Na anderhalf jaar eindelijk het woord

(1359 woorden, maar laat je niet afschrikken)

Gerechtelijk proces in de Spaanse taal
Op de derde dag van het gerechtelijk proces tegen de Catalanen komen de de aangeklaagden zelf aan het woord. De sessie begint met de mededeling van de voorzitter van de rechtzaal, Marchena, dat de aangeklaagden de vragen van de aanklagers en hun advocaat in hun moedertaal mogen beantwoorden. Er zal echter geen simultane vertaling plaats vinden, maar sequentieel met een tolk. De reden daarvoor is dat het hoogste gerechtshof van het multiculturele Spanje dat al haar etnische minderheden zo erg bemint, niet genoeg oortelefoontjes heeft voor de aanwezigen bij dit proces.

Sinds 1992 is er het Europees Handvest voor regionale talen of talen van minderheden. Hoewel de Catalaanse taal op Europees niveau met 11 miljoen sprekers bepaald geen minderheidstaal is, heeft Spanje deze aanbevelingen van de Europese Raad ondanks herhaaldelijke waarschuwingen al die jaren systematisch genegeerd. Dit culmineerde in de uitspraak van het Constitutionele Hof tegen het nieuwe Catalaanse Statuut in 2010. Deze uitspraak zegt dat het Catalaans niet als hoofdvoertaal in de eigen regio gebruikt kan worden, zoals in het Statuut beschreven staat en door de Catalaanse bevolking en Spanje was overeengekomen, omdat de Catalanen geen eigen volk vormen. Deze minachting voor de Catalaanse identiteit en cultuur was de directe aanleiding dat de Catalanen onafhankelijk van Spanje wilden worden. Zou Spanje deze Europese aanbevelingen wel hebben ogevolgd, dan zou dit gehele politieke conflict dus nooit hebben bestaan en had Marchena zich deze hele rechtszaak kunnen besparen.

Maar om niet nog meer verwarring te brengen in dit gerechtelijk proces, besluiten de Catalaanse leiders vandaag de vragen direct in het Spaans te beantwoorden. Vicepresident Oriol Junqueras, die tussen de 12 jaar (de eis van de landsadvocaat) en 74 jaar (de eis van VOX) gevangenisstraf boven het hoofd hangt, zegt dat hij dit erg graag doet want hij vind het Spaans een mooie taal en vind het ook blangrijk dat alle Spanjaarden zijn argumenten kunnen horen. Dat het gebruik van de Spaanse taal voor de Catalanen ook problemen geeft blijkt bij de ondervraging van Quim Forn, minister van BiZa en politiek hoofd van de Catalaanse politie de Mossos d’Esquadra. In tegenstelling tot Junqueras, accepteert Forn ook de vragen van de Openbaar aanklager en de landsadvocaat te beantwoorden. De eerste spreekt soms nogal onduidelijk zodat Forn herhaaldelijk moet vragen wat deze precies zegt. De boodschap is duidelijk: de aanklagers en rechters spelen een thuiswedstrijd. De beschuldigden moeten zich in alle aspecten maar zien te redden met hun uitwedstrijd.

Junqueras houdt zijn betoog (en geeft les aan de magistraten in democratie)
De ex-vicepresident wilde alleen vragen van zijn advocaat beantwoorden. Aangezien dit proces een politieke rechtszaak en een farce is, weigert hij de vragen van de Spaanse openbaar aanklager, de landsadvocaat en de volksaanklager, de fascistische politieke partij VOX, te beantwoorden. Hij hield een bijzonder goed betoog en was heel erg didactisch. Precies zoals hij gewend is in zijn lessen op de universiteit. ‘Wat is uw beroep?’ ‘Momenteel ben ik politiek gevangene.’ Bij het protest voor de deur van EZ: ‘Het was helemaal niet gewelddadig. De mensen zongen liedjes, zoals El Virolai (de psalm van Montserrat). Misschien dat u deze kent?’ Natuurlijk kent de Spaanse Openbaar aanklager geen Catalaanse liedjes. En helemaal geen religieuze. Hij wees er nogmaals met klem op dat stemmen niet illegaal kan en mag zijn in een democratie. ‘Bovendien is het verbod van een referendum in 2005 uit de strafwet gehaald’, argumenteerde hij. ‘Wat wel illegaal zou moeten zijn in een democratie, is het verbieden en tegenhouden van het stemmen met geweld.’ En: ‘Er staat nergens in geen enkele Spaanse wet dat het verwezenlijken van de Catalaanse onafhankelijkheid op een vreedzame, democratisch en geciviliseerde manier verboden is. Nergens staat dat.’ Verder zei hij: ‘Altijd hebben we open gestaan voor dialoog, maar de andere stoel aan de onderhandelingstafel (en wees naar de andere zijde van het tafeltje waar hij aan zat met de imaginaire, niet-bestaande lege stoel) was altijd leeg, altijd. In plaats daarvan bracht men het politieke probleem naar de rechtbank.’ Toen de voorzitter van de rechtbank een pauze inlaste zei hij: ‘Jammer, want na anderhalf jaar gedwongen zwijgen wil ik graag mijn visie vertellen en ben nu eindelijk goed op dreef’.

Quim Forn haalt de argumenten van de aanklager stuk voor stuk onderuit
Omdat Forn ook de vragen van de openbaar aanklager en van de landsadvocaat wilde beantwoorden, duurde deze sessie langer dan die van Junqueras. Het is indrukwekkend om hem voor het eerst sinds 15 maanden weer te zien en te horen. Forn verscheen ook op de Nederlandse TV na de terroristische aanslagen in Barcelona en Cambrills. Hij lijkt magerder en ziet er vermoeid uit. In zijn boek dat hij tijdens zijn gevangensschap schreef, zegt hij dat hij slecht tegen de autoritten in de geblindeerde politiebusjes kan. Iedere dag moeten zij van en naar de gevangenissen worden gebracht, een rit van ruim drie kwartier, dat hem ziek maakt. Het Spaans Hooggerechtshof heeft geen faciliteiten voor het in bewaring stellen van verdachten. (!) Bovendien hoest hij tijdens het beantwoorden van de vragen regelmatig. De onverwarmde gevangenis op de hoogvlakte van Madrid eist haar tol. Zoals gezegd, de aangeklaagden spelen hier een uitwedstrijd met alle nadelen van dien. De sessie van Forn was meer technisch van aard.

Bij de ondervraging van het OM maakte hij duidelijk dat hij voor de Catalaanse onafhankelijkheid is en als politicus daarom ook zijn werk deed volgens het democratisch mandaat dat hij als minister had. Daarentegen bestuurde hij de Mossos zonder dat deze politiek betrokken werden. Zij deden gewoon hun werk: het toepassen van de wet en deden alles binnen de heilige, onaantastbare Spaanse grondwet uit 1978 die met het pistool van de Franco militairen op tafel en met stemfraude in een referendum werd aangenomen. De aanklager vroeg Forn of hij lid is van de burgerbewegingen Assemblea Nacional Catalana (ANC) en Omnium Cultural. Op zijn bevestigende antwoord vroeg de magistraat door of hij wist wat deze burgerbewegingen nastreven. Quim antwoordde dat hij maandelijks zijn lidmaatschap betaald maar niet actief lid bij deze onafhankelijkheidsbewegingen is en dat politieke burgerbewegingen de meest normale zaak van de wereld is in de westerse democratieën. De vragen van het OM over de idealen van Forn en zijn lidmaatschappen toont voor de zoveelste maal aan dat dit proces politieke van aard is. Op een gegeven moment vroeg de aanklager over een bepaald rapport of politiedocument. Forn zei dat er een vertaalfout van het Catalaans naar het Spaans was gemaakt waardoor het document een totaal andere betekenis krijgt. Zijn advocaat interrumpeerde de ondervraging door de rechtbank er op te wijzen dat de verdediging verscheidene malen (!) op deze fout had gewezen. Één voor één wist de Catalaanse minister van BiZa de overdrijvingen en manipulaties van de openbaar aanklager onderuit te halen:

OM: ‘op 20 September vernielden de protesterende mensen 7 auto’s van de Spaanse Staat.’ Forn: ‘Volgens de informatie die ik heb stonden twee auto’s van de Guardia Civil voor de deur van het ministerie van EZ geparkeerd’

OM: ‘De auto ‘s bevatten vuurwapens die hadden kunnen leiden tot een gewelddadig gewapende opstand.’ Forn: ‘ Het onbeheerd achterlaten van wapens in een onafgesloten auto is de verantwoordelijkheid van de Guardia Civil.’

