor de rechtstaat, deze rechtszaak is een triomf omdat iedereen gelijk is voor de wet.’

En als klap op de vuurpeil:
‘De soevereiniteit voor het Catalaanse volk is onmogelijk.’
BINGO! Hij heeft het gezegd: ‘volk’. En wat heeft een volk volgens het internationaal recht? Precies: het recht op zelfbeschikking.

María Rosa Seoane, landsadvocaat
Over het interview van Irene Lozano (staatssecretaris van Global Spain) zegt de landsadvocaat dat zij niet het woord ‘convicted’ (veroordeeld) heeft gebruikt in een interview met de BBC. Zij herinnert de rechtbank er aan dat het Engels niet de moederteel is van deze politica. Daarmee wil de landsadvocaat aantonen dat de verdachten door de Spaanse regering en overheden niet bijvoorbaat schuldig worden bevonden. Indien de rechtbank dit argument accepteert, is zij incoherent, want de moedertaal van de verdachten is het Catalaans terwijl de rechtbank weigert de hoorzittingen in hun moedertaal te voeren, wat trouwens een schending van de Europese recht is. Daarnaast is gebleken dat de staatssecretaris van het Spaanse ministerie van propaganda zich uitmuntend in het Engels kan uitdrukken. In een interview met Skynews vergelijkt zij het stemmen met het bedrijven van de liefde. Indien dit met goedkeuring van beide partijen plaatsvindt, is het een genot. Zoniet, dan is het verkrachting. Zij doelde hiermee op het referendum over de onafhankelijkheid van Catalonië. Het gaat trouwens in het algemeen wat minder goed met de resultaten van het Spaanse propaganda ministerie. Ondanks alle pogingen om Spanje als een democratische rechtsstaat te verkopen, spreekt de internationale pers met betrekking tot deze rechtszaak over ‘een fout’, ‘een schande’ en ‘een degeneratie van de democratie’.

De aanklager van het volk, de ultra rechtse politieke partij VOX
vraagt de voorzitter van de rechtbank dat de beklaagde Jordi Sànchez zijn gele strik, het symbool van protest tegen de politieke gevangenen, moet afdoen. ‘Dit symbool is een belediging voor de Spaanse democratische rechtsstaat.’ Marchena antwoord dat het Europese Hof voor de Mensenrechten (ECHR) oordeelde dat religieuze of politieke symbolen in de rechtzaal moeten worden toegestaan. En aangezien het Hooggerechtshof het ECHR respecteert, mag Sánchez de strik blijven dragen.

De fascistische aanklager noemt de staatsgreep van de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging nog steeds springlevend.

Deze rechtszaak is een electorale springplank voor de volksaanklager VOX. Samen met de PP en Ciutadans zijn zij er voorstander van om Catalonië opnieuw, zwaarder (interventie of opheffing van de Catalaanse omroep en het onderwijs) en definitief te interveniëren met grondwetsartikel 155. De begroting van de regering Sánchez werd gisteren in zijn geheel door het Congres verworpen. Door de weigering van de Catalaanse partijen heeft hij de meerderheid verloren. Zij doen dit omdat de Spaanse president geen enkele dialoog wilde over een referendum voor zelfbeschikking van de Catalanen en bovendien niets heeft gedaan om de situatie van de gevangenen te verbeteren. Ook een congreslid van de Catalaanse tak van Podemos stemde tegen omdat Sánchez alle Spaanse havens sluit voor bootvluchtelingen. Het schip van Open Arms mag al drie weken niet uitvaren om drenkelingen op de Middellandsezee te redden. Hoogst waarschijnlijk zullen er vervroegde verkiezingen worden gehouden. De chaos in Spanje is dan compleet; een onregeerbaar land en een imagoverlies door een rechtszaak die nooit in een rechtsstaat plaats had mogen vinden.

Proloog van het juridisch proces: de verdediging aan het woord

(585 woorden)

De eerste en tweede dag van de gerechtelijke verhoren tegen de Catalaanse leiders bestaat uit het proloog. Op dit moment kunnen de advocaten en aanklagers zich uiten over de gang van het proces in het algemeen, de aangevoerde bewijsstukken en geaccepteerde en geweigerde getuigen.

Op de eerste dag was het de beurt van de verdediging om te spreken. Zij gingen direct in de aanval over tegen het gerechtelijk vooronderzoek, de talrijke procedurefouten, de schendingen van de burgerrechten en politieke rechten van de Catalaanse leiders, de twijfel van objectiviteit van de rechtbank, de korte termijn om alle documenten te kunnen bestuderen of dat de verdediging sommige stukken zelfs niet ontvangen heeft en de haast die het Hooggerechtshof wil maken om klaar te zijn met de verhoren voordat de Europese verkiezingen plaats zullen vinden. Hieronder volgen enkele uitspraken.

Andreu van den Eynde, advocaat van Junqueras en Romeva:
Over het onafhankelijkheidsstreven: ‘Er is geen enkele internationale wet, en geen Europese, die de substantiële afscheiding van een eenheid verbiedt. Zelfbeschikking is synoniem voor vrede en niet voor oorlog.’

Over de gevangenneming van de Catalaanse leiders: ‘De beschuldigden is hun het recht ontnomen van veronderstelde onschuld en door hun uitzetting als volksvertegenwoordigers uit het Parlement of het tegenhouden om als president worden geïnstalleerd, ondanks dat zij gekozen zijn, worden zij geassocieerd met terroristen.’

