Twee hoogleraren ontkrachten in een halve middag de strategie van 200 politieagenten voor het Hooggerechtshof

De verklaringen van de specialisten dr. John Paul Lederach en dr. Jesús Castañar verzwakken de aanklager en ondergraven de beschuldiging van rebellie

(1450 woorden)

Josep Casulleras Nualart

Een student, een advocaat, een brandweer, een gepensioneerde, een ingenieur informatica, een grafisch ontwerper… Mensen die in de rechtszaal van het Hooggerechtshof zijn geweest waar de rechtszaak loopt tegen het onafhankelijkheidsproces en die vertelden over hun persoonlijke ervaringen toen ze op 1 Oktober 2017 gingen stemmen. De aanklagers wilden hen belachelijk maken, maar voor ieder van hen was het duidelijk dat ze gingen stemmen, want ze wisten dat ze daar recht op hadden, hoewel dit door het Constitutioneel Hof verboden was en dat er duizenden politieagenten naar Catalonië waren gekomen om dit te verhinderen. En velen van hen, velen die niet van plan waren om te gaan stemmen, zijn gegaan omdat ze zagen dat de mensen, hun medeburgers, door de politie werden mishandeld. Het politiegeweld weerhield de mensen er niet van om te gaan stemmen op 1 Oktober, het moedigde hen juist aan. En datgene wat men gedurende de drie maanden durende rechtszaak heeft willen aantonen als gewelddadige rebellie, werd vandaag op overduidelijke academische wijze ontkracht. De 200 politiegetuigen, maar vooral de openbaar aanklager met zijn oppervlakkige, koppige en bijna infantiele zienswijze over een politiek conflikt, of welk conflict dan ook, werden daarmee afgeschilderd als absurd. Vandaag getuigden de twee sociologen John Paul Lederach en Jesús Castañar, die met hun verklaring als specialisten het vreedzame karakter van de opkomst van die herfst bevestigden. Daarmee hebben ze het argument van het tribunaal van het veronderstelde geweld dat nodig is voor de uitspraak van rebellie, bemoeilijkt.

Het argument dat de Mossos d’Esquadra (Catalaanse politie) ten dienste zouden hebben gestaan voor de gewelddadige rebellie werd al vroeg in deze rechtszaak ontkracht. Het ‘geweld van de mensenmassa’ had tot nogtoe een tweezijdig karakter, welke door de politie en de kiezers op tegengestelde manieren werd uitgelegd. En wie moet men nu geloven? Maar vandaag begonnen de getuigenissen van de specialisten. Deze zullen kort duren en men voorziet dat de rechtszaak half juni afgelopen zal zijn, waarna het wachten is op de uitspraak. De specialisten die door de advocaat van Jordi Cuixart werd voorgedragen, wezen Marchena er even fijntjes op dat er in de lade van het Hooggerechtshof een uitspraak uit 2009 ligt die zegt dat burgerlijke ongehoorzaamheid in een democratische staat beschermt moet worden.

De aanklager van FAES* komt er niet uit
Het interessantste moment van de verklaringen van deze experts, autoriteiten in hun vakgebied, was gedurende de ondervraging van aanklager Jaime Moreno. Aan de ene kant van de getuigentafel zat John Paul Lederach, geschiedkundige en doctor in sociologie van de universiteit van Columbia (VS), emeritus hoogleraar over de opbouw van vrede aan het Joan B. Kroc instituut voor Internationale Vredesstudies van de universiteit Notre Dame in Indiana (Colorado, VS), auteur van een twintigtal boeken over onderricht voor de vrede. Hij heeft meegewerkt aan verschillende internationale onderhandelingen voor vrede in Latijns Amerika, Afrika en Azië. Is onder andere onderscheiden met de Martin Luther King Vredesmedaille. Naast hem zat Jesús Castañar, co-auteur van de specialistenstudie over de strategische analyse van het Catalaanse onafhankelijkheidsproces met betrekking tot de acties van Jordi Cuixart en Omnium Cultural en de niet gewelddadige weerstand. Castañar is socioloog aan de universiteit Complutense van Madrid en behaalde zijn doctorstitel in de geschiedenis aan de universiteit Castella – la Manxa. Hij heeft enkele boeken gepubliceerd met betrekking tot geweldloosheid. Zij worden geconfronteerd met Jaime Moreno, nu aanklager bij het Hooggerechtshof, voorheen bij Madrid en Oviedo, gedurende een periode adviseur van Alberto Ruiz Gallardón en hij is verbonden aan FAES.

Deze twee namen botsten deze middag in het Hooggerechtshof gedurende een zowel provocerende als groteske ondervraging door aanklager Moreno, die aantoonde welke ouderwetse ideeën hij heeft over het recht van protest.

– Wanneer men het heeft over het taalgebruik van de heren Sànchez en Cuixart zegt u dat zij opriepen tot vreedzaamheid. Ik lees de verklaringen waarin zij zeggen ‘we hebben meer mensen nodig’, ‘standvastigheid’, ‘geen stap achteruit’, ‘de staat komt net zo ver als wij toelaten’, ‘houdt stand, moed’, ‘Zij hebben ons de oorlog verklaard. We staan een dergelijke aanval niet toe’. Is dat vreedzaamheid?