OM: De Policia Nacional en Guardia Civil werden op 1 Oktober aangevallen door een muur van mensen.’ Forn: ‘ De gehele wereld heeft de beelden van het politiegeweld tegen vreedzame mensen gezien die wilden gaan stemmen.’

Minister van BiZa Quim Forn toonde duidelijk aan dat de gehele rechtszaak geen juridische grond heeft, maar politiek gemotiveerd is. Maar wie had anders gedacht met een aanklacht die de titel draagd: ‘Des te groter zal hun nederlaag zijn’.

Verkiezingen tijdens het proces
Het proces duurt nu drie dagen. Het staat 0-3 voor de uitspeler, de Catalanen. En Pedro zal met grote waarschijnlijkheid morgen bekend maken dat hij vervroegde verkiezingen uitschrijft. Want de steun van de Catalanen is hij welverdient kwijt. Het gerechtelijk proces zal dan tijdens een verkiezingscampagne plaats vinden. Dit wilde het Hooggerechtshof, met de Europese-en gemeenteraadsverkiezingen voor de deur, ten koste van alles voorkomen om iedere politieke invloed op de rechtszaak te voorkomen. Een lastige taak trouwens, met de fascistische partij VOX als aanklager die met dit proces bovendien gratis zendtijd voor politieke partijen krijgt. Zoals het Catalaanse spreekwoord zegt: No vols caldo? dues tasses! (Wil je geen soep? dan twee kommen!)

 

Mannen en vrouwen van eer.
Please follow and like us:

Proloog van het juridisch proces: de verdediging aan het woord

(585 woorden)

De eerste en tweede dag van de gerechtelijke verhoren tegen de Catalaanse leiders bestaat uit het proloog. Op dit moment kunnen de advocaten en aanklagers zich uiten over de gang van het proces in het algemeen, de aangevoerde bewijsstukken en geaccepteerde en geweigerde getuigen.

Op de eerste dag was het de beurt van de verdediging om te spreken. Zij gingen direct in de aanval over tegen het gerechtelijk vooronderzoek, de talrijke procedurefouten, de schendingen van de burgerrechten en politieke rechten van de Catalaanse leiders, de twijfel van objectiviteit van de rechtbank, de korte termijn om alle documenten te kunnen bestuderen of dat de verdediging sommige stukken zelfs niet ontvangen heeft en de haast die het Hooggerechtshof wil maken om klaar te zijn met de verhoren voordat de Europese verkiezingen plaats zullen vinden. Hieronder volgen enkele uitspraken.

Andreu van den Eynde, advocaat van Junqueras en Romeva:
Over het onafhankelijkheidsstreven: ‘Er is geen enkele internationale wet, en geen Europese, die de substantiële afscheiding van een eenheid verbiedt. Zelfbeschikking is synoniem voor vrede en niet voor oorlog.’

Over de gevangenneming van de Catalaanse leiders: ‘De beschuldigden is hun het recht ontnomen van veronderstelde onschuld en door hun uitzetting als volksvertegenwoordigers uit het Parlement of het tegenhouden om als president worden geïnstalleerd, ondanks dat zij gekozen zijn, worden zij geassocieerd met terroristen.’

Over fundamentele rechten: ‘Junqueras (vicepresident Catalaanse regering) heeft men uit de politieke arena verwijdert. Deze zaak valt politieke dissidentie aan en gaat tegen het recht van protest in. Alle rechten van de Spaanse grondwet zijn hem beperkt in dit proces. Tot en met het recht van uitoefening van cultuur, want mijn cliënt Junqueras kon in de gevangenis niet naar de kerkdienst gaan.’

Jordi Pina, advocaat van Sánchez, Rull en Turull
Over koning Felip VI: ‘Ik denk dat de rechtbank een fout begaat door de koning te verbieden om te getuigen. Een ding is verbieden, iets anders is dat hij er niet toe verplicht is. Indien de aanklacht is gebaseerd op de rede van 3 Oktober, is het logisch om de koning als getuige te ondervragen.

Kritiek tegen de rechters: ‘Mijn vraag aan u is dat u zult handelen als rechters, en niet als nationale helden. Ik heb de indruk dat wat men hier tracht te doen is zich als rechters van dit tribunaal voor te doen maar in werkelijkheid beschermers zijn van de Spaanse eenheid. Wat ik u vraag is om als rechters te oordelen, niet als redders van de patria. Want daar gaat dit gerechtelijk proces niet over.’

Over de haast van het tribunaal om de hoorzittingen voor de verkiezingen te beëindigen: ‘We zouden ons geen zorgen moeten maken of er op 26 Mei Europese-en gemeenteraadsverkiezingen zijn of de finale van de Champions League.’

Benet Salelles, advocaat van Cuixart
Over het recht op protest:’ De aanklager schrijft vijftig pagina ‘s die alleen maar gaan over de beschuldiging vanwege vreedzame protestdemonstraties. Het past niet in een democratische staat van de eenentwintigste eeuw om dit als misdadig gedrag te beschouwen.’

Over het referendum: ‘Deze rechtzaak kan uitlopen op een proces tegen de fundamentele rechten. De boodschap die het uitdraagt is dat het gevaarlijk is voor hen die de democratie uitoefenen. In een democratisch systeem kan een referendum nooit een misdaad zijn.’

Over democratie: ‘Deze gehele strafzaak gaat tegen het wezen in van een democratische staat. Het is een collectieve ondergang van de Spaanse democratie en had nooit mogen beginnen. Als men het toch uitvoert, dan beland het systeem in een universum van niet te herstellen gevaren.

Please follow and like us:

Ik beschuldig (Jo acuso)

(660 woorden)

Vandaag is de rechtszaak tegen EU lidstaat Spanje begonnen. Onder toeziend oog van de internationale pers beschuldigen de Catalaanse politici en burgerleiders de regeringen van Spanje, de PP regering van Mariano Rajoy en de PSOE regering van Pedro Sánchez, dat zij van een politieke onenigheid een juridische zaak hebben gemaakt. In plaats dat zij de wens van de Catalanen om onafhankelijk van Spanje te worden oplossen door te praten, te overleggen en er over te stemmen, heeft Spanje de organisatoren van het referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid voor het gerecht gesleept.

De Audiencia Nacional en het Hooggerechtshof hebben de politici en de burgerleiders vervolgens onder valse voorwendselen van hun vrijheid beroofd en hen in het schavot gestopt. Het Openbaar Ministerie van Spanje heeft toen, samen met de onderzoeksrechter van het Hooggerechtshof, de Audiencia Nacional en andere rechtbanken een politieke proza tegen de politici en burgerleiders opgesteld wegens rebellie en aanzet tot tumulteuze opstand. Het Spaanse OM baseert haar aanklacht op geen enkel feit, want die zijn er gewoonweg niet.

Het gerechtelijk vooronderzoek zit dusdanig vol met juridische ongeregeldheden dat zij bij de Europese aanvragen voor uitlevering van de Catalaanse politici de justitie elders in Europa tot wanhoop bracht. Maar het resulteerde niet tot uitlevering. De Duitse justitie van Sleeswijk-Holstein weigerde de leider van de zogenaamde ‘tumulteuze opstand’, de Catalaanse president Carles Puigdemont, aan Spanje uit te leveren.