Over fundamentele rechten: ‘Junqueras (vicepresident Catalaanse regering) heeft men uit de politieke arena verwijdert. Deze zaak valt politieke dissidentie aan en gaat tegen het recht van protest in. Alle rechten van de Spaanse grondwet zijn hem beperkt in dit proces. Tot en met het recht van uitoefening van cultuur, want mijn cliënt Junqueras kon in de gevangenis niet naar de kerkdienst gaan.’

Jordi Pina, advocaat van Sánchez, Rull en Turull
Over koning Felip VI: ‘Ik denk dat de rechtbank een fout begaat door de koning te verbieden om te getuigen. Een ding is verbieden, iets anders is dat hij er niet toe verplicht is. Indien de aanklacht is gebaseerd op de rede van 3 Oktober, is het logisch om de koning als getuige te ondervragen.

Kritiek tegen de rechters: ‘Mijn vraag aan u is dat u zult handelen als rechters, en niet als nationale helden. Ik heb de indruk dat wat men hier tracht te doen is zich als rechters van dit tribunaal voor te doen maar in werkelijkheid beschermers zijn van de Spaanse eenheid. Wat ik u vraag is om als rechters te oordelen, niet als redders van de patria. Want daar gaat dit gerechtelijk proces niet over.’

Over de haast van het tribunaal om de hoorzittingen voor de verkiezingen te beëindigen: ‘We zouden ons geen zorgen moeten maken of er op 26 Mei Europese-en gemeenteraadsverkiezingen zijn of de finale van de Champions League.’

Benet Salelles, advocaat van Cuixart
Over het recht op protest:’ De aanklager schrijft vijftig pagina ‘s die alleen maar gaan over de beschuldiging vanwege vreedzame protestdemonstraties. Het past niet in een democratische staat van de eenentwintigste eeuw om dit als misdadig gedrag te beschouwen.’

Over het referendum: ‘Deze rechtzaak kan uitlopen op een proces tegen de fundamentele rechten. De boodschap die het uitdraagt is dat het gevaarlijk is voor hen die de democratie uitoefenen. In een democratisch systeem kan een referendum nooit een misdaad zijn.’

Over democratie: ‘Deze gehele strafzaak gaat tegen het wezen in van een democratische staat. Het is een collectieve ondergang van de Spaanse democratie en had nooit mogen beginnen. Als men het toch uitvoert, dan beland het systeem in een universum van niet te herstellen gevaren.

Ik beschuldig (Jo acuso)

(660 woorden)

Vandaag is de rechtszaak tegen EU lidstaat Spanje begonnen. Onder toeziend oog van de internationale pers beschuldigen de Catalaanse politici en burgerleiders de regeringen van Spanje, de PP regering van Mariano Rajoy en de PSOE regering van Pedro Sánchez, dat zij van een politieke onenigheid een juridische zaak hebben gemaakt. In plaats dat zij de wens van de Catalanen om onafhankelijk van Spanje te worden oplossen door te praten, te overleggen en er over te stemmen, heeft Spanje de organisatoren van het referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid voor het gerecht gesleept.

De Audiencia Nacional en het Hooggerechtshof hebben de politici en de burgerleiders vervolgens onder valse voorwendselen van hun vrijheid beroofd en hen in het schavot gestopt. Het Openbaar Ministerie van Spanje heeft toen, samen met de onderzoeksrechter van het Hooggerechtshof, de Audiencia Nacional en andere rechtbanken een politieke proza tegen de politici en burgerleiders opgesteld wegens rebellie en aanzet tot tumulteuze opstand. Het Spaanse OM baseert haar aanklacht op geen enkel feit, want die zijn er gewoonweg niet.

Het gerechtelijk vooronderzoek zit dusdanig vol met juridische ongeregeldheden dat zij bij de Europese aanvragen voor uitlevering van de Catalaanse politici de justitie elders in Europa tot wanhoop bracht. Maar het resulteerde niet tot uitlevering. De Duitse justitie van Sleeswijk-Holstein weigerde de leider van de zogenaamde ‘tumulteuze opstand’, de Catalaanse president Carles Puigdemont, aan Spanje uit te leveren.

Het Hooggerechtshof laat de Catalaanse gevangenen, die zich bij herhaling vrijwillig bij de rechtbank hebben gemeld toen ze voor verhoor werden opgeroepen, tijdens het proces niet vrij. Want ‘het gevaar voor vluchten voor de Spaanse justitie zou extreem hoog zijn’. Hierdoor kunnen de Catalanen zich niet samen met hun advocaten voorbereiden op hun verdediging. Zij en hun advocaten krijgen bovendien pas op het allerlaatste moment toegang tot de benodigde documenten over het proces, of soms zelfs helemaal niet. Maar het Hooggerechtshof weigert ieder uitstel van het proces.

De rechtbank laat geen internationale waarnemers toe want, zo argumenteert zij, ‘dat is alleen de gewoonte in dictatoriale regimes, maar niet in een democratische rechtsstaat zoals Spanje. Bovendien is de rechtszaal te klein om ook nog tien internationale waarnemers toe te laten’.

