Tegenslag voor de Spaanse justitie

(1450 woorden)

Een heel andere mening van de Europese advocaat
In opdracht van de Catalaanse vicepresident Oriol Junqueras vroeg het Spaanse Hooggerechtshof aan het Europese Hof van Justitie in Luxemburg of hij juridische onschendbaarheid geniet omdat hij gekozen was voor het Europese parlement. Het Spaanse Hooggerechtshof vindt van niet. Volgens haar is Junqueras pas lid van het EU parlement (en vervolgens juridisch onschendbaar) wanneer hij aan alle wettelijke verplichtingen heeft voldaan, waaronder het trouw zweren aan de Spaanse grondwet, hetgeen hetzelfde hof hem verhinderde te doen door hem gevangen te houden. Voordat het Europese Hof van Justitie een uitspraak hierover doet, wordt de zaak door de Europese advocaat, Maciej Szpunar, onderzocht. Deze heeft nu zijn bevindingen gepubliceerd en zegt dat Junqueras lid van het Europese parlement is geworden zodra hij gekozen werd. Volgens hem kan geen enkele EU lidstaat beperkingen opleggen voor de toegang er van. Een parlementariër wordt direct door de burgers gekozen en vertegenwoordigd dus niet de lidstaat waar hij aan toebehoort, aldus de advocaat. Zijn bevindingen worden aan het Europese Hof van Justitie voorgelegd en hebben gewoonlijk grote invloed op de definitieve uitspraak. De bevindingen van de Europese advocaat staan dus haaks op de mening van het Spaanse Hooggerechtshof. Als reactie hierop uitte het Hooggerechtshof haar twijfels over de oprechtheid van Szpunar.

De nieuwe hoofdpijn van Spanje
Indien het Europese Hof de aanbevelingen van haar advocaat overneemt, kan het Spaanse Hooggerechtshof de vrijlating van Junqueras alsnog tegenhouden door te stellen dat hij niet meer in voorarrest zit, en daarom geen juridische immuniteit meer geniet, omdat hij op 14 Oktober werd veroordeeld tot 13 jaar gevangenisstraf. De volgende stap van Junqueras en zijn advocaten is dan om naar het Europese Hof voor de Mensenrechten te gaan. Het argument dat Junqueras veroordeeld is, geldt echter niet voor de Catalaanse president in ballingschap Puigdemont en zijn minister Toni Comín. Deze werden afgelopen Mei ook voor het Europese parlement gekozen. In dat geval zal het Europese uitleveringsbevel (voor de derde maal) tegen hen moeten worden ingetrokken en zouden zij dan naar Spanje terug kunnen keren zonder gearresteerd te worden. De Catalaanse president is een doorn in het oog van Spanje en zij zou hem het liefst voor vele jaren achter de tralies hebben. De gedachte alleen al dat hij vrij in Spanje zou kunnen rondlopen zonder dat daar iets tegen gedaan kan worden, is voor Spanje onverdragelijk.

Kritische Europese Raad
Vorige week beloofde demissionair president Pedro Sánchez tijdens het verkiezingsdebat op TV dat hij Puigdemont naar Spanje zal halen om de rekening met de Spaanse justitie te vereffenen. Bij navraag in een TV interview de dag daarop hoe hij dat wil gaan doen zei Sánchez dat hij het Openbaar Ministerie daar opdracht voor zal geven. Sánchez bevestigde in dit interview dat het OM onder de regering valt. Hoewel het een publiek geheim is dat de regering grote invloed op het OM heeft, protesteerden de openbare aanklagers en de Spaanse hoofdaanklager heftig tegen de uitspraak. De openbare aanklagers vinden het blijkbaar nogal lelijk staan dat een president expliciet verkondigt dat zij van de regering afhankelijk zijn. Naar aanleiding van deze affaire eiste de Europese Raad opnieuw (in 2013 deed zij dit ook al vanwege de vereiste transparantie van de Europese overheden), dat de Spaanse regering alle communicatie met het OM openbaar moet maken. De Europese Raad begint gegronde twijfels te krijgen over de scheiding van de machten in haar Europese lidstaat.

Reprimande van de voorzitter Europese Raad
Deze twijfels hebben ook bezit genomen van de Belgische ex-president en nieuwe voorzitter van de Europese Raad, Charles Michel. De bedreiging van de Spaanse vicepresidente Teresa Calvo tegen België dat het niet uitleveren van Puigdemont aan Spanje gevolgen zal hebben, is hem slecht gevallen. Bij zijn bezoek aan Spanje zei hij in het bijzijn van de demissionaire president dat de Europese uitleveringsverzoeken een puur juridische aangelegenheid is van de Europese rechtstaten en dat de politiek zich daar niet mee kan bemoeien.

Europa laat ballingen voorlopig vrij
De Catalaanse minister van onderwijs tijdens het referendum, Clara Ponsatí *, verblijft in ballingschap in Schotland. Ook tegen haar loopt een Europees uitleveringsbevel aan Spanje. Zij meldde zich daarvoor vrijwillig bij het gerechtshof in Edinburg. Dit hof besloot dat Ponsatí voorlopig vrij mag blijven en haar paspoort mag behouden (en dus vrij naar het buitenland mag reizen) in afwachting op de definitieve beslissing om haar al dan niet aan Spanje uit te leveren. Haar collega ‘s die in Spanje verblijven, zitten wegens opruiing voor negen a dertien jaar in de gevangenis opgesloten. In tegenstelling tot het Spaanse Hooggerechtshof, ziet het gerechtshof in Edinburg Ponsatí dus niet als een directe bedreiging voor de samenleving. Dat is ook het geval voor de ministers Toni Comín en Lluís Puig die in België verblijven. Het gerechtshof aldaar besluit dat zij vrij blijven totdat de uitleveringsverzoeken op 16 December aanstaande in dezelfde zaak als die van Puigdemont zal worden behandeld.