Het Hooggerechtshof laat de Catalaanse gevangenen, die zich bij herhaling vrijwillig bij de rechtbank hebben gemeld toen ze voor verhoor werden opgeroepen, tijdens het proces niet vrij. Want ‘het gevaar voor vluchten voor de Spaanse justitie zou extreem hoog zijn’. Hierdoor kunnen de Catalanen zich niet samen met hun advocaten voorbereiden op hun verdediging. Zij en hun advocaten krijgen bovendien pas op het allerlaatste moment toegang tot de benodigde documenten over het proces, of soms zelfs helemaal niet. Maar het Hooggerechtshof weigert ieder uitstel van het proces.

De rechtbank laat geen internationale waarnemers toe want, zo argumenteert zij, ‘dat is alleen de gewoonte in dictatoriale regimes, maar niet in een democratische rechtsstaat zoals Spanje. Bovendien is de rechtszaal te klein om ook nog tien internationale waarnemers toe te laten’.

De Catalaanse vicepresident, de ministers, de voorzitster van het Parlement en de leiders van de burgerbewegingen ANC en Omnium Cultural  klagen het Spaanse Hooggerechtshof en het Audiencia Nacional daarom aan dat zij onrechtmatig van hun vrijheid worden berooft, dat hun burgerrechten en politieke rechten, en die van het Catalaanse volk dat hen gekozen heeft, worden geschonden en dat zij geen eerlijk proces krijgen. Zij klagen de Spaanse justitie aan dat haar normen niet overeenkomen met die van justitie elders in Europa. Waar de Belgische, Zwitserse, Schotse en Duitse justitie verdachten beoordelen op voldongen feiten, verdenkt en veroordeelt de Spaanse justitie haar burgers op basis van hun politieke overtuiging.

Zij klagen het Constitutioneel Hof aan omdat deze een oordeel over hun beroepszaken tegen hun onvoorwaardelijke gevangenneming onrechtmatig lang uitstelde. Alleen hongerstakingen van de Catalaanse gevangenen brachten dit Hof er toe dat zij pas na een jaar, in plaats van de wettelijk maximale termijn van een maand, haar oordeel gaf over hun onmiddelijke vrijating.  Dit oordeel luidde: ‘geweigerd’.

De Catalaanse leiders klagen de Spaanse justitie en de politie aan dat deze hen vernedert en mishandelt, tegen de grenzen van marteling aan.

De Catalaanse politieke gevangenen klagen Spaanse staat aan omdat de gerechtelijke macht zich direct bemoeit met de samenstelling van het democratisch gekozen Catalaanse Parlement. De onderzoeksrechter van het Hooggerechtshof  legt het Catalaanse Parlement op wie er wel en wie er niet mag stemmen en wie wel of niet als president van de regering mag worden aangesteld.

In de komende weken en maanden zullen de Catalaanse leiders, welke ironisch genoeg zelf in de beklaagdenbank zitten, aantonen dat Spanje een despotische, autoritaire en ondemocratische staat is die het onwaardig is om bij de westelijke democratische gemeenschap gerekend te worden.

‘Ik beschuldig’ (J’acuse) is een geschrift uit 1898 van schrijver Emile Zola tegen de politieke aanklacht van de Franse staat versus kapitein Dreyfus. Het lijkt er op dat we na 120 jaren niet erg zijn opgeschoten.

Please follow and like us:

Het Spaans Hooggerechtshof: weigering van internationale waarnemers en partijdige selectie van getuigen

(900 woorden)

De aanklacht van het OM
Ik wist het wel. Het gerechtelijk vooronderzoek zat al vol met juridische onregelmatigheden. De aanklacht die de inmiddels overleden Openbaar Hoofdaanklager van Spanje schreef was een puur verzinsel, een politieke proza. Dat zeg niet ik (Wie ben ik? Ik ben geen jurist!), maar dat zeggen honderden juristen en gespecialiseerden in het constitutioneel recht, in Spanje zelf en daarbuiten. Een verzinsel zoals dat de leiders voor de Catalaanse onafhankelijkheid militair geweld gepleegd zouden hebben omdat de Policia Nacional en Guardia Civil op de stemmers insloegen, trapten en schopten, met in totaal 1066 (bevestigde!)* gewonden, omdat zij dit geweld zouden hebben uitgelokt door het organiseren van een referendum. Nota bene: de slachtoffers worden in deze mega rechtzaak aangeklaagd! (Het is jouw schuld, want je liep in een minirokje. Arme aanrander!) Ik voelde het weliswaar aankomen omdat de nieuwe, zogenaamde progressieve Openbaar Hoofdaanklager, een vrouw en aangesteld door de socialistische (niet ultrarechtse, extreem rechtse of gewoon rechtse, nee: linkse!) president van Spanje, het gedrocht van haar voorgangener integraal overneemt. Alleen de naam van Puigdemont werd eruit gewist. Want dat rijmt niet met de uitspraak van Schleswijk-Holstein die hem vrijsprak van geweld. Nu beweert het OM dat hij slechts een stroman van vicepresident Junqueras was, die wel gevangen zit en voor het gerecht zal verschijnen. Maar dat is slechts een detail.

Een te verwachtte teleurstelling
En toch valt het tegen. De weigering om internationale waarnemers tot de rechtzaal toe te laten met als excuus: ‘Het wordt op TV uitgezonden, dus iedereen kan het proces volgen’. Het laatste woord is daarover nog niet gezegd. Het team van waarnemers heeft een onderhoud met de voorzitter van de rechtzaak aangevraagd. Het is een bittere pil, een trieste realiteit. Ergens had ik nog de hoop dat de rechtbank, voorgezeten door een andere rechter, Marchena heet ie, anders zou zijn dan de rechter die het vooronderzoek heeft gedaan, de inmiddels welberuchte Pablo Llarena, en dat de rechtzaak een positieve wending zou krijgen die zou resulteren in een eerlijke en onpartijdige justitie die alleen maar kan leiden tot volledige vrijspraak. Helaas, het is niet zo. Zoals hier in Catalonië en Spanje al vaak en uitgebreid is geschreven en is bekritiseerd door de Europese GRECCO commissie, de rechters van de hogere rechtbanken (het Hooggerechtshof, Constitutioneel Hof en Audiencia Nacional) vormen een sterke corporatieve club waar men elkaar, en de koning, de hand boven het hooft houdt en baantjes toeschuift aan vrienden en familie.

De getuigen van de aanklagers
Zonder uitzondering worden alle getuigen die de Landsadvocaat, het Openbaar Ministerie en de volksaanklager, de ultrarechtse en nationalistische politieke partij VOX (kun je je voorstellen dat de secretaris van een ultrarechtse politieke partij die binnenkort meedoet met de gemeenteraadsverkiezingen en de Europese verkiezingen, een zetel heeft als aanklager in een rechtzaak tegen andere politici?) hadden voorgesteld, door het Hooggerechtshof geaccepteerd. Onder andere de Spaanse ex-president Rajoy en ex-vicepresidente Soraya Sáenz de Santamaría (SSS) zullen aan het woord worden gelaten. Als gevolg van de corruptie van hun partij, de Partido Popular, zijn zij beiden inmiddels geheel van het politieke toneel verdwenen. Door hen als getuigen op te roepen, zullen zij echter met hun faliekante fout worden geconfronteerd, de allergrootste fout die Spanje de afgelopen veertig jaar heeft begaan. Want zij hebben een politiek probleem als een misdaad afgehandeld en deze voorgelegd aan justitie. Een justitie die haar eigen beloop heeft, waardoor de Spaanse politici geen controle meer hebben over het conflict met Catalonië. Deze door Rajoy en SSS onvergefelijke fout zal verregaande consequenties hebben voor de toekomst van Spanje.