De Catalaanse vicepresident, de ministers, de voorzitster van het Parlement en de leiders van de burgerbewegingen ANC en Omnium Cultural  klagen het Spaanse Hooggerechtshof en het Audiencia Nacional daarom aan dat zij onrechtmatig van hun vrijheid worden berooft, dat hun burgerrechten en politieke rechten, en die van het Catalaanse volk dat hen gekozen heeft, worden geschonden en dat zij geen eerlijk proces krijgen. Zij klagen de Spaanse justitie aan dat haar normen niet overeenkomen met die van justitie elders in Europa. Waar de Belgische, Zwitserse, Schotse en Duitse justitie verdachten beoordelen op voldongen feiten, verdenkt en veroordeelt de Spaanse justitie haar burgers op basis van hun politieke overtuiging.

Zij klagen het Constitutioneel Hof aan omdat deze een oordeel over hun beroepszaken tegen hun onvoorwaardelijke gevangenneming onrechtmatig lang uitstelde. Alleen hongerstakingen van de Catalaanse gevangenen brachten dit Hof er toe dat zij pas na een jaar, in plaats van de wettelijk maximale termijn van een maand, haar oordeel gaf over hun onmiddelijke vrijating.  Dit oordeel luidde: ‘geweigerd’.

De Catalaanse leiders klagen de Spaanse justitie en de politie aan dat deze hen vernedert en mishandelt, tegen de grenzen van marteling aan.

De Catalaanse politieke gevangenen klagen Spaanse staat aan omdat de gerechtelijke macht zich direct bemoeit met de samenstelling van het democratisch gekozen Catalaanse Parlement. De onderzoeksrechter van het Hooggerechtshof  legt het Catalaanse Parlement op wie er wel en wie er niet mag stemmen en wie wel of niet als president van de regering mag worden aangesteld.

In de komende weken en maanden zullen de Catalaanse leiders, welke ironisch genoeg zelf in de beklaagdenbank zitten, aantonen dat Spanje een despotische, autoritaire en ondemocratische staat is die het onwaardig is om bij de westelijke democratische gemeenschap gerekend te worden.

‘Ik beschuldig’ (J’acuse) is een geschrift uit 1898 van schrijver Emile Zola tegen de politieke aanklacht van de Franse staat versus kapitein Dreyfus. Het lijkt er op dat we na 120 jaren niet erg zijn opgeschoten.

Chaos in de Spaanse politiek

(507 woorden)

De ironie wil dat het debat over de Spaanse jaarbegroting in het Congres van Afgevaardigden op dezelfde dag, 12 Februari, plaats vindt wanneer het gerechtelijk proces tegen de Catalaanse politici en burgerleiders van start gaat

Aan de vooravond van dit debat doet de regering van Pedro Sánchez nog een uiterste poging om de Catalaanse partijen over te halen om voor zijn begroting te stemmen. Daarom stelde hij voor een onafhankelijke, internationale coördinator (geen onderhandelaar) te zoeken om de gesprekken te leiden tussen de Catalaanse en de Spaanse regeringspartijen over het politieke conflict van de Catalaanse onafhankelijkheidswil.

De fractievoorzitter van de oppositiepartij Partido Popular, Pablo Casado, noemt de poging tot deze onderhandelingen toegeven aan degenen die een staatsgreep hebben gepleegd en noemt Sánchez een hoogverrader. Ieder bilateraal overleg tussen de Spaanse en Catalaanse regeringen zou betekenen dat Catalonië een politiek onderwerp is. Dit kan natuurlijk niet in de Spaans nationalistische visie dat zichzelf als één natie beschouwt waarvan geen enkel deel zich vanaf kan scheiden.

Ook beweert Casado dat de agenda van de Catalaanse politici dezelfde is als die van de voormalige Baskische terroristische beweging ETA. Een PP partij die de Catalaanse Parlementsvoorzitster gevangen zet wegens oproer omdat zij een Parlementair debat had toegestaan, is ook in staat om de Spaanse president Sánchez te vervolgen omdat hij hoogverraad pleegt. Gezien de ervaringen van het afgelopen jaar, is er altijd wel ergens een rechter te vinden die een dergelijke aangifte zal accepteren. Het delict hoogverraad houdt in dat iemand de nationale belangen van het land schaadt in het voordeel van die van een andere staat. Met deze beschuldiging impliceert Casado dus dat Catalonië reeds een onafhankelijke Republiek is.

Aanstaande Zondag organiseren de rechtse partijen PP en Ciutadans, samen met de ultra rechtse partij Vox, daarom een protestdemonstratie in Madrid tegen de regering van Sánchez. Aan de hand van de opkomst bij dit protest wil Casado zijn politieke kracht meten, want hij ruikt bloed en staat te popelen om president van Spanje te worden. Hij en zijn partij, samen met Ciutadans, hebben geen enkele moeite om daarvoor samen met de ultrarechtse partij Vox op de foto te staan.

