De Koningh van Hispanje

(600 woorden)

Met de dodenherdenking en het bevrijdingsfeest in Nederland afgelopen dagen werd natuurlijk ook het Wilhelmus weer gespeeld en gezongen. Echter, de zin ‘De Koningh van Hispanje heb ik altijd geëerd’ begrijp ik echter steeds minder. Voorzover ik heb kunnen nagaan is dit gebaseerd is op de Bijbelse gedachte dat christenen altijd hun wettige overheid moet dienen en gehoorzamen. Daar het katolieke Spanje toen heer en meester in de Lage Landen was, wilde men als protestant christenen niet de wettige overheid ongehoorzamen. Ook in de tweede wereldoorlog was er in sommige christelijke kringen een discussie wie men nu eigenlijk dienen moest: de (met geweld opgelegde) wettige nazi Duitsers of de Nederlandse regering en koningin in ballingschap.

Terug naar de koning van Spanje. Prins Juan Carlos I werd door de fascistische dictator generaal Francisco Franco aangewezen als zijn opvolger. Dat was niet voor niets. De familie Bourbon knoopte goede relaties met Franco aan om de macht weer terug te krijgen die zij in 1931, na het uitroepen van de Spaanse Republiek, verloren had en Alfons XIII vervolgens naar Portugal moest uitwijken. Zijn kleinzoon Juan Carlos werd door Franco als het hoofd van Spanje aangewezen om de eenheid van het land, en daarmee het toenmalige regiem, in stand te houden. Ook zijn zoon en opvolger koning Felipe VI is zich daar blijkbaar terdege van bewust. Hij heeft zich er dan ook uitgebreid op kunnen voorbereiden voordat hij, ver na het overschrijden van zijn 40ste verjaardag, koning werd en eindelijk eens iets voor de kost begon te doen in plaats van op de zak van de Spaanse onderdanen te teren. Op 3 Oktober gaf hij als staatshoofd een harde toespraak tegen de Catalanen die het gewaagd hadden om een referendum te houden over de afscheiding van Spanje. Dit was het groene licht voor de Spaanse gerechtelijke macht en de politici om de Catalaanse burgerleiders en politici gerechtelijk te gaan vervolgen, het Catalaanse Parlement te ontbinden, de regering te ontslaan en onder het mom van grondwetsartikel 155 de Catalaanse autonomie onder direct toezicht te stellen. Terwijl dit artikel alleen maar zegt dat de Spaanse centrale overheid slechts haar wil aan de politici van een ‘ongehoorzame autonomie’ mag opleggen. Deze ingreep mag daarom gerust als een bedekte staatsgreep worden gekenmerkt.

Met zijn toespraak koos koning Felipe VI van Bourbon partij en verloor daarmee zijn neutraliteit als staatshoofd. Iets wat onmisbaar is om eventueel te kunnen bemiddelen in het geval van een politiek conflict binnen de landsgrenzen, zoals het Catalaans onafhankelijkheidsstreven. De Spaanse eenheid heeft bij Felipe dus een hogere prioriteit dan het bemiddelen tussen verschillende partijen. Het mag daarom gerust gesteld worden dat het idealisme van het Spaanse koningshuis nog steeds geschoeid is op de fascistische ideologie van dictator Franco, welke dezelfde is als die van Italië en het nazi Duitsland van de jaren dertig en veertig.

Gezien de Spaanse trots en hoogmoed die al eeuwenlang bij ons in de Lage Landen bekendheid geniet, zou het me niets verbazen dat de toenmalige adellijken daarginder al van deze ideologie bevlogen waren nog lang voordat het een naam had. Bijvoorbeeld in de zestiende eeuw toen de Nederlanden zich gedurende tachtig jaren lang van het Spaanse juk probeerden te bevrijden. Laten we daar maar eens aan denken wanneer het ons volkslied weer ten berde wordt gebracht. En vergeet dan ook niet dat De Nederlanden toen hulp vanuit Duitsland kregen (we zijn ze er nog steeds dankbaar voor) en dat er, toen de vrijheid van meningsuiting en godsdienst werden aangetast, niet werd gemekkerd over ‘de soevereiniteit van een bevriende staat’ of iets van dien aard. Precies wat onze Nederlandse politici nu allemaal in koor zingen bij de schendingen van de mensenrechten in Catalonië en in andere delen van Spanje.

Please follow and like us:
error