De getuigen van de aangeklaagden
De getuigen die door de verdediging worden voorgesteld worden daarentegen niet allemaal door de rechtbank geaccepteerd. Een twintigtal getuigen die Jordi Cuixart, voorzitter van de Catalaanse cultuurorganisatie, had voorgesteld worden geweigerd. Één daarvan is de fractievoorzitter van de PP in de Spaanse Senaat wiens WhatsApp bericht aantoonde dat Marchena directe banden heeft met de PP partij en dus partijdig is in dit politieke proces. Ook de hoofdrolspelers in deze klucht, koning Felipe VI, of zijn woordvoerder, en de Catalaanse president Puigdemont worden niet toegelaten. Scotland Yard, een internationaal gerespecteerd instituut op het gebied van misdaadbestrijding, onderzocht de protestdemonstratie op 25 September 2017 en kwam tot de conclusie dat Cuixart geen aanleiding had gegeven tot geweld. Ook dit instituut kan niet getuigen om haar mening te geven. Daarnaast worden alle internationale deskundigen in mensenrechten, inclusief Nobelprijswinnaar Noam Chomski en andere advocaten die aan de VN verbonden zijn, geweigerd. Hun getuigenissen zouden moeten aantonen dat fundamentele, politieke en burgerrechten door het Hooggerechtshof worden geschonden en dat het recht op zelfbeschikking ook voor de Catalanen geldt. ‘Aan deze getuigen heeft het Spaanse Hooggerechtshof geen behoefte, want zij is perfect op de hoogte van het internationale recht’, zegt zij. Het valt te betwijfelen. Want tot nu toe heeft zij de conclusies van vier Europese rechtbanken in de wind geslagen. Mijn, onze, gevoelens worden bevestigd waar we al bang voor waren: deze zaak van de eeuw is een farce en heeft niets met rechtspraak, met justitie te maken.

 

* De Spaanse regering is een mediacampagne begonnen om het door het Catalaanse conflict geschaadde imago op te vijzelen. De campagne wordt geleidt door minister van BuZa. Deze zegt dat het politiegeweld tijdens het referendum ‘fake news’ is en dat er slechts twee gewonden waren gevallen. Het rapport waarnaar verwezen wordt beschrijft op wetenschappelijk nauwkeurige manier hoe het aantal gewonden geteld zijn.

Please follow and like us:

De rechtenschendingen tegen de Catalaanse leiders

(2448 woorden)

We staan aan het begin van het juridisch proces van deze eeuw. Hoewel de eenentwintigste eeuw nog relatief jong is en er nog heel veel gebeuren zal, is het proces tegen de Catalaanse leiders in onze westelijke wereld, en zeker binnen de EU, tot nu toe eentje met de grootste sociale impact. Niet alleen binnen de Catalaanse en Spaanse samenleving, maar ook op Europees niveau is deze rechtszaak van zeer groot belang. De vele juridische tegenstrijdigheden, het stilzwijgen van Europa en de schendingen van Europese normen en waarden zullen een grote last vormen op de toekomst van de gehele Unie.

De Catalaanse politici en burgerleiders worden aangeklaagd wegens oproer en opruiing omdat zij een referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid hebben georganiseerd of die hebben ondersteund door het houden van vreedzame protestbijeenkomsten. De Duitse justitie weigerde om hun leider, president Puigdemont, niet aan Spanje uit te leveren omdat hij geen enkel geweld heeft gepleegd, maar alleen een referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid had gehouden als beginpunt voor onderhandelingen met de Spaanse overheden. Ook de Schotse, Belgische en Zwitserse justitie kwamen tot de conclusie dat het Catalaanse conflict een politiek probleem is en geen gewelddadige misdaad. Het juridisch proces, tot nu toe bestaande uit de aanklacht van het Openbar Ministerie, die van de volksaanklager (de ultrarechtse politieke partij VOX) en het gerechtelijk vooronderzoek, is dusdanig bedropen van verzinsels en gerechtelijke onregelmatigheden, dat de Belgische openbaar aanklager de aanvraag voor uitlevering aan Spanje zelfs niet eens in behandeling wilde nemen. Let wel, het is de taak van de aanklager om in een rechtszaak de rol van de duivel te spelen. Maar ook daar zijn grenzen aan. Tenminste in een rechtstaat zoals België. Daarnaast schendt het Spaans Hooggerechtshof fundamentele mensen -en burgerrechten op vele punten. Deze rechtenschendingen zijn echter niet alleen tegen de politici en burgerleiders zelf, maar ook tegen de ruim twee miljoen Europese burgers die zij vertegenwoordigen. Hieronder volgen enkele van deze schendingen. De lijst is echter verre van volledig.

Recht van vrije vergadering
Parlementsvoorzitster Carme Forcadell wordt aangeklaagd wegens opruiing omdat zij een politiek debat in het Parlement over de Referendumwet en de Juridische Overgangswet (de voorlopige Catalaanse grondwet) had toegelaten. Verschillende politieke partijen hadden om dit debat gevraagd. Het was de taak van de kamervoorzitster en de leden van het Parlementsbestuur om dit debat op de agenda te zetten. Zoals Carme meerdere malen heeft gezegd: ‘Het Parlement is soeverein (zoals beschreven in het Statuut) en dus alleen verantwoording schuldig aan haar kiezers. Het is de democratische plicht om te praten over alles waar het Catalaanse volk, door middel van haar gekozen Parlement, om vraagt.’ Andere debatten, zoals het installeren van president Puigdemont door middel van een videoconferentie vanuit België, werden door het Hooggerechtshof verboden. De geplande plenaire vergadering op 30 Januari 2018 kon daarom niet doorgaan.

Recht van vrije meningsuiting
Tijdens meerdere debatten in het Catalaanse Parlement werd er anoniem gestemd uit angst voor represailles tegen haar gekozen leden. Ook het referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid op 1 Oktober 2017 werd door het Constitutioneel Hof verboden en met grof politiegeweld geprobeerd tegen te houden. Hierbij vielen 1066 gewonden.

Recht op vrijheid
Alleen indien een verdachte direct gevaar voor de samenleving vormt, zoals terrorisme, mag deze in voorlopige hechtenis worden genomen. Indien iemand slechts vluchtgevaarlijk is, zijn er andere manieren om dit te voorkomen, zoals het afnemen van het paspoort. Het Hooggerechtshof gaf als reden op dat de verdachten in hun gewelddadige misdaad zouden kunnen terugvallen toen zij de burgerleiders en politici in Oktober 2017 en Maart 2018 in voorlopige hechtenis nam.

Ook na de vrijspraak van president Puigdemont door de Duitse justitie (‘de leider van de criminele organisatie’, zoals hij door het OM wordt genoemd), bleven de leiders gevangen. Het lijkt er eerder op dat de gevangenen als politieke gijzelingen worden gebruikt zodat het Hooggerechtshof haar invloed op de Catalaanse politiek en de samenstelling van het democratisch gekozen Parlement kan uitoefenen. De rechtbank verhinderde zowel Puigdemont, de tweede en derde presidentskandidaten Jordi Sànchez en Jordi Turull, om als president te worden geïnstalleerd. Puigdemont en de gevangen leiders werden door dezelfde rechtbank zelfs uit het Catalaanse Parlement gezet. In een democratische rechtstaat is het onoorbaar dat justitie haar invloed op de politiek uitoefent. Dit druist bovendien regelrecht in tegen het internationale recht op politieke deelneming door gevangenen.