De Catalaanse partijen hebben reeds een motie bij het Spaanse Congres ingediend waarin zij de jaarbegroting van Sánchez in zijn geheel afwijzen. Gedurende de negen maanden dat Sánchez regeert, met steun van de Catalaanse partijen, heeft hij geen enkele poging gedaan om het conflict op te lossen. Ieder overleg over een referendum over zelfbeschikking van de Catalanen heeft hij geweigerd. Ook heeft hij niet aan het Openbaar Ministerie gevraagd om de aanklachten tegen de Catalaanse leiders in te trekken. De gerechtelijke vervolgingen gingen daarom onverminderd voort, resulterend in bovengenoemd juridisch proces. Door deze totale afwijzing kan er nu zelfs niet over de jaarbegroting in het Congres worden gedebatteerd. Indien de Catalanen de motie niet voor dinsdag intrekken, betekent dit een definitieve breuk in ieder overleg tussen de Catalaanse en Spaanse regeringen en een zeer onzekere toekomst voor president Sánchez. Want zonder begroting kun je nu eenmaal niet regeren.

Geen verdediging maar de tegenaanval

(175 woorden)

De Catalaanse leiders hebben gezegd dat ze klaar staan om te worden gehoord voor de Spaanse rechtbank. Zij voelen zich sterk, want zij zijn zeker van hun zaak en van hun onschuld. Ze zijn strijdbaar en staan te popelen om hun woord te kunnen doen. Cuixart zegt in een interview: “Ze hebben me alles afgepakt. Erger straffen dan dit kunnen ze niet. Ik heb niets meer te verliezen. Daarom ben ik niet bang meer. Nu is het de beurt aan Spanje om bang te zijn.” De Catalaanse leiders zullen zichzelf niet gaan verdedigen voor dit gerechtshof. Nee, ze zullen Spanje aanvallen en aanklagen. Ze zullen Spanje een spiegel voorhouden en haar met haar eigen misdaden confronteren. Ze zullen aangifte doen van haar talloze rechtenschendingen. Zij zullen haar tekort aan democratie en het ontbreken van de Rechtstaat bewijzen. Indien zij schuldig worden bevonden, zullen zij met deze aanklacht in hoger beroep gaan bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. En de wereld zal het zien. Direct op TV. Zoals u het belieft, edelachtbare.

Het Spaans Hooggerechtshof: weigering van internationale waarnemers en partijdige selectie van getuigen

(900 woorden)

De aanklacht van het OM
Ik wist het wel. Het gerechtelijk vooronderzoek zat al vol met juridische onregelmatigheden. De aanklacht die de inmiddels overleden Openbaar Hoofdaanklager van Spanje schreef was een puur verzinsel, een politieke proza. Dat zeg niet ik (Wie ben ik? Ik ben geen jurist!), maar dat zeggen honderden juristen en gespecialiseerden in het constitutioneel recht, in Spanje zelf en daarbuiten. Een verzinsel zoals dat de leiders voor de Catalaanse onafhankelijkheid militair geweld gepleegd zouden hebben omdat de Policia Nacional en Guardia Civil op de stemmers insloegen, trapten en schopten, met in totaal 1066 (bevestigde!)* gewonden, omdat zij dit geweld zouden hebben uitgelokt door het organiseren van een referendum. Nota bene: de slachtoffers worden in deze mega rechtzaak aangeklaagd! (Het is jouw schuld, want je liep in een minirokje. Arme aanrander!) Ik voelde het weliswaar aankomen omdat de nieuwe, zogenaamde progressieve Openbaar Hoofdaanklager, een vrouw en aangesteld door de socialistische (niet ultrarechtse, extreem rechtse of gewoon rechtse, nee: linkse!) president van Spanje, het gedrocht van haar voorgangener integraal overneemt. Alleen de naam van Puigdemont werd eruit gewist. Want dat rijmt niet met de uitspraak van Schleswijk-Holstein die hem vrijsprak van geweld. Nu beweert het OM dat hij slechts een stroman van vicepresident Junqueras was, die wel gevangen zit en voor het gerecht zal verschijnen. Maar dat is slechts een detail.

Een te verwachtte teleurstelling
En toch valt het tegen. De weigering om internationale waarnemers tot de rechtzaal toe te laten met als excuus: ‘Het wordt op TV uitgezonden, dus iedereen kan het proces volgen’. Het laatste woord is daarover nog niet gezegd. Het team van waarnemers heeft een onderhoud met de voorzitter van de rechtzaak aangevraagd. Het is een bittere pil, een trieste realiteit. Ergens had ik nog de hoop dat de rechtbank, voorgezeten door een andere rechter, Marchena heet ie, anders zou zijn dan de rechter die het vooronderzoek heeft gedaan, de inmiddels welberuchte Pablo Llarena, en dat de rechtzaak een positieve wending zou krijgen die zou resulteren in een eerlijke en onpartijdige justitie die alleen maar kan leiden tot volledige vrijspraak. Helaas, het is niet zo. Zoals hier in Catalonië en Spanje al vaak en uitgebreid is geschreven en is bekritiseerd door de Europese GRECCO commissie, de rechters van de hogere rechtbanken (het Hooggerechtshof, Constitutioneel Hof en Audiencia Nacional) vormen een sterke corporatieve club waar men elkaar, en de koning, de hand boven het hooft houdt en baantjes toeschuift aan vrienden en familie.