Hard oordeel internationale waarnemers
De internationale waarnemers die bij de rechtszaak tegen de Catalaanse leiders aanwezig waren, publiceerden deze week hun conclusies. Zij vinden dat het Spaanse Hooggerechtshof op massieve manier de fundamentele rechten heeft geschonden. Het Spaanse hof heeft het princiepe van de strafwet geschonden, het recht op vrijheid, de vrijheid van meningsuiting, die van ideologie, die van vrije en vreedzame vergadering, het vrij uitoefenen van openbare functies en een rechtspraak met alle garanties.

Reactie Spaanse justitie: nog meer onderdrukking
De Spaanse justitie heeft de afgelopen dagen dus nogal wat tegenslagen te verwerken gehad. Zachtjes aan begint de internationale gemeenschap te begrijpen dat Spanje haar democratie niet op orde heeft. Als gevolg van de wrijvingen met de Europese instituten wordt de Spaanse justitie hysterisch en neemt zij steeds meer absurde maatregelen. Op 23 September werden zeven Catalaanse activisten van het CDR gearresteerd en beschuldigd van terrorisme, ondanks dat het gerechtelijk vooronderzoek ontkent dat zij explosieven of grondstoffen daarvoor in hun bezit hadden. Enkelen van hen zitten sindsdien nog steeds in volledige isolatie gevangen. Na de gerechtelijke uitspraken van het Hooggerechtshof tegen de Catalaanse politici en burgerleiders riep Tsunami Democràtic op om de terminals en de toegangswegen van het vliegveld bij Barcelona te blokkeren. Sindsdien wordt Tsunami Democràtic als criminele organisatie aangemerkt met terroristische neigingen. Dit had tot gevolg dat de Internet pagina ‘s van de activisten organisatie ontoegankelijk werden gemaakt. Tsunami Democràtic plaatste vervolgens haar websites op Internetservers buiten Spanje. Na de oproep van Tsunami Democràtic om de Spaans-Franse grens en de AP7 snelweg te blokkeren, heeft het Audiencia Nacional besloten om één gerechtelijke macrozaak wegens terrorisme aan te spannen voor iedere wegblokkering en andere vormen van protest door het CDR en Tsunami Democràtic. Indien echter elders in Spanje een weg wordt geblokkeerd vanwege een protest, leidt dit hooguit tot een bekeuring.

Faliekante fout
De Spaanse Partido Popular regering van Rajoy heeft, met instemming van de huidige socialistische PSOE regering van Sánchez, de faliekante fout begaan door het Catalaanse conflict, wat een politiek probleem is, naar justitie te brengen. Nu heeft de politiek daar geen vat meer op en wordt alles wat er mee te maken heeft voor het gerecht gesleept. Spanje glijdt als een onbestuurbaar projectiel af naar een dictatoriaal regiem en er is niets wat het nog tegen kan houden. Of de Europese Unie, en ieder van haar lidstaten, blijft volhouden dat Spanje een democratische rechtstaat is en daarom lid van de club kan blijven, bepaalt niet alleen de toekomst van Spanje zelf, maar ook de reputatie, en daarmee de toekomst, van de gehele Unie.

Reactie Catalanen: nog meer Tsunami
Ondertussen hebben enkele vrijwilligers tijdens het schrijven van dit stukje buiten onder het raam van mijn kantoor een tafeltje geïnstalleerd. De mensen kunnen daar een formulier invullen om zichzelf bij de rechtbank aan te geven als medeschuldig aan opruiing omdat ze zijn wezen stemmen op het referendum. Het ‘overspoelen’ van de Spaanse justitie met deze verklaringen is een andere vorm de Tsunami. De Vloedgolf van protest en burgerlijke ongehoorzaamheid welke justitie als een daad van terrorisme beschouwt.

  • Toen het referendum plaats vond was Dolors Bassa de Catalaanse minister van arbeid, sociale dienst en familie. In het vonnis van het Spaanse Hooggerechtshof wordt zij onterecht aangezien als de minister van onderwijs. Bassa zat in voorarrest sinds 23 Maart 2018 en werd onlangs tot 12 jaar gevangenisstraf veroordeeld omdat zij de openbare scholen ter beschikking zou hebben gesteld als stemlokalen voor het referendum. Ze krijgt deze zware straf omdat zij medeschuldig zou zijn geweest aan de ‘tumultueuze en gewelddadige opstand’ (sedicio). De veroordeling is dus in feite voor Ponsatí bedoeld en geeft aan wat haar te wachten staat indien Schotland haar aan Spanje uitlevert. Omdat Bassa minister van arbeid en sociale dienst was en niet van onderwijs, heeft ze het Spaanse Hooggerechtshof gevraagd om de straf te annuleren en haar vrij te laten. Zij wacht nog steeds op antwoord. Het vonnis tegen de Catalaanse leiders bevat veel onnauwkeurigheden, maar dit is wel de meest schandalige.
Please follow and like us:
error