Direct nadat enkele leiders gevangen werden gezet, tekenden zij hoger beroep aan bij het Constitutioneel Hof (Tribunal Constitucional of TC) voor hun onmiddellijke vrijlating. Bij hoge uitzondering werden alle aanvragen geaccepteerd om in behandeling genomen te worden. Normaal wordt slechts 1% geaccepteerd. Daar voorlopige hechtenis een urgent geval is, hadden de aanvragen binnen een maand moeten worden behandeld. Nadat de sommige beroepen meer dan een jaar waren ingediend, had het TC nog steeds geen uitspraak gedaan. Hierdoor konden de gevangenen niet naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg. Er zat dus duidelijk een plan van het TC achter om de Catalaanse leiders de weg naar het EHRM te blokkeren. Pas toen vier gevangen politici in hongerstaking gingen, werden hun hoger beroep behandeld. Alle aanvragen voor hun onmiddellijke vrijlating werden door het TC genegeerd.

Recht op een onpartijdige rechtspraak
Het lijkt vanzelfsprekend dat de rechtspraak onpartijdig en onafhankelijk behoort te zijn. Deze voor de hand liggende eis is in Spanje echter geen realiteit. De voorzitter van de rechtzaal waar het proces plaats vindt, Marchena, heeft een aangetoonde politieke voorkeur. Onlangs werd hij door de Partido Popular voorgedragen als voorzitter van de Hoge Juridische Raad. (Het lichaam dat, onder andere, de aanstelling van alle rechters in Spanje regelt.) Toen dit uitlekte via een WhatsApp bericht van de Partido Popular fractievoorzitter in de Senaat Ignacio Cosido (waarin hij zei: ‘Nu hebben we de volledige controle over het proces via de achterdeur’), kon Marchena niets anders doen dan zich terugtrekken als kandidaat. Hierdoor bleef hij voorzitter van de strafkamer waar de Catalaanse leiders worden berecht. De aanstelling van Llarena als onderzoeksrechter voor deze zaak was ook tegen de regels van het Hof. Iedere poging van de advocaten om de rechters te wraken bij een andere kamer van ditzelfde Hooggerechtshof werd niet gehonoreerd. Het corporatieve karakter van de gerechtelijke macht is ontegenzeggelijk groot. Het systeem van benoeming van de Spaanse rechters door de politiek is reeds vele malen door de Europese Raad , bij monde van haar  anticorruptiecommissie GRECCO, bekritiseerd.

Recht op verdediging en een redelijke termijn van voorbereiding
De Catalaanse vicepresident Oriol Junqueras en kanselier (Catalaanse minister) van Binnenlandse Zaken Quim Forn werden op Zondag 1 November formeel opgeroepen om de volgende dag in Madrid voor het Hooggerechtshof in Madrid te verschijnen. In de dagen daarvoor moesten zij uit de pers vernemen dat zij mogelijk zouden worden opgeroepen. Volgens internationaal recht moet een aangeklaagde meerdere werkdagen de tijd krijgen om zich op zijn verdediging voor te kunnen bereiden. De kamer van het Hooggerechtshof die het gerechtelijk vooronderzoek doet, onder leiding van Llarena, schendt hiermee dit internationaal recht.

Ook de kamer van het Hooggerechtshof die belast is met de hoorzittingen, onder leiding van Marchena, heeft dit recht reeds geschonden. In verband met de aanstaande hoorzittingen worden de Catalaanse leiders wederom niet vrij gelaten om met hun advocaten te kunnen overleggen en een strategie voor hun verdediging uit te werken, krijgen zij tijdens de drie maanden durende marathonzittingen niet de nodige rust, slaap en maaltijden en moeten zij dagelijks van en naar de gevangenissen worden vervoerd. Een ware uitputtingslag die de mogelijkheid voor het redelijk voorbereiden van verdediging moeilijk, zoniet onmogelijk, maakt. Het argument van het Hooggerechtshof is dat de Catalaanse president Torra zijn ambtscollega Puigdemont, welke in België verblijft,  regelmatig bezoekt. Daarnaast zouden de gevangenen door hun buitenlandse contacten vluchtgevaarlijk zijn. Dus omdat een politicus een andere politicus in het buitenland bezoekt, mogen de Catalaanse gevangenen niet vrij. Maar het TC blijft volhouden dat de Catalaanse leiders geen politieke gevangenen zijn. Rechter Marchena zei letterlijk: ‘we vervolgen geen ideeën, maar alleen hun daden.’ Hun daad bestond uit het organiseren van een referendum, niet uit het organiseren van een militair gewapende opstand (oproer) of het aanzetten daartoe (opruiing), waarvoor ze worden aangeklaagd. Hetzelfde Hof heeft deze aanklacht, een verzinsel vol met fouten, verdraaiingen en directe onwaarheden van het OM, zonder omhalen geaccepteerd. Bovendien is het Hooggerechtshof van criterium veranderd. Voorheen werden de Catalaanse leiders niet vrijgelaten omdat ze zouden kunnen terugvallen in ‘hun misdadig en gewelddadig gedrag’. Nu is het excuus dat ze vluchtgevaarlijk zouden zijn. Het veranderen van een criterium in een procesgang is een juridische onregelmatigheid waardoor het gerechtelijk proces geannuleerd zou moeten worden. Dat was ook de rede waarom het Belgische OM de aanvraag voor uitlevering van Puigdemont niet in behandeling wilde nemen.

De advocaat van vicepresident Junqueras, Andreu van den Eynde, eist van het TC dat zij zich uitspreekt over zijn vrijlating nog voordat het proces zal beginnen. Zoniet, dan zal hij een aanklacht bij het EHRM in Straatsburg indienen. Het precedent van de Koerdische oppositieleider Demitras geldt, in theorie, ook voor de Catalaanse gevangen leiders. Het TC, de laatste strohalm van de Spaanse justitie om haar gezicht niet te verliezen, wil het EHRM niet al te zeer voor het hoofd stoten door dit precedent te negeren. Het TC is daarom verdeeld over de uitspraak die zij nog nemen moet.

De datum van het begin van het gerechtelijk proces is nog steeds niet afgekondigd. In eerste instantie ging het gerucht uit dat het proces op vijf Februari zou beginnen. Later werd dit verschoven naar ‘rond twaalf Februari’. Met de aankondiging van de datum van de hoorzittingen wordt ook de formele tekst van de aanklachten van het OM en van de volksaanklager VOX, het geaccepteerde bewijsmateriaal en welke getuigen zullen worden verhoord, bekend gemaakt. Zolang dit niet bekend is, kunnen de advocaten het in totaal 1300 pagina ‘s tellende document niet bestuderen en zich redelijkerwijs op de verdediging voorbereiden. De advocaten hebben hierover geklaagd en eisen een redelijke termijn voor het voorbereiden van de verdediging. Het Hooggerechtshof schuift de schuld terug op de verdediging omdat deze zoveel bewijsmateriaal heeft ingestuurd. Hoewel de datum van het begin van het gerechtelijk proces nog onbekend is, zijn de gevangenen afgelopen 1 Februari al overgebracht van de gevangenissen in Catalonië naar die in Madrid. De meer dan 500 kilometer lange afstand vergemakkelijkt natuurlijk niet het contact van de gevangenen met hun familie, vrienden en collega ‘s voor de morele steun. Om maar niet te spreken over de broodnodige communicatie met hun advocaten.

Recht op een proces in jurisdictie van gepleegde daad
Een gerechtelijk proces moet worden gehouden in de jurisdictie waar de veronderstelde misdaad heeft plaats gevonden. In dit geval is dat Catalonië, waar het referendum plaats vond. De leiders zouden dus door het Catalaans Hooggerechtshof in Barcelona moeten worden berecht en niet door het Spaans Hooggerechtshof in Madrid. Het Spaans Hooggerechtshof argumenteert dat geheel Spanje door het gehouden referendum werd benadeeld. Een non-argument daar de plaats van een rechtszaak nooit afhankelijk is van waar het slachtoffer vandaan komt. Slechts een aantal politici, zij die worden aangeklaagd wegens misbruik van overheidsgeld, worden in Catalonië berecht.