De getuigen van de aanklagers
Zonder uitzondering worden alle getuigen die de Landsadvocaat, het Openbaar Ministerie en de volksaanklager, de ultrarechtse en nationalistische politieke partij VOX (kun je je voorstellen dat de secretaris van een ultrarechtse politieke partij die binnenkort meedoet met de gemeenteraadsverkiezingen en de Europese verkiezingen, een zetel heeft als aanklager in een rechtzaak tegen andere politici?) hadden voorgesteld, door het Hooggerechtshof geaccepteerd. Onder andere de Spaanse ex-president Rajoy en ex-vicepresidente Soraya Sáenz de Santamaría (SSS) zullen aan het woord worden gelaten. Als gevolg van de corruptie van hun partij, de Partido Popular, zijn zij beiden inmiddels geheel van het politieke toneel verdwenen. Door hen als getuigen op te roepen, zullen zij echter met hun faliekante fout worden geconfronteerd, de allergrootste fout die Spanje de afgelopen veertig jaar heeft begaan. Want zij hebben een politiek probleem als een misdaad afgehandeld en deze voorgelegd aan justitie. Een justitie die haar eigen beloop heeft, waardoor de Spaanse politici geen controle meer hebben over het conflict met Catalonië. Deze door Rajoy en SSS onvergefelijke fout zal verregaande consequenties hebben voor de toekomst van Spanje.

De getuigen van de aangeklaagden
De getuigen die door de verdediging worden voorgesteld worden daarentegen niet allemaal door de rechtbank geaccepteerd. Een twintigtal getuigen die Jordi Cuixart, voorzitter van de Catalaanse cultuurorganisatie, had voorgesteld worden geweigerd. Één daarvan is de fractievoorzitter van de PP in de Spaanse Senaat wiens WhatsApp bericht aantoonde dat Marchena directe banden heeft met de PP partij en dus partijdig is in dit politieke proces. Ook de hoofdrolspelers in deze klucht, koning Felipe VI, of zijn woordvoerder, en de Catalaanse president Puigdemont worden niet toegelaten. Scotland Yard, een internationaal gerespecteerd instituut op het gebied van misdaadbestrijding, onderzocht de protestdemonstratie op 25 September 2017 en kwam tot de conclusie dat Cuixart geen aanleiding had gegeven tot geweld. Ook dit instituut kan niet getuigen om haar mening te geven. Daarnaast worden alle internationale deskundigen in mensenrechten, inclusief Nobelprijswinnaar Noam Chomski en andere advocaten die aan de VN verbonden zijn, geweigerd. Hun getuigenissen zouden moeten aantonen dat fundamentele, politieke en burgerrechten door het Hooggerechtshof worden geschonden en dat het recht op zelfbeschikking ook voor de Catalanen geldt. ‘Aan deze getuigen heeft het Spaanse Hooggerechtshof geen behoefte, want zij is perfect op de hoogte van het internationale recht’, zegt zij. Het valt te betwijfelen. Want tot nu toe heeft zij de conclusies van vier Europese rechtbanken in de wind geslagen. Mijn, onze, gevoelens worden bevestigd waar we al bang voor waren: deze zaak van de eeuw is een farce en heeft niets met rechtspraak, met justitie te maken.

 

* De Spaanse regering is een mediacampagne begonnen om het door het Catalaanse conflict geschaadde imago op te vijzelen. De campagne wordt geleidt door minister van BuZa. Deze zegt dat het politiegeweld tijdens het referendum ‘fake news’ is en dat er slechts twee gewonden waren gevallen. Het rapport waarnaar verwezen wordt beschrijft op wetenschappelijk nauwkeurige manier hoe het aantal gewonden geteld zijn.

De rechtenschendingen tegen de Catalaanse leiders

(2448 woorden)

We staan aan het begin van het juridisch proces van deze eeuw. Hoewel de eenentwintigste eeuw nog relatief jong is en er nog heel veel gebeuren zal, is het proces tegen de Catalaanse leiders in onze westelijke wereld, en zeker binnen de EU, tot nu toe eentje met de grootste sociale impact. Niet alleen binnen de Catalaanse en Spaanse samenleving, maar ook op Europees niveau is deze rechtszaak van zeer groot belang. De vele juridische tegenstrijdigheden, het stilzwijgen van Europa en de schendingen van Europese normen en waarden zullen een grote last vormen op de toekomst van de gehele Unie.

De Catalaanse politici en burgerleiders worden aangeklaagd wegens oproer en opruiing omdat zij een referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid hebben georganiseerd of die hebben ondersteund door het houden van vreedzame protestbijeenkomsten. De Duitse justitie weigerde om hun leider, president Puigdemont, niet aan Spanje uit te leveren omdat hij geen enkel geweld heeft gepleegd, maar alleen een referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid had gehouden als beginpunt voor onderhandelingen met de Spaanse overheden. Ook de Schotse, Belgische en Zwitserse justitie kwamen tot de conclusie dat het Catalaanse conflict een politiek probleem is en geen gewelddadige misdaad. Het juridisch proces, tot nu toe bestaande uit de aanklacht van het Openbar Ministerie, die van de volksaanklager (de ultrarechtse politieke partij VOX) en het gerechtelijk vooronderzoek, is dusdanig bedropen van verzinsels en gerechtelijke onregelmatigheden, dat de Belgische openbaar aanklager de aanvraag voor uitlevering aan Spanje zelfs niet eens in behandeling wilde nemen. Let wel, het is de taak van de aanklager om in een rechtszaak de rol van de duivel te spelen. Maar ook daar zijn grenzen aan. Tenminste in een rechtstaat zoals België. Daarnaast schendt het Spaans Hooggerechtshof fundamentele mensen -en burgerrechten op vele punten. Deze rechtenschendingen zijn echter niet alleen tegen de politici en burgerleiders zelf, maar ook tegen de ruim twee miljoen Europese burgers die zij vertegenwoordigen. Hieronder volgen enkele van deze schendingen. De lijst is echter verre van volledig.