– Jawel, vanuit niet-gewelddadig gedrag spreekt men bijna altijd over de twee dingen die men moet doen. Deze bewering komt van Barbara Deming die spreekt over de twee handen van niet-gewelddadigheid: eentje is standvastig in overtuiging en principes. Standvastigheid betekent dat men vooraan staat met standvastigheid en men de mensen oproept om in beweging te komen, om op te komen. De andere hand, zachter, blijft open om uit te nodigen voor gesprek, van overreding, en vooral om de ander in zijn waardigheid te laten. Het is niet atypisch om op te roepen voor een protestbijeenkomst, maar ten alle tijde op een vreedzame en niet-gewelddadige manier.

De conclusie van Lederach en Castañar in hun rapportage is dat de onafhankelijkheidsbeweging altijd vreedzaam en niet-gewelddadig is geweest. Dat heeft men kunnen zien in de herfst van 2017. Maar er was geen sprake van een geplande strategie van geweldloze ongehoorzaamheid. In alle gevallen brak de niet-gewelddadige weerstand op 1 Oktober uit zoals men nog nooit in Catalonië had gezien. Er was een grote dosis van improvisatie en logischerwijs gebrek aan ervaring bij een overgroot deel van de mensen die ‘s-morgens vroeg voor de stemlokalen stonden of die er de nacht hadden doorgebracht. En na enkele uren zaten zij op de grond met de handen in de lucht tegenover de ME’ers die zonder onderscheid gewelddadig tegen hen optraden.

In een dergelijke situatie is het begrijpelijk, onderbouwen de experts, dat er enkele geisoleerde incidenten plaats vinden en dat enkele stemmers de agenten uitschelden of dat zij reageerden op de slagen die zij kregen. Er waren honderdduizenden personen die zich in een dergelijke niet-gewelddadige situatie bevonden zoals ze nooit hadden meegemaakt en zij reageerden zoals ze moesten en konden. Aan de hand van de vragen van advocaat Benet Salellas vertelde Lederach: 1 Oktober was een voorbeeld van niet-gewelddadige weerstand. door het niet verlenen van samenwerking en het zich onthouden van geweld. Dat is de manier van burgerlijke ongehoorzaamheid op bewuste manier toegepast. Maar dit hier was van een ander niveau: men behield de houding van geweldloosheid, maar hier ontbrak de voorbereiding voor de meest gespannen situaties wanneer de politie arriveerde. Daar is een ander niveau van voorbereiding voor nodig. Voor hem is dat heel duidelijk: ‘Niemand ontving de politie met fysieke agressie of geweld. De ontvangst was zonder geweld. Maar er was wel sprake van incidenteel geweld na de gewelddadige acties van de politie.’

Lederach en Castañar geven een academische analyse. Manuel Marchena heeft op geen enkel moment geïnterrumpeerd of geprotesteerd. Het leek dat hij in het algemeen rustiger was dan vorige week. Zij beschrijven de gebeurtenissen van 1 Oktober ‘menselijk blok, gezamenlijk zitten, menselijke muur, het gezamenlijk zingen, de permanente wil om te praten’ die kenmerkend zijn voor wat men verstaat onder niet-gewelddadige weerstand. Dat wat de student, de advocaat, de brandweerman, de gepensioneerde, de informatica ingenieur, de grafisch ontwerper en velen meer deden op die regenachtige zondag wordt beschreven in de 198 punten van de niet gewelddadige strijd zoals dat werd gedefinieerd door doctor Gene Sharp, wereldwijd bekend intellectueel op het gebied van geweldloze weerstand. Met name Jordi Cuixart en Jordi Sanchez zijn leiders in niet-gewelddadige context, de wil om gewelddadig gedrag te isoleren. ‘Cuixart is voor ons een voorbeeld van geweldloos leiderschap op zeer belangrijke sociale momenten’, zeiden ze.

Maar de FAES aanklager Jaime Moreno bleef het niet begrijpen. Hij stond op het punt om te vragen of het roepen om standvastigheid geen gewelddadige actie is. Het ligt nu in de handen van de rechters wie er gelijk krijgt en of ze waarde hechten aan de jurisprudentie van hun eigen rechtbank, aan de uitspraak van het Hooggerechtshof 480/2009 van 22 Mei die ze ergens in een lade hebben liggen en die zegt: “Burgerlijke ongehoorzaamheid kan worden beschouwd als een legitieme manier voor onenigheid met de staat. Een dergelijke actie maakt deel uit van een ideologie of denkwijze die niet door een democratische staat ter discussie kan worden gesteld.’

Nawoord
De dag na de verklaring van deze twee hoogleraren riep aanklager Javier Zaragoza luitenant van de Guardia Civil met nummer C57393S op als onafhankelijk deskundige. Deze had echter eerder getuigt op voorstel van de aanklager en toonde toen duidelijke partijdigheid en een minachting voor de aangeklaagde burgerleider Jordi Sànchez. Toch probeerde het OM hem opnieuw te ondervragen als onafhankelijk deskundige en het Hooggerechteshof stond dit toe. Pas na de protesten van de drie advocaten van de verdediging, Andreu van den Eynde, Marina Roig en Olga Arderiu, gaf rechter Marchena toe en stopte de verklaring waarna de Guardia Civil de rechtszaal moest verlaten.

*FAES is de denktank van Partido Popular, met als voorzitter ex-president Aznar

 

Please follow and like us:
error