Recht op een proces in eigen taal
Een aangeklaagde heeft het recht dat een proces in zijn eigen moedertaal wordt gehouden. Dit is vastgelegd in het ‘Europees Handvest voor regionale talen of talen van minderheden’ welke Spanje in 2001 heeft ondertekend. Het gebruik van een tolk tijdens hoorzittingen weergeeft de interpretatie van de tolk en niet de gedachten van de aangeklaagde. Bovendien bemoeilijkt het gebruik van een tolk de gehele procesgang.

De aangeklaagden die door het Spaans Hooggerechtshof worden berecht, kunnen niet in hun eigen taal de hoorzittingen voeren en moeten alle geschreven documenten in het Spaans lezen. Al het aangevoerde bewijsmateriaal in het Catalaans wordt niet door de rechtbank vertaald en dus mogelijk genegeerd. Catalaanse documenten die wel vertaald zijn, zijn vaak foutief omgezet naar het Spaans.

De voorzitter van de rechtbank, Marchena, negeert de aanvraag om het proces in het Catalaans te voeren door te zeggen: “Hoe het ook zij, om een proces afhankelijk te maken van de moedertaal van professionelen die de verdediging voeren, leidt tot de absurditeit dat men ontkent dat dit recht geldt bij bijvoorbeeld het Europese Hof voor de Rechten van de Mens”. Met deze kronkelige zin ontkent hij dus dat het Catalaans irrelevant is als officiële taal bij het EHRM. Hiermee negeert Marchena, opperrechter van het Hooggerechtshof die op de hoogte zou moeten zijn, dat Andorra, met het Catalaans als officiële taal, ook onder de jurisdictie van het EHRM valt en daarom het Catalaans er officieel gebruikt wordt. Uit het neerbuigende woordgebruik van Marchena lijkt het bovendien dat hij niet geheel onpartijdig is.

Recht op hoger beroep
Een aantal van de aangeklaagden zullen worden berecht door het Catalaanse Hooggerechtshof in Barcelona. Anderen, de top van de Catalaanse politie, worden door het Audiencia Nacional in Madrid berecht. Indien zij schuldig worden bevonden, kunnen zij alleen in hoger beroep kunnen gaan bij het Spaans Hooggerechtshof. Maar omdat ditzelfde Hooggerechtshof de gevangen politici en burgerleiders berecht en dus al een mening heeft gevormd, is zo ‘n hoger beroep niet mogelijk.

Recht van veronderstelde onschuld
Er is geen twijfel mogelijk dat dit gerechtelijk proces een farce is, dat de Catalaanse leiders als schuldigen worden behandeld en dat het oordeel reeds is vastgesteld. International Trial Watch (ITW) organiseert daarom waarnemers van dertien organisaties, waaronder Euromed, Amnistia Internacional, Human Rights Watch en American Bar Association, om het proces bij te wonen. Het OM wil echter geen internationale waarnemers bij het proces. De Spaanse Openbare hoofdaanklager, de door de socialistische regering aangestelde María José Segarra, zei letterlijk: “We gaan geen waarnemers toelaten, want we hebben niets te verbergen.” Kan het tegenstrijdiger? Daarnaast gebruikt het OM het excuus dat de hoorzittingen per direct op TV worden uitgezonden. ITW bekritiseerd de houding van het OM en zegt dat zij met dit argument aantoont dat zij geen idee heeft wat het waarnemen van een rechtzaak inhoudt. De voorzitter van het college van advocaten in Madrid sloot zich bij de mening van het OM aan. Vooralsnog heeft het Hooggerechtshof zelf niet gezegd of de waarnemers al dan niet tot de rechtszaal zullen worden toegelaten.

Nawoord
Het Hooggerechtshof maakte vlak na dit schrijven bekend dat de hoorzittingen op twaalf Februari zullen beginnen. Ook zegt het Hof dat er wegens ruimtegebrek geen internationale waarnemers tot de rechtszaal worden toegelaten. Het Hof vindt het voldoende dat de hoorzittingen direct per TV worden uitgezonden. Ook de lijst met geaccepteerde getuigen werd gepubliceerd. Ignacio Cosido, die het WhatsApp bericht verstuurde waaruit bleek dat de voorzitter van de rechtbank gelieerd is aan de PP, wordt niet opgeroepen als getuige. Hier had de verdediging om gevraagd. Dit geldt ook voor Nobelprijswinnaar Noam Chomski, specialist op het gebied van mensenrechten en afgezant van de VN, en president Puigdemont omdat hij in Spanje verdachte in deze zaak (ondanks dat hij in Duitsland werd vrijgesproken en wereldwijd vrij man is).

Please follow and like us:

Spanje wordt nerveus

(599 woorden)

Aan de hand van verschillende feiten die zich de afgelopen dagen afspelen is duidelijk op te maken dat Spanje, zowel de rechtsprekende als de wetgevende macht, nerveus wordt door het aanstaande gerechtelijk proces tegen de Catalaanse leiders. Ook de Spaanse politici en rechters voelen wel aan dat men goed fout zit met de verzonnen aanklacht van oproer en opruiing tegen de Catalaanse leiders die nergens door de justitie in Europa wordt geaccepteerd. De gerechtelijke macht, met name het Hooggerechtshof en het Constitutioneel Hof, zijn doodsbang voor een veroordeling van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Want het staat vast dat de Catalanen bij een veroordeling daar in beroep zullen gaan. Een veroordeling door het EHRM tegen de Spaanse justitie zal een zware nederlaag betekenen voor Spanje in het algemeen en de Spaanse justitie in het bijzonder, met de bijbehorende politieke gevolgen van dien.

Ten eerste is er de weigering van het Openbaar Ministerie om internationale waarnemers toe te laten tot de rechtszaal. Indien de rechtbank niets te verbergen heeft, zou het ook geen probleem moeten zijn om waarnemers toe te laten. Het licht natuurlijk anders indien men wel een hoop te verbergen heeft. Alleen totalitaire dictaturen accepteren geen internationale waarnemers in hun rechtszalen. De aanwezigheid van waarnemers bij een dergelijk proces is een normale zaak in Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse landen. Dat er nu waarnemers naar een rechtzaak in Spanje komen, wordt door de Spaanse justitie bovendien als een belediging gezien. Het Hooggerechtshof heeft nog geen beslissing genomen.

De exacte datum voor het gerechtelijk proces is nog steeds onbekend. In princiepe zal het proces op 5 Februari beginnen, maar het Hof heeft dit nog niet officieel aangekondigd. Het lijkt er naar dat de voorzitter van de strafkamer, rechter Marchena, met lood in de schoenen aan het proces begint. Daarnaast heeft één van de advocaten uitstel gevraagd om zich op de verdediging te kunnen voorbereiden. Hij vraagt een termijn van 3 weken om de duizenden pagina ‘s van de aanklacht en het onderzoek te bestuderen. In verband met het recht op een eerlijke verdediging en een redelijke termijn van voorbereiding daarvoor, wil het Hooggerechtshof waarschijnlijk geen grote deuken bij het EHRM oplopen nu men aanvoelt dat het proces met argusogen wordt gevolgd. Het enige wat vast staat is de datum van het transport van de Catalaanse gevangenen naar gevangenissen nabij Madrid. Dit zal aanstaande Vrijdag 1 Februari gebeuren.

De advocaat van vicepresident Junqueras, Andreu van den Eynde, eist van het Constitutioneel Hof (Tribunal Constitutional of TC) dat zij zich uitspreekt over zijn vrijlating voordat het proces begint. Zoniet, dan zal hij een aanklacht bij het EHRM indienen. Het EHRM heeft zich onlangs duidelijk uitgesproken in het voordeel van de Koerdische oppositieleider Demitras die reeds twee jaar in voorlopige hechtenis in Turkije zit. Dit precedent geldt, in theorie, ook voor de Catalaanse gevangen leiders. Het TC wil natuurlijk niet het EHRM al te zeer voor het hoofd stoten door deze uitspraak als ongeldig te verklaren voor deze zaak. Het is al bekend dat het TC verdeeld zal zijn over de uitspraak.