Recht van vrije vergadering
Parlementsvoorzitster Carme Forcadell wordt aangeklaagd wegens opruiing omdat zij een politiek debat in het Parlement over de Referendumwet en de Juridische Overgangswet (de voorlopige Catalaanse grondwet) had toegelaten. Verschillende politieke partijen hadden om dit debat gevraagd. Het was de taak van de kamervoorzitster en de leden van het Parlementsbestuur om dit debat op de agenda te zetten. Zoals Carme meerdere malen heeft gezegd: ‘Het Parlement is soeverein (zoals beschreven in het Statuut) en dus alleen verantwoording schuldig aan haar kiezers. Het is de democratische plicht om te praten over alles waar het Catalaanse volk, door middel van haar gekozen Parlement, om vraagt.’ Andere debatten, zoals het installeren van president Puigdemont door middel van een videoconferentie vanuit België, werden door het Hooggerechtshof verboden. De geplande plenaire vergadering op 30 Januari 2018 kon daarom niet doorgaan.

Recht van vrije meningsuiting
Tijdens meerdere debatten in het Catalaanse Parlement werd er anoniem gestemd uit angst voor represailles tegen haar gekozen leden. Ook het referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid op 1 Oktober 2017 werd door het Constitutioneel Hof verboden en met grof politiegeweld geprobeerd tegen te houden. Hierbij vielen 1066 gewonden.

Recht op vrijheid
Alleen indien een verdachte direct gevaar voor de samenleving vormt, zoals terrorisme, mag deze in voorlopige hechtenis worden genomen. Indien iemand slechts vluchtgevaarlijk is, zijn er andere manieren om dit te voorkomen, zoals het afnemen van het paspoort. Het Hooggerechtshof gaf als reden op dat de verdachten in hun gewelddadige misdaad zouden kunnen terugvallen toen zij de burgerleiders en politici in Oktober 2017 en Maart 2018 in voorlopige hechtenis nam.

Ook na de vrijspraak van president Puigdemont door de Duitse justitie (‘de leider van de criminele organisatie’, zoals hij door het OM wordt genoemd), bleven de leiders gevangen. Het lijkt er eerder op dat de gevangenen als politieke gijzelingen worden gebruikt zodat het Hooggerechtshof haar invloed op de Catalaanse politiek en de samenstelling van het democratisch gekozen Parlement kan uitoefenen. De rechtbank verhinderde zowel Puigdemont, de tweede en derde presidentskandidaten Jordi Sànchez en Jordi Turull, om als president te worden geïnstalleerd. Puigdemont en de gevangen leiders werden door dezelfde rechtbank zelfs uit het Catalaanse Parlement gezet. In een democratische rechtstaat is het onoorbaar dat justitie haar invloed op de politiek uitoefent. Dit druist bovendien regelrecht in tegen het internationale recht op politieke deelneming door gevangenen.

Direct nadat enkele leiders gevangen werden gezet, tekenden zij hoger beroep aan bij het Constitutioneel Hof (Tribunal Constitucional of TC) voor hun onmiddellijke vrijlating. Bij hoge uitzondering werden alle aanvragen geaccepteerd om in behandeling genomen te worden. Normaal wordt slechts 1% geaccepteerd. Daar voorlopige hechtenis een urgent geval is, hadden de aanvragen binnen een maand moeten worden behandeld. Nadat de sommige beroepen meer dan een jaar waren ingediend, had het TC nog steeds geen uitspraak gedaan. Hierdoor konden de gevangenen niet naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg. Er zat dus duidelijk een plan van het TC achter om de Catalaanse leiders de weg naar het EHRM te blokkeren. Pas toen vier gevangen politici in hongerstaking gingen, werden hun hoger beroep behandeld. Alle aanvragen voor hun onmiddellijke vrijlating werden door het TC genegeerd.

Recht op een onpartijdige rechtspraak
Het lijkt vanzelfsprekend dat de rechtspraak onpartijdig en onafhankelijk behoort te zijn. Deze voor de hand liggende eis is in Spanje echter geen realiteit. De voorzitter van de rechtzaal waar het proces plaats vindt, Marchena, heeft een aangetoonde politieke voorkeur. Onlangs werd hij door de Partido Popular voorgedragen als voorzitter van de Hoge Juridische Raad. (Het lichaam dat, onder andere, de aanstelling van alle rechters in Spanje regelt.) Toen dit uitlekte via een WhatsApp bericht van de Partido Popular fractievoorzitter in de Senaat Ignacio Cosido (waarin hij zei: ‘Nu hebben we de volledige controle over het proces via de achterdeur’), kon Marchena niets anders doen dan zich terugtrekken als kandidaat. Hierdoor bleef hij voorzitter van de strafkamer waar de Catalaanse leiders worden berecht. De aanstelling van Llarena als onderzoeksrechter voor deze zaak was ook tegen de regels van het Hof. Iedere poging van de advocaten om de rechters te wraken bij een andere kamer van ditzelfde Hooggerechtshof werd niet gehonoreerd. Het corporatieve karakter van de gerechtelijke macht is ontegenzeggelijk groot. Het systeem van benoeming van de Spaanse rechters door de politiek is reeds vele malen door de Europese Raad , bij monde van haar  anticorruptiecommissie GRECCO, bekritiseerd.

Recht op verdediging en een redelijke termijn van voorbereiding
De Catalaanse vicepresident Oriol Junqueras en kanselier (Catalaanse minister) van Binnenlandse Zaken Quim Forn werden op Zondag 1 November formeel opgeroepen om de volgende dag in Madrid voor het Hooggerechtshof in Madrid te verschijnen. In de dagen daarvoor moesten zij uit de pers vernemen dat zij mogelijk zouden worden opgeroepen. Volgens internationaal recht moet een aangeklaagde meerdere werkdagen de tijd krijgen om zich op zijn verdediging voor te kunnen bereiden. De kamer van het Hooggerechtshof die het gerechtelijk vooronderzoek doet, onder leiding van Llarena, schendt hiermee dit internationaal recht.

Ook de kamer van het Hooggerechtshof die belast is met de hoorzittingen, onder leiding van Marchena, heeft dit recht reeds geschonden. In verband met de aanstaande hoorzittingen worden de Catalaanse leiders wederom niet vrij gelaten om met hun advocaten te kunnen overleggen en een strategie voor hun verdediging uit te werken, krijgen zij tijdens de drie maanden durende marathonzittingen niet de nodige rust, slaap en maaltijden en moeten zij dagelijks van en naar de gevangenissen worden vervoerd. Een ware uitputtingslag die de mogelijkheid voor het redelijk voorbereiden van verdediging moeilijk, zoniet onmogelijk, maakt. Het argument van het Hooggerechtshof is dat de Catalaanse president Torra zijn ambtscollega Puigdemont, welke in België verblijft,  regelmatig bezoekt. Daarnaast zouden de gevangenen door hun buitenlandse contacten vluchtgevaarlijk zijn. Dus omdat een politicus een andere politicus in het buitenland bezoekt, mogen de Catalaanse gevangenen niet vrij. Maar het TC blijft volhouden dat de Catalaanse leiders geen politieke gevangenen zijn. Rechter Marchena zei letterlijk: ‘we vervolgen geen ideeën, maar alleen hun daden.’ Hun daad bestond uit het organiseren van een referendum, niet uit het organiseren van een militair gewapende opstand (oproer) of het aanzetten daartoe (opruiing), waarvoor ze worden aangeklaagd. Hetzelfde Hof heeft deze aanklacht, een verzinsel vol met fouten, verdraaiingen en directe onwaarheden van het OM, zonder omhalen geaccepteerd. Bovendien is het Hooggerechtshof van criterium veranderd. Voorheen werden de Catalaanse leiders niet vrijgelaten omdat ze zouden kunnen terugvallen in ‘hun misdadig en gewelddadig gedrag’. Nu is het excuus dat ze vluchtgevaarlijk zouden zijn. Het veranderen van een criterium in een procesgang is een juridische onregelmatigheid waardoor het gerechtelijk proces geannuleerd zou moeten worden. Dat was ook de rede waarom het Belgische OM de aanvraag voor uitlevering van Puigdemont niet in behandeling wilde nemen.

De advocaat van vicepresident Junqueras, Andreu van den Eynde, eist van het TC dat zij zich uitspreekt over zijn vrijlating nog voordat het proces zal beginnen. Zoniet, dan zal hij een aanklacht bij het EHRM in Straatsburg indienen. Het precedent van de Koerdische oppositieleider Demitras geldt, in theorie, ook voor de Catalaanse gevangen leiders. Het TC, de laatste strohalm van de Spaanse justitie om haar gezicht niet te verliezen, wil het EHRM niet al te zeer voor het hoofd stoten door dit precedent te negeren. Het TC is daarom verdeeld over de uitspraak die zij nog nemen moet.

De datum van het begin van het gerechtelijk proces is nog steeds niet afgekondigd. In eerste instantie ging het gerucht uit dat het proces op vijf Februari zou beginnen. Later werd dit verschoven naar ‘rond twaalf Februari’. Met de aankondiging van de datum van de hoorzittingen wordt ook de formele tekst van de aanklachten van het OM en van de volksaanklager VOX, het geaccepteerde bewijsmateriaal en welke getuigen zullen worden verhoord, bekend gemaakt. Zolang dit niet bekend is, kunnen de advocaten het in totaal 1300 pagina ‘s tellende document niet bestuderen en zich redelijkerwijs op de verdediging voorbereiden. De advocaten hebben hierover geklaagd en eisen een redelijke termijn voor het voorbereiden van de verdediging. Het Hooggerechtshof schuift de schuld terug op de verdediging omdat deze zoveel bewijsmateriaal heeft ingestuurd. Hoewel de datum van het begin van het gerechtelijk proces nog onbekend is, zijn de gevangenen afgelopen 1 Februari al overgebracht van de gevangenissen in Catalonië naar die in Madrid. De meer dan 500 kilometer lange afstand vergemakkelijkt natuurlijk niet het contact van de gevangenen met hun familie, vrienden en collega ‘s voor de morele steun. Om maar niet te spreken over de broodnodige communicatie met hun advocaten.