De regering van de socialistische president Pedro Sánchez heeft een propaganda orgaan in het leven geroepen, Espanya Global, om de zogenaamde Catalaanse beweringen over de teloorgang van democratie, het ontbreken van recht en de onderdrukking in Catalonië te weerleggen. Het initiatief wordt geleidt door minister van Buitenlandse zaken Borell. Deze beweerde onlangs dat de TV beelden van het politiegeweld tegen het referendum ‘fake news’ waren en afkomstig zijn van protest demonstraties in Chile. Hij zal er dus een zware taak aan hebben om enigszins geloofwaardig over te komen.

Spanje wordt nerveus. En terecht.

Please follow and like us:

Vals nieuws

(342 woorden)

Vorige week beweerde de Spaanse minister van Buitenlandse Zaken, Borell, net zoals zijn voorganger Dastis in een BBC interview ‘Hard Talk’, dat de beelden van het politiegeweld tijdens het referendum in Catalonië op 1 Oktober 2017 fake news is. Met behulp van Russische media werden volgens hem beelden van politieacties van andere protesten de wereld ingestuurd. Ook het aantal gewonden zijn volgens hem een verzinsel. In totaal waren het er maar twee. Dezelfde week publiceerde emeritus hoogleraar Núria Pujol Moix, verbonden aan het ziekenhuis Sant Pau, een gedetailleerd artikel waarin de medische rapporten van die dag nauwkeurig worden geverifieerd. Enkele cijfers: er waren in totaal 1066 gewonden, waarvan 30 onder de 18 jaar, 68 gewonden ouder dan 65 jaar waarvan 13 boven de 79, 432 hadden meerdere verwondingen op verschillende plekken op het lichaam. De verwondingen werden veroorzaakt door stokslagen, schoppen, duwen, tegen de grond gooien, meetrekken aan de oren, de haren en aan de mond. Er werden 103 mensen aan het hoofd gewond, waarvan 34 hersenschuddingen en enkele gewonden door (verboden) rubberen kogels. Er waren 68 mensen met direct lichamelijke effecten door de psychologische en emotionele impact. Het rapport is hier (in het Catalaans) te vinden.

Door het politieke conflict met Catalonië is het imago van Spanje internationaal dusdanig geschaad, dat de Spaanse regering van Sanchez heeft aangekondigd, bij monde van dezelfde Borell, dat zij een internationale propaganda campagne tijdens het proces zal houden waarin de Catalaanse ‘leugens’ zullen worden ontkracht. De campagne zal worden geleidt door ene Irene Lozano, een journaliste die sterk verbonden is aan de ultra rechtse partij UPyD en weet dat ‘woorden niet alleen dingen zeggen, maar ook dingen doen’ (El País 11 Oct 2017). Naast de regering zal ook het Spaanse Hooggerechtshof in deze campagne deelnemen door journalisten tijdens het proces te ‘informeren’. Indien het Hooggerechtshof doet wat haar taak is, namelijk rechtspreken, is zulke propaganda totaal overbodig. Zoniet, dan is zo ‘n campagne bittere noodzaak om de onrechtmatigheden van het gerechtelijk proces en de partijdigheid van de rechtbank te verdoezelen. Het lijkt er dus sterk op dat het Spaanse Hooggerechtshof niet erg is overtuigt van haar eigen functioneren.

Please follow and like us:

Een begin van de omwenteling in de internationale opinie

(650 woorden)

Voordracht Spaanse president Sánchez in het Europese parlement
Woensdag was het de beurt van president Sánchez om een spreekbeurt in het Europese parlement te houden over de toekomst van Europa. De parlementszaal was nagenoeg leeg, want er vond een andere vergadering plaats over de Brexit. Onder de weinig aanwezige parlementariërs waren er die een foto van één van de Catalaanse politieke gevangenen op fel geel gekleurd papier toonde. Sánchez kon niet anders dan doen alsof zijn neus bloedde en hield een niet al te sterk betoog over de gelijke rechten van de vrouw, de toekomst van de jeugd en een waarschuwing voor het opkomend nationalisme in Europa. De vragen na zijn betoog hadden echter allerminst betrekking op het thema. In plaats daarvan gingen zij over het Catalaanse conflict en de politieke gevangenen, een onderwerp waar hij met geen woord in zijn toespraak had gerept.

Manfred Weber (PPE) beschuldigt Sánchez van samenwerking met extreem links en de separatisten. Hij brengt daarmee de eenheid van Spanje in gevaar.

Onder andere Mark Demesmaeker en Ska Keller uitten zich zeer kritisch over de politieke gevangenen en zeiden Sánchez dat hij een politieke oplossing moet zoeken in plaats van dit probleem over te laten aan de gerechtelijke macht. Demesmaeker zei dat niet in Catalonië het nationalisme hoogtij viert, zoals de Spaanse politici vaak willen doen geloven, maar in Spanje waar de extreem rechtse partij Vox in het parlement van Andalusië aan de macht is gekomen.

In de persconferentie na het debat vroeg een journalist zelfs aan Sánchez of Spanje nog wel een democratie genoemd kan worden.

Bezoek van Torra aan de Verenigde Staten
De Catalaanse president Quim Torra bracht afgelopen week een officieel bezoek aan de VS. Het doel van zijn bezoek was om de Catalaanse handel en culturele uitwisseling te bevorderen, net zoals alle andere Spaanse autonome gebieden dat doen. Daarnaast is hij daar natuurlijk ook om zijn visie over het Catalaanse politieke conflict met Spanje uit te leggen.

De Catalaanse president Torra hield een colloquium op uitnodiging van Claybon Carson, voorzitter van het Maarten Luther King instituut dat is verbonden aan de universiteit van Stanford. Deze hoogleraar is goed op de hoogte van het Catalaanse conflict en correspondeert regelmatig met Jordi Sànchez en Jordi Cuixart, leiders van de burgerbewegingen Omnium Cultural en ANC welke reeds 14 maanden voorwaardelijk gevangen zitten. In de vragen volgend op de spreekbeurt van Torra beschuldigde de Spaanse consul in San Francisco dat het referendum in Catalonië tegen de Spaanse grondwet is. Na aandringen van de voorzitter van de conferentie dat alleen vragen konden worden gesteld, vroeg de consul aan Torra waarom de afgekondigde Catalaanse Republiek niet internationaal werd erkent. Een retorische vraag, want de Republiek werd door president Puigdemont op 10 Oktober 2017 onmiddellijk opgeschort. Achteraf begroette de consul Torra en verontschuldigde zich dat de Spaanse minister van Buitenlandse Zaken, Borrell, de ambassades had opgedragen de Catalaanse president te boycotten om in het buitenland te kunnen spreken. Borell bevestigde in een Tweet ‘dat het diplomatieke corps de leugens van de heer Torra zal blijven ontkrachten’.

President Torra werd ook uitgebreid in ontvangst genomen door leden van het Amerikaanse Congres, waaronder John Lewis. Hij is een van de meest gerespecteerde Congresleden en strijder voor de mensenrechten.  Door zijn activisme is hij zelf vele malen slachtoffer geweest van gerechtelijke vervolgingen. Lewis prees het vreedzame karakter van het streven naar de onafhankelijkheid van Catalonië.

Het verschil
Het contrast tussen de ontvangst van de Spaanse president Sánchez in het Europese parlement, waar werd aangedrongen op het oplossen van het politieke conflict dat hij van zijn voorganger had geërfd en het respecteren van de mensen-en burgerrechten in Spanje, in vergelijking met de ontvangst van de Catalaanse president Torra in de VS, die werd ontvangen door prestigieuze instituten en gerepecteerde Congresleden, toont dat de opinie van de internationale gemeenschap aan het veranderen is in het voordeel van de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging. De aanstaande rechtszaak tegen de Catalaanse leiders zal deze trend alleen maar bevestigen.