Recht op een proces in jurisdictie van gepleegde daad
Een gerechtelijk proces moet worden gehouden in de jurisdictie waar de veronderstelde misdaad heeft plaats gevonden. In dit geval is dat Catalonië, waar het referendum plaats vond. De leiders zouden dus door het Catalaans Hooggerechtshof in Barcelona moeten worden berecht en niet door het Spaans Hooggerechtshof in Madrid. Het Spaans Hooggerechtshof argumenteert dat geheel Spanje door het gehouden referendum werd benadeeld. Een non-argument daar de plaats van een rechtszaak nooit afhankelijk is van waar het slachtoffer vandaan komt. Slechts een aantal politici, zij die worden aangeklaagd wegens misbruik van overheidsgeld, worden in Catalonië berecht.

Recht op een proces in eigen taal
Een aangeklaagde heeft het recht dat een proces in zijn eigen moedertaal wordt gehouden. Dit is vastgelegd in het ‘Europees Handvest voor regionale talen of talen van minderheden’ welke Spanje in 2001 heeft ondertekend. Het gebruik van een tolk tijdens hoorzittingen weergeeft de interpretatie van de tolk en niet de gedachten van de aangeklaagde. Bovendien bemoeilijkt het gebruik van een tolk de gehele procesgang.

De aangeklaagden die door het Spaans Hooggerechtshof worden berecht, kunnen niet in hun eigen taal de hoorzittingen voeren en moeten alle geschreven documenten in het Spaans lezen. Al het aangevoerde bewijsmateriaal in het Catalaans wordt niet door de rechtbank vertaald en dus mogelijk genegeerd. Catalaanse documenten die wel vertaald zijn, zijn vaak foutief omgezet naar het Spaans.

De voorzitter van de rechtbank, Marchena, negeert de aanvraag om het proces in het Catalaans te voeren door te zeggen: “Hoe het ook zij, om een proces afhankelijk te maken van de moedertaal van professionelen die de verdediging voeren, leidt tot de absurditeit dat men ontkent dat dit recht geldt bij bijvoorbeeld het Europese Hof voor de Rechten van de Mens”. Met deze kronkelige zin ontkent hij dus dat het Catalaans irrelevant is als officiële taal bij het EHRM. Hiermee negeert Marchena, opperrechter van het Hooggerechtshof die op de hoogte zou moeten zijn, dat Andorra, met het Catalaans als officiële taal, ook onder de jurisdictie van het EHRM valt en daarom het Catalaans er officieel gebruikt wordt. Uit het neerbuigende woordgebruik van Marchena lijkt het bovendien dat hij niet geheel onpartijdig is.

Recht op hoger beroep
Een aantal van de aangeklaagden zullen worden berecht door het Catalaanse Hooggerechtshof in Barcelona. Anderen, de top van de Catalaanse politie, worden door het Audiencia Nacional in Madrid berecht. Indien zij schuldig worden bevonden, kunnen zij alleen in hoger beroep kunnen gaan bij het Spaans Hooggerechtshof. Maar omdat ditzelfde Hooggerechtshof de gevangen politici en burgerleiders berecht en dus al een mening heeft gevormd, is zo ‘n hoger beroep niet mogelijk.

Recht van veronderstelde onschuld
Er is geen twijfel mogelijk dat dit gerechtelijk proces een farce is, dat de Catalaanse leiders als schuldigen worden behandeld en dat het oordeel reeds is vastgesteld. International Trial Watch (ITW) organiseert daarom waarnemers van dertien organisaties, waaronder Euromed, Amnistia Internacional, Human Rights Watch en American Bar Association, om het proces bij te wonen. Het OM wil echter geen internationale waarnemers bij het proces. De Spaanse Openbare hoofdaanklager, de door de socialistische regering aangestelde María José Segarra, zei letterlijk: “We gaan geen waarnemers toelaten, want we hebben niets te verbergen.” Kan het tegenstrijdiger? Daarnaast gebruikt het OM het excuus dat de hoorzittingen per direct op TV worden uitgezonden. ITW bekritiseerd de houding van het OM en zegt dat zij met dit argument aantoont dat zij geen idee heeft wat het waarnemen van een rechtzaak inhoudt. De voorzitter van het college van advocaten in Madrid sloot zich bij de mening van het OM aan. Vooralsnog heeft het Hooggerechtshof zelf niet gezegd of de waarnemers al dan niet tot de rechtszaal zullen worden toegelaten.

Nawoord
Het Hooggerechtshof maakte vlak na dit schrijven bekend dat de hoorzittingen op twaalf Februari zullen beginnen. Ook zegt het Hof dat er wegens ruimtegebrek geen internationale waarnemers tot de rechtszaal worden toegelaten. Het Hof vindt het voldoende dat de hoorzittingen direct per TV worden uitgezonden. Ook de lijst met geaccepteerde getuigen werd gepubliceerd. Ignacio Cosido, die het WhatsApp bericht verstuurde waaruit bleek dat de voorzitter van de rechtbank gelieerd is aan de PP, wordt niet opgeroepen als getuige. Hier had de verdediging om gevraagd. Dit geldt ook voor Nobelprijswinnaar Noam Chomski, specialist op het gebied van mensenrechten en afgezant van de VN, en president Puigdemont omdat hij in Spanje verdachte in deze zaak (ondanks dat hij in Duitsland werd vrijgesproken en wereldwijd vrij man is).