Please follow and like us:

Extremadura kiest voor opheffing Catalaanse autonomie

(430 woorden)

Het Catalaanse Parlement is gekozen door de inwoners van het autonome gebied van Catalonië. Het Parlement neemt daarom beslissingen die alleen betrekking hebben op en van belang zijn voor dit autonome gebied. Het zou vreemd zijn als dit Parlement ook zou gaan beslissen over een ander autonoom gebied in Spanje. Dat zou betekenen dat de inwoners van dat andere autonome gebied niet in hun eigen democratische keuzes worden gerespecteerd. Zij zouden dan worden beschouwd als tweederangsburgers zonder recht van spreken.

Het autonome gebied Extremadura heeft met 1,1 miljoen inwoners een Bruto Nationaal Product van 18 miljard Euro, het heeft een werkeloosheid van 26,2% (onder de jongeren meer dan 40%) en 1 op de 4 werkenden is er ambtenaar. Catalonië heeft met 7,5 miljoen inwoners een BNP van 223 miljard Euro, een werkeloosheid van 10,6% en 1 op de 10 werkenden is ambtenaar.

Afgelopen week stemde het parlement van dit autonome gebied dat grondwetsartikel 155, interventie van de autonomie, voor onbepaalde tijd en zwaarder moet worden toegepast op Catalonië dan vorig jaar het geval was. Dit keer zou ook de Catalaanse omroep moeten worden geïntervenieerd, want deze indoctrineert de Catalaanse bevolking. Hoe de bevolking van Extremadura en hun vertegenwoordigers dit weten, is een raadsel want de Catalaanse radio en TV worden alleen in Catalonië uitgezonden. (De statistieken over evenwichtige berichtgeving laten trouwens zien dat de Catalaanse media alle partijen evenwichtig aan het woord laten. Dat kan echter niet gezegd worden van de Spaanse publieke omroep en de talrijke Spaanssprekende particuliere omroepen.) De partijen Partido Popular, Ciutadans en PSOE stemden voor deze motie. De PSOE regeringspartij in Extremadura is waarschijnlijk bang dat ook zij bij de volgende verkiezingen zullen verliezen van extreem rechts (PP en C’s, vergelijkbaar met de PVV partij van Geert Wilders) en ultra extreem rechts (Vox, momenteel met niemand in Europa vergelijkbaar), net zoals in Andalusië is gebeurd. Het is daarom voor de PSOE in Extremadura van groot belang dat ook zij nu fel tegen de Catalanen in het algemeen en tegen en hun democratische wil voor onafhankelijkheid in het bijzonder, ageren. De Catalanenhaat levert nu eenmaal stemmen op in Spanje. Of dit parlement probeert met deze motie haar eigen onkunde voor het besturen van Extremadura te verdoezelen. De cijfers tonen aan dat dit gebied duidelijk niet voor zichzelf  kan zorgen en, gezien het percentage ambtenaren, graag de productie aan anderen over laat. Hoe het ook zij, het parlement van Extremadura beschouwt de Catalanen blijkbaar als tweederangsburgers waarover zij moet beslissen. Het is wel erg opmerkelijk dat de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging dag in dag uit door de Spaanse unionisten en de media beschuldigd worden van ‘supremacist’ (racist).

Please follow and like us:

Illegale arrestatie burgermeesters

(612 woorden)

Als burgermeester maak je niet alleen maar vrienden. De functie brengt nu eenmaal bepaalde verantwoordelijkheden met zich mee die niet iedereen naar zijn zin is. Dat is ook het geval bij de burgermeester van Verges, Ignasi Sabater. De dagen na het referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid op 1 Oktober 2017, werden de banden van tientallen auto ‘s in zijn plaats lek gestoken. Ignasi zei toen: “Overdag lopen ze in uniform en ‘s-nachts gedragen zij zich als hooligans”. Hij doelde daarmee op de Policia Nacional die in verband met het referendum in de hotels van zijn plaats logeerden. Ook bij andere gelegenheden houdt Ignasie zich geen blad voor de mond. Als gevolg hiervan wordt hij regelmatig belaagd en met de dood bedreigt.

In de vroege ochtend van Woensdag 16 Januari toog Ignasi naar zijn werk. Bij zijn voordeur wachtten vier gemaskerde mannen hem op, boeiden zijn handen en ontvoerden hem. Bij het boeien raakte hij gewond aan zijn pols. De mannen hadden zich in eerste instantie niet geïdentificeerd. Zelfs toen een van de gemaskerden zijn politiepenning van de Policia Nacional liet zien, vertrouwde Ignasi het nog niet. Zij vertelden hem dat hij wordt beschuldigd van het verstoren van de openbare orde omdat hij meegedaan zou hebben met het tegenhouden van de Hogesnelheidstrein op het station van Girona. Dit vond toen plaats als protest op de eerste verjaardag van het referendum, drie maanden geleden. Maar Ignasi zat die dag gewoon op zijn werk. Ook kon de Policia Nacional geen gerechtelijk bevel tonen voor zijn arrestatie. Dus zijn wantrouwen en angst voor ontvoering was terdege gegrond.

Het radioprogramma De Ochtenden van CatRadio informeerde bij het gerechtshof in Girona. Daar vertelde men dat er geen arrestatiebevel was uitgevaardigd. Dit is wettelijk verplicht indien de arrestatie niet urgent is. En drie maanden na het gepleegde feit is er van enige urgentie geen sprake meer. Bovendien is de verdachte niet vluchtgevaarlijk en is zijn woon-en verblijfplaats bekend bij de overheid. Bij navraag bij de Policia Nacional zei de officier die belast is met het onderzoek dat hij de arrestaties op eigen initiatief had laten doen. Dezelfde dag werden ook de burgermeester van Celrà en negen andere leden van dezelfde partij La CUP en een persfotograaf gearresteerd. Uit protest tegen deze illegale arrestaties stopten de Parlementsleden van de onafhankelijkheidspartijen en die van El Comú (die wil zich niet uitspreken voor of tegen de Catalaanse onafhankelijkheid) onmiddellijk met hun werk. Hierdoor moesten de commissievergaderingen van het Parlement worden opgeschort. De gearresteerden werden dezelfde dag weer vrijgelaten.

De volgende dag zei de Spaanse minister van binnenlandse zaken en verantwoordelijk voor de Spaanse Politie, Fernando Grande-Marlaska en in het gewone leven rechter van het Audiencia Nacional die vijf maal door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens is veroordeeld, dat er wél een juridisch arrestatiebevel was uitgevaardigd. De weinig geloofwaardige minister spreekt de politieofficier en de rechtbank van Girona dus tegen. Ook de afgevaardigde van de Spaanse regering in Catalonië heeft nog steeds geen opheldering gegeven, zoals men zou verwachten van een regeringsafgevaardigde.

De illegale arrestaties door de Spaanse politie roepen sterke herinneringen op van het Franco regiem en zijn niet bepaald kenmerkend voor een eenentwintig eeuwse moderne democratische rechtstaat. Temeer daar het hier om democratisch gekozen leiders gaat. De gehele affaire bevordert niet bepaald de onderlinge verstandhouding tussen de Catalaanse en Spaanse regering. Het lijkt er op dat de regering van Sánchez niet meer is geïnteresseerd in de stemmen van de Catalaanse onafhankelijkheidspartijen voor zijn jaarbegroting. Of is het misschien de politieke taak van de uitvoerende macht om met willekeurige arrestaties iedereen de schrik aan te jagen, met de protesten tijdens het gerechtelijk proces tegen de Catalaanse politici en burgerleiders in het vooruitzicht?

Please follow and like us: