Onderzoeksrechter Llarena naar de Belgische rechtbank

Zoals eerder vermeld, wordt de onderzoeksrechter van het Hooggerechtshof Llarenaop 4 September opgeroepen voor de Belgische rechtbank. De politici die in België in ballingschap zijn, hebben daar een aanklacht tegen de rechter ingediend wegens zijn partijdigheid in hun zaak. Aanleiding voor de aanklacht waren opmerkingen van de rechter op een conferentie in Ovieu waarin Llarena beweerde dat zij geen politieke gevangenen en ballingen zijn. Dit is een politieke uitspraak en ongehoord voor een rechter die belast is met het desbetreffende onderzoek. Llarena heeft de steun gevraagd, en gekregen, van de Hoge Raad. Dit is de juridische top, aangesteld door de Spaanse politiek, die weer de rechters aanstelt. Deze Raad heeft de Spaanse regering daarom gevraagd om rechter Llarena en het Spaanse juridische systeem voor de Belgische rechtbank te verdedigen. De regering van Pedro Sanchez heeft gister laten weten dat zij zich in deze rechtszaak persoonlijk verantwoordelijk zal stellen en een Belgische advocaat zal zoeken die haar zal verdedigen.

In een radiointerview noemde de afgetreden rechter Elpidio José Silva de actie van de Hoge Raad ongrondwettelijk en is dit een indicatie van crimineel gedrag wegens samenspanning. Silva is lid van de groep juristen voor democratie ‘Atenes’. Zij klagen de juridische top, de Hoge Raad, het Constitutioneel Hof en de regering van Rajoy aan wegens hun herhaaldelijk onwettelijk handelen in dit politieke conflict.

In een interview met de krant Vilaweb, zegt de advocaat van de politici die in ballingschap in België verblijven, Gonzalo Boye, dat de Spaanse regering op haar woorden terug is gekomen. Nu zegt zij dat zij alleen de juridische onaantastbaarheid van de de Spaanse justitie in België zal verdedigen, maar niet de uitspraken van Llarena. Dit alles is volgens Boye onmogelijk. Het betreft een burgerrechtszaak. ‘Indien je gaat scheiden van je vrouw, kan niet je schoonmoeder voor de rechter verschijnen om de scheiding te regelen’, zegt hij. Llarena is zelf verantwoordelijk voor zijn verdediging. Indien hij, of zijn advocaat, niet bij de Belgische rechtbank komt opdagen, dan vlucht hij voor justitie. Dit wordt in burgerrechtelijke termen een ‘rebel’ genoemd. Een bekend voorkomende term hier sinds de afgelopen maanden: de Catalaanse politici worden aangeklaagd voor rebellie, in deze zin met gebruik van gewapend geweld, omdat zij een referendum hebben gehouden.

Llarena verschuilt zich achter het excuus dat hij niet zelf is aangeschreven door de Belgische justitie en daardoor de aanklacht nooit ontvangen heeft. Advocaat Boye zegt in het interview dat de aanklacht van 5 Juni naar het Spaans is vertaald, verzegeld op echtheid en hem een kopie is verstuurd. ‘Llarena en de Spaanse justitiële top zijn wanhopig, want zij weten zelf ook wel dat hun gedrag niet klopt’, zegt hij.

Omdat de Spaanse regering van Rajoy, samen met haar politieke gedoogpartners C’s en PSOE, nooit heeft willen onderhandelen over het Catalaans politieke conflict en alles heeft aangeklaagd bij, en overgelaten aan, justitie, bevind de Spaanse Rechtsstaat zich nu op een hellend vlak dat niet meer te stoppen is. Door de innige samenwerking tussen de politiek en justitie, is de scheiding tussen deze machten flinterdun geworden. Steeds meer vertoont de Rechtsstaat haar barsten. Steeds meer zal de Internationale gemeenschap, waaronder de Europese lidstaten (maar niet de EU zelf), begrijpen waarom Catalonië zich van Spanje wil afscheiden en ‘een gewoon land’ wil worden. Dat is het enige wat men hier wil.

Please follow and like us:

Eerbetoon aan de slachtoffers en dienstverleners bij de terroristische aanslag

Gisteren was het een jaar geleden dat de terroristische aanslag in Barcelona plaats vond. Dit werd herdacht in bijzijn van de burgermeesteres, de Generalitat, de president en de koning van Spanje, waar de herdenking van de slachtoffers centraal stond. Er werden bloemen gelegd op het mozaïek van Joan Miro, midden op de passage van de Ramblas waar het busje stopte dat in totaal zestien slachtoffers had gemaakt.

De Catalaanse politieke partijen en de burgerorganisaties ANC en Omnium Cultural waren afwezig bij deze plechtigheid als protest tegen de aanwezigheid van de koning. Felipe VI heeft goede banden met het regiem van Saudi Arabië, welke de Islamitische Staat steunt, en verkoopt er wapens aan. Afgelopen jaar steeg de wapenverkoop van Spanje aan dit regiem met zo’n 30%.

Als alternatief kozen de Catalaanse partijen om een eerbetoon aan de hulpdiensten en de Mossos d’Esquadra (de Catalaanse politie) te houden. Het politieke hoofd van de Mossos en minister van Binnenlandse Zaken op dat moment, Quim Forn, zit in de gevangenis Lledoners, nabij de stad Manresa. Besloten werd om de manifestatie naast deze gevangenis te houden.

Lledoners gevangenis met Montserrat op de achtergrond

Dus togen mijn vrouw en ik ook naar deze plek. Vanuit onze woonplaats werd door het ANC een bus geregeld. Gezien de vele inschrijvingen moest er een groot formaat bus worden gehuurd. Die middag regende het pijpenstelen. Het leek er op dat de mensen zich niet hadden laten tegenhouden door het weer: er stond een lange file van auto’s en bussen richting de plek bij de gevangenis waar de akte zou plaats vinden. Het bouwland rondom de gevangenis is kaal, daar de oogst al binnen is gehaald. Twee grote velden aan weerszijden van de gevangenis werden daarom aangewezen als parkeerplaatsen. Vanwege de modder werden de bussen op het terrein van een houtzagerij geparkeerd. Vandaar moesten we naar het veld achter de gevangenis lopen. Dwars over het kale bouwland of over een weggetje. Het leek niet veel uit te maken. De rode klei kleefde met evenveel enthousiasme aan de schoenen. Dus kozen we voor de kortste weg dwars door de velden. ‘Daar zitten ze. Waarschijnlijk in de tweede vleugel’, zei ik tegen mijn vrouw die hier voor het eerst kwam. Op het veldje stond een podium onder een grote tent. President Quim Torra zou vooraf aan de plechtigheid een bezoek aan Quim Forn in de gevangenis brengen. Sprekers waren de leiders van de burgerorganisaties, een woordvoerster van de brandweer, de echtgenote van Quim Forn en, als laatste, president Torra. Tijdens de spreekbeurten stopte het eindelijk met regenen. Paraplu’s konden worden opgeborgen, zij het niet voor lang. Het bleef druilerig die avond. Wij stonden aan de rand van het veld, grenzend aan de gevangenis. Alleen het weggetje rondom het complex, de goederenspoorweg van de zoutmijnen van Suria die daar ligt ingegraven, en het prikkeldraad scheidde ons van het gevangenisterrein. Toen de spreekbeurten waren afgelopen, speelde tot slot iemand een stukje muziek op een viool. Ter afsluiting zong men het Catalaanse volkslied. Een volk dat niet stopt met het zingen voor haar vrijheid, in de regen en de modder voor een gevangenis waar hun leiders zitten, zijn winnaars. Niet de machtigste Staat ter wereld kan zoiets blijven negeren en weerstaan. Vroeg of laat moet Spanje toegeven en zullen de Catalanen hun vrijheid verkrijgen.

Eerbetoon en manifestatie bij de gevangenis

Daarna aardde de bijeenkomst in een manifestatie voor de vrijheid van de politieke gevangenen: de twee leiders van de burgerorganisaties en vijf ministers van president Puigdemont. Richting de cellen riep men: ‘Llibertat!’ (‘Vrijheid!’), ‘Independència!’ (‘Onafhankelijkheid!’) en: ‘No esteu sols!’ (‘Jullie zijn niet alleen!’). Opeens zagen we een arm uit één van de raampjes van de cellen steken. De persoon daar zwaaide krachtig rond met een geel T-shirt of een sjaal. Groot enthousiasme onder de menigte, gefluit en nog meer geroep ‘Jullie zijn niet alleen!’. Gezien de lange arm en de kracht waarmee het doek werd rondgezwaaid, moet het minister Raul Romeva zijn geweest. Hij is bijzonder lang van bouw en zeer sportief ingesteld. Ik heb me laten vertellen dat het zwembad in de gevangenis sinds lange tijd weer open is. Romeva is een enthousiast zwemmer en kan er als toezichthouder en reddingszwemmer dienen.

Daarna toog men terug naar de auto’s en de bussen die stonden te wachten. De stilte rond de gevangenis keerde weer terug. ‘De isolatie, het afgesloten zijn van contacten met familie, vrienden en collega’s is het zwaarste van alles’ zei onlangs één van de gevangen politici. Toen brak de lucht open. De ondergaande zon was nog net te zien. Tussen de laaghangende wolken boven de geheuvelde velden verscheen een regenboog. Het was de regenboog van hoop.

Please follow and like us:

Een jaar na de terroristische aanslagen in Barcelona en Cambrills

In de namiddag zeventien Augustus 2017 vond een massale aanrijding plaats op de wandelpassage van de Ramblas in hartje Barcelona, de drukste en meest toeristische plek van de stad. Er werden toen 130 mensen gewond en er kwamen veertien mensen om het leven. Later steeg dit aantal naar vijftien slachtoffers. De Catalaanse politie (Mossos d’Esquadra) sloten de stad af op zoek naar de dader(s). Het bleek om een enkele dader te gaan. Hij werd twee dagen na de aanslag buiten Barcelona aangetroffen en dood geschoten omdat hij een bomvest droeg, welke achteraf vals bleek te zijn.

De avond voor de aanslag vond een explosie plaats in een villa in de plaats Alcanar, nabij Tarragona. De Mossos deden er onderzoek naar. In eerste instantie dacht men dat het om een drugslaboratorium ging. Toen de politie echter na een tweede explosie bepaalde gassen registreerde van het explosief TATP, wist men dat het om de voorbereiding ging van een terroristische aanval.

Op 18 Augustus om 1:00 in de ochtend probeerden vijf jongeren van Marokkaanse afkomst op de boulevard van de badplaats Cambrills mensen aan te rijden en met messen te steken. Dit lukte echter slechts gedeeltelijk doordat er een politiecontrole werd gehouden. Er kwam toen één slachtoffer om. De vijf daders werden dood geschoten.

Men ontdekte dat de twee aanslagen en de explosie in de villa in Alcanar aan elkaar waren gerelateerd. Alle daders kwamen uit het dorp Ripoll. In de villa vond men onder andere DNA materiaal van de geestelijke leider van dit dorp, Abdelbaki Es Satty. Alles lijkt er op te wijzen dat hij de jongeren had geradicaliseerd en zijn contacten in het buitenland, waaronder in België en Frankrijk, had gebruikt bij de voorbereiding van de explosieven. De Imam had vier jaar lang gevangen gezeten wegens drugssmokkel. Tijdens zijn gevangenschap werd hij meerdere malen door de Spaanse politie en de geheime dienst, de CNI, bezocht. Na zijn gevangenschap werd hij niet Spanje uitgezet, zoals gebruikelijk is bij een buitenlands veroordeelde misdadiger.

Bij zijn vestiging in Ripoll werd de Catalaanse politie niet geïnformeerd over zijn crimineel verleden. Toevallig kwam zij er via de Belgische politie achter dat Es Satti in Spanje was veroordeeld. Hij kon zich daarom niet in België vestigen. De Catalaanse politie had geen vrije toegang tot de nodige informatie van de Spaanse politie en tot Europol. Hoewel het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken na de aanslag beloofde hier verandering in te brengen, heeft de Mossos d’Esquadra nog steeds geen toegang tot Europol.

De Spaanse pers ontdekte dat de Imam met grote waarschijnlijkheid een informant van de geheime dienst was. Het is bekend dat Es Satti tot twee maanden voor de aanslag bezoek kreeg van de Spaanse politie en Guardia Civiel. Naar aanleiding over de persberichten dat Es Satty informant van het CNI zou zijn, informeerde het hoofd van de inlichtingendienst de politici van het Congres. Dit interview vond achter gesloten deuren plaats. De grootste politieke partijen in het Spaanse Congres, PP, haar coalitie genoot C’s en PSOE weigeren daarnaast een parlementair onderzoek naar de aanslag in te stellen. Zo’n onderzoek zou dan een openbaar karakter hebben. Blijkbaar willen de regeringspartij en haar gedoogpartners geen openheid van zaken geven.

De aanslag vond plaats kort voordat het referendum over de Catalaanse onafhankelijkheid zou worden gehouden. Deze was gepland op 1 Oktober. De Spaanse overheid was hier fel op tegen. Direct na de aanslagen wilde de Spaanse vicepresidente, Soraya Sáenz de Santamaría, de noodtoestand uitroepen en het leger in de straten van Barcelona en Catalonië laten patrouilleren. Dit ging toen uiteindelijk niet door omdat de Mossos d’Esquadra de terroristische bende geheel had ontmanteld en zij volledig controle over de situatie leken te hebben. De aanwezigheid van het leger zou het referendum hebben bemoeilijkt *.

De Catalaanse politie en de Generalitat reageerden op zeer adequate wijze na de aanslagen. Hierdoor speelden de Spaanse politie en overheden nagenoeg geen rol. Het optreden van de Mossos met betrekking tot de ontmanteling van de terroristische cel en van de Generalitat met betrekking van de opvang van de slachtoffers en hun familie werd internationaal zeer gewaardeerd. Kortom, de Catalaanse autonome regio liet zien dat zij zelfstandig, als een onafhankelijke staat, een crisissituatie goed weet af te handelen. De Catalaanse minister van Binnenlandse Zaken, Quim Forn, zei toen dat Spanje dit niet leuk zal vinden en dat zij vroeg of laat verhaal zal komen halen. Na het referendum werd Forn gevangen gezet wegens het medeondertekenen van de verklaring van de Catalaanse Republiek. De Mossos kwamen onder direct toezicht van het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken. Dit frustreerde het onderzoek door de Catalaanse autoriteiten.

Hoewel veel over de aanslag bekend is geworden, zijn er nog zeer vele en dringende vragen die roepen op een antwoord. Waarom kon de Imam zich vrij vestigen in Ripoll zonder dat de Mossos werd geïnformeerd? Wat heeft Spanje te verbergen met een interview van de directeur van het CNI achter gesloten deuren en de weigering van een parlementair onderzoek? Waren de aanslagen te danken aan nalatigheid van de Spaanse overheden? Of, erger nog, liet zij de aanslagen toe om deze te gebruiken als politiek middel om het referendum te voorkomen? Gezien de recente geschiedenis van Spanje met haar Staatsterrorisme (waaronder de GAL affaire door de socialistische president Gonzales), het politiek gebruik van terroristische aanslagen en van de slachtoffers (zoals bij de aanslag van 11 Maart 2004, vier dagen voor de Spaanse verkiezingen), zijn dit legitieme vragen.

Maar vandaag is het geen dag van vragen en kritiek, van protest tegen een koning die wapenhandel drijft met Saudi Arabië, een regiem dat Daesh steunt, en dan het cynisme heeft Barcelona te betreden om de slachtoffers te herdenken. Vandaag is het een dag van het leggen van bloemen, van herdenking en van stilte aan de slachtoffers van een vreselijke aanslag, een jaar geleden.

* De stembussen werden via Frankrijk in China aangekocht en, samen met de in Frankrijk gedrukte stembriefjes, Catalonië binnengesmokkeld en clandestien verdeeld naar de stemlokalen.

Please follow and like us:

Gerechtelijke vervolging van de rechter

De Catalaanse politici die in Waterloo, België, verblijven zitten ondertussen ook niet stil. Met behulp van hun advocaten hebben zij opperrechter Llarena bij de Belgische justitie aangeklaagd wegens zijn partijdigheid en de schendingen van hun fundamentele rechten. De Belgische rechtbank roept Llarena daarom op om een verklaring af te komen leggen op 4 September aanstaande. Dat dit de rechter niet lekker zit, mag blijken uit het feit dat hij officiële bescherming heeft aangevraagd bij de Hoge Raad. Hoewel hij niet verplicht is om te verschijnen, en dit hoogst waarschijnlijk ook niet zal doen, is hij bang dat zijn juridische onschendbaarheid als onderzoeksrechter zal worden opgeheven. Hij vreest zelfs dat er beslag op zijn eigendommen zou kunnen worden gelegd. Dezelfde rechter, die de juridische onschendbaarheid van de Catalaanse parlementariërs met voeten treedt, hen torenhoge borgsommen oplegt en hen alsnog van hun vrijheid beroofd, hun fundamentele rechten aantast en zijn macht als rechter misbruikt voor politieke doeleinden, krijgt nu koek van eigen deeg.

Op aandringen van de voorzitter van het Hooggerechtshof en van de Hoge Raad, Carlos Lesmes, heeft de Spaanse minister van buitenlandse zaken, Borell, aan de Belgische ambassadeur gevraagd of zijn regering de aanklacht tegen Llarena en de Spaanse justitie tegenover de Belgische rechtbank op zich wil nemen en zijn juridische onschendbaarheid wil verdedigen. De minister van Buitenlandse Zaken bij onze zuiderburen heeft Borell uitgelegd dat dit zo niet werkt in een Rechtsstaat. In Spanje vind men dit dus geheel gewoon, anders had Borell zoiets nooit durven vragen. Men verbaast er zich zelfs over dat een bevriende Europese mogendheid Spanje niet helpt in zo’n affaire die zij onomwonden een STAATSGREEP noemen.

Beetje bij beetje begint Europa in te zien wat Spanje onder een democratische Rechtsstaat verstaat. Beetje bij beetje zal de internationale gemeenschap begrijpen waarom Catalonië niet meer bij Spanje wil horen. Beetje bij beetje zal deze slag van Waterloo worden gewonnen.

Nawoord
De Hoge Raad heeft besloten om opperrechter Llarena te steunen. Zij beschouwt de aanklacht van Puigdemont en zijn ministers in België als ‘een geplande aanval tegen de onafhankelijkheid van Llarena met betrekking tot de leiders van de Catalaanse onafhankelijkheid om daarmee het gerechtelijk proces te beïnvloeden’. In een brief aan de Spaanse regering vraagt de voorzitter van de Hoge Raad en het Hooggerechtshof, Lesmes, daarom om de ‘juridische integriteit en immuniteit’ tegenover de Belgische rechter te verdedigen. ‘Met het in twijfel trekken van de objectiviteit van Llarena wordt de Spaanse Rechtsstaat, de pilaar van de democratie, aan de kaak gesteld.’

De Spaanse regering is echter niet bevoegd om de Spaanse de rechter in het buitenland te vertegenwoordigen. En dat weten deze rechters ook wel. De brief van de Raadsvoorzitter aan de Spaanse regering toont bovendien iedere afwezigheid van onafhankelijkheid tussen de uitvoerende en wetgevende machten. Waarom kan rechter Llarena niet gewoon aan de Belgische rechter uitleggen dat zijn onderzoek objectief en onafhankelijk is? Twijfelt hij zelf dat zijn werk deze test niet kan doorstaan? Gezien het incoherente handelen van Llarena en de Hoge Raad, wordt de Spaanse justitiële top blijkbaar wat nerveus.

Please follow and like us:

Gerechtelijke vervolging van de Catalaanse leiders

Zoals doorgaans bekend is, zitten er in Spanje mensen in de gevangenis in afwachting op hun gerechtelijk proces. Vandaag zitten de leiders van de burgerbewegingen ANC en Omnium Cultural tien maanden gevangen. Ook politici van het Catalaanse Parlement en ministers van de Catalaanse regering zitten gevangen. Andere politici, waaronder de president van Catalonië, zijn uitgeweken naar het buitenland om niet gevangen te worden gezet. De beschuldiging komt in het algemeen er op neer dat zij lid zijn van een criminele organisatie en dat zij gewelddadige oproer tegen de Spaanse Staat hebben gepleegd om deze omver te werpen. Hierop staat een gevangenisstraf van dertig jaar. De aanleiding en de reden van de beschuldiging is dat deze politici gehoor gaven aan hun kiezers die met democratische meerderheid kozen voor het houden van een referendum over de onafhankelijkheid van Catalonië. Democratisch gekozen politici, die door open, vrije verkiezingen een criminele organizatie vormen, met een hoofd (de president), medewerkers (ministers en parlementariërs) en collaborateurs (burgerorganizaties) die een STAATSGREEP plegen door het houden van een REFERENDUM met geweld dat door hen is UITGELOKT. (Natuurlijk, alles gewoon en normaal.)

Zwitserland concludeerde bijvoorbaat dat zij de twee Catalaanse politici die in Geneve verblijven, niet zullen uitleveren vanwege de politieke vervolging. De Belgische rechtbank weigert het uitleveringsverzoek in behandeling te nemen wegens de vele ‘procedurefouten’ door de opperrechter Llarena die het gerechtelijk onderzoek leidt en het arrestatie-en uitleveringsverzoek deed. (Justitie is een ingewikkelde zaak. Beter zich daar niet teveel in verdiepen.)

De Duitse rechtbank van Sleeswijk-Holstein die over de uitlevering van president Puigdemont moest oordelen, zegt in haar uitspraak dat er van Catalaanse zijde geen enkele sprake is geweest van geweld en dat Puigdemont voor dit delict daarom niet aan Spanje kan worden uitgeleverd en hiervoor worden veroordeelt. Llarena kan Puigdemont daarom alleen vervolgen voor eventueel misbruik van overheidsgeld, waar maximaal zes jaar voor staat. Hij trok daarom alle internationale uitleveringsverzoeken in, dus ook die van de ministers in België en Groot Brittannie. Llarena wil dus geen recht spreken, hij wil de Catalaanse leiders kunnen wreken met een gevangenisstraf van dertig jaren omdat ze de eenheid van Spanje in gevaar hebben gebracht. Anders hoeft hij hen niet te hebben. Met zeer grote waarschijnlijkheid zou de Schotse rechtbank tot dezelfde conclusie zou zijn gekomen indien het uitleveringsbevel niet zou zijn ingetrokken. De conclusie is dus dat, hoewel justitie elders in Europa geen grond ziet in de beschuldigingen voor oproer en Puigdemont in geheel Europa vrij man is, zijn ministers in Spanje gevangen zitten, nog steeds!, op verdenking van dit zware delict. (Maar wees gerust, alles klopt en er is niets vreemds aan.)

De voorzitster van het Catalaanse Parlement, Carme Forcadell, zit gevangen wegens machtsmisbruik in haar functie. Zij zou een debat en een stemmen in het Parlement op zes en zeven September 2017 hebben toegestaan over een ‘verboden’ onderwerp (de referendumwet en de juridische overgangswet). Let wel; de voorzitter van het Parlement neemt deze beslissing niet alleen. De beslissingen over te houden debatten worden op democratische manier gemaakt door het bestuur van het Parlement (de mesa), waar vertegenwoordigers van de grootste partijen in zitten en dus een afspiegeling van het Parlement zelf vormt. Onlangs oordeelde het Spaans Constitutioneel Hof dat dit debat legaal was. Werd Forcadell toen per direct vrij gelaten? Neen. Zij zit nog steeds gevangen in afwachting op haar proces dat bijvoorbaat geen steek meer houdt. (Blijft u gerust zitten, beste lezer, zoiets gebeurd overal en er is niets om zich ongerust over te maken.)

De minister van arbeid, familie en sociale dienst, Dolors Bassa, zit ook reeds maanden lang opgesloten. Ze kreeg permissie om het 60.000 pagina’s tellende gerechtelijk onderzoek in te zien (hoera, gerechtigheid!). Zij wordt daarin beschuldigd omdat zij op 3 Oktober 2017 een minimale dienst aan de burgers verleende. Die dag hield men een algemene staking als protest tegen het politiegeweld tijdens het referendum op 1 Oktober. Door het instellen van een minimale dienstverlening, konden veel ambtenaren ook met de staking meedoen. Volgens Llarena vergrootte de minister hiermee de mogelijkheid dat er tumultueus geweld HAD KUNNEN plaats vinden. Op de dag van de staking vond er, net zoals op de dag van het referendum, echter geen geweld door de Catalanen plaats, enkel protestmanifestaties. De rechter baseert zich, nogmaals, niet op de gebeurde feiten maar op mogelijkheden die in een zeer theoretisch geval hadden kunnen gebeuren. Met zo’n inzicht in de rechtsspraak kunnen we nog ver komen. (Maar laten we ons met zijn allen daar geen zorgen over maken. Zoiets komt in de beste landen voor en Spanje is nu eenmaal niet naast de deur.)

Enkele ministers en de kamervoorzitster zitten reeds voor de tweede maal in de gevangenis. De eerste keer zaten zij voor enkele dagen gevangen, maar werden vrijgelaten tegen een borgsom. Deze borgsommen waren doorgaans bijzonder hoog. De minimale borgsom bedroeg 70.000 Euro’s. Maar Forcadell, bijvoorbeeld, moest een 150.000 Euro’s betalen. In totaal overschrijden de borgsommen 2 miljoen Euro’s. De politici zouden hiervoor hun eigendommen moeten hebben verkopen, indien de Catalaanse bevolking, onder leiding van de burgerorganisaties, dit geld niet bijeen hadden gecollecteerd. Later werden de Catalaanse leiders alsnog gevangen gezet vanwege ‘nieuwe feiten die aan het licht zijn gekomen’ en hun mogelijke vluchtgedrag naar het buitenland. Hoewel zij zich vrijwillig bij de rechtbank hadden gemeld voor verhoor. (Tja, dat heb je als je je nek uitsteekt in zo’n land. Je weet van tevoren wat voor risico je loopt. Per slot van rekening zijn ze daar aan de Middelandse Zee nogal heetgebakert. Zolang we er met de kindertjes op zomervakantie kunnen gaan of een weekendje Barcelona kunnen pakken, is het prima zo.)

En als dat land nou eens aan de Noordzee zou liggen? Er zijn per slot van rekening overal landen waar men wel eens het zicht op respect, vrijheid en democratie verliest. Dat hebben we in de vorige eeuw uitgebreid gezien. En als de buurlanden dan ook de andere kant op kijken? En als de Europese Unie, garant voor democratie fundamentele mensen rechten, blijft volhouden dat het een binnenlandse aangelegenheid is van een soeverein lidstaat? En als nu eens, beste lezer, je eigen vader, moeder, zoon of dochter, zou worden vervolgt vanwege zijn of haar politieke mening? Of indien uzelf, met misschien kleine of opgroeiende kinderen, nu eens in de gevangenis zoudt belanden en uw eigendommen worden geconfisceert voor het houden van een debat in de gemeenteraad van uw woonplaats of in Tweede Kamer? De ongeïnteresserde houding van vele burgers in het land van mijn afkomst, en daarmee hun politieke leiders, is op zijn minst gezegd nogal zorgelijk. Zwitserland, België, Groot Brittanië, Denemarken, Finland, Estland, Litouwen en Slovenië hebben een parlementair debat over het Spaans-Catalaans conflict gehouden of een parlementaire commissie ingesteld. Het Nederlandse parlement en haar politici, altijd vooraan als het gaat om rechtenschendingen elders, blinkt uit door afwezigheid. Lamentabel. Vroeg of laat zal iedere president van iedere staat zich moeten uitspreken over de Republiek van Catalonië. Wie tot zo lang wacht, staat mooi op de foto. Die van de geschiedenis welteverstaan.

Please follow and like us:

Het lied van de vogels

Sinds vijf weken organiseren vrijwilligers iedere Zondag om kwart voor acht ‘s-avonds een bijeenkomst bij de gevangenis van Lledoners. Hier zitten de politieke gevangenen Oriol Junqueras (vicepresident), Raül Romeva (minister Buitenlandse Zaken), Jordi Sánchez (voorzitter burgerorganisatie ANC), Jordi Cuixart (voorzitter burgerorganisatie Omnium Cultural), Joaquim Forn (minister Binnenlandse Zaken en hoofd Catalaanse politie), Jordi Turull (voorzitter adviesraad van de president) en Josep Rull (minister van duurzaamheid en territorium). De voorzitters van de burgerbewegingen zitten vandaag 300 dagen gevangen. Er wordt dan muziek gemaakt en enkele liederen gezongen, waaronder ‘Cants dels ocells’ (Het lied van de vogels). Dit lied werd geschreven door de beroemde Catalaanse musicus Pau Casals. Tijdens het Franco regiem leefde hij in ballingschap. Erg bekend is zijn toespraak bij de openingsceremonie in 1963 van de Verenigde Naties over democratie, vrijheid en vrede. Waarden die de Catalanen al bijna duizend jaren eerder hadden erkent bij de oprichting van hun Parlement om de vrede in Europa te bevorderen. De tekst van het lied is aangepast voor de Catalaanse gevangenen van nu. Ook het Catalaanse volkslied wordt dan gezongen.

Gisteren ben ik er ook heen gegaan. De gevangenis is een drie kwartier rijden vanaf mijn woonplaats. Het gebouwencomplex staat middenin de weilanden en heeft zo te zien vier vleugels van hoogstens twee verdiepingen hoog en hoge, dubbele hekken. Niet veel bijzonders voor een gevangenis, dus. Maar de kennis dat hier zeven gevangenen zitten vanwege hun politieke overtuiging, beter gezegd: ‘gijzelaars van de Staat’, maakt een diepe indruk. De manifestanten groeperen zich in een weiland aan de achterkant van het complex. Op deze manier heeft men uitzicht naar de cellen en de binnenplaatsen, zodat de gevangenen het geroep van de manifestanten, de liederen en de muziek (hopelijk) kunnen horen. Een koor en muziekanten uit de stad Lleida zorgde dit keer voor de muzikale begeleiding.

Een protestmanifestatie die bestaat uit muziek en het zingen van een liederen is niet gewelddadig. Evenmin als de mensen die in de gevangenis zitten vanwege de verzinsels en de grove leugens van gewelddadige oproer. Iedereen weet dat. Zwitserland weigert bijvoorbaat de Catalaanse politieke vluchtelingen uit te leveren. De Belgische en de Duitse rechtbanken zeggen heel duidelijk dat van geweld van Catalaanse zijde geen sprake is. De Schotse rechtbank zou tot dezelfde conclusie zijn gekomen als het internationale uitleveringsbevel niet was ingetrokken door de Spaanse opperrechter Llarena. Dit heeft niets met justitie te maken, maar eerder met Spaanse inquisitie. Ik heb geprobeerd mee te zingen, maar een brok in de keel verhinderde dat. Er waren er meer die daar last van hadden.

Vertaling van ‘Cants dels ocells’:

Met het zien van het opspelden
van de heldere strik
op het meest duistere uur,
de vogeltjes zingen
om ons te herinneren
aan het lied van de vriendschap.
De onzen zijn opgesloten
uit wraak om wat zij denken.
Wat een dieptreurige wet.

Er zingt de menigte
Ik ga er heen om te protesteren
bij de Lledoners gevangenis
Mensen van overal
komen om te proberen
hun verdriet te verlichten
komen om te proberen
samen met zijn allen
voor meer gerechtigheid en het gelijk

De dagen gaan voorbij
en de musici spelen
een zoete melodie.
We denken aan hen
zingen om hen vrij te krijgen
in vele dorpen iedere dag.
Jullie weten dat jullie niet alleen zijn
met musici en zangers
zullen jullie altijd gezelschap hebben

Altijd denken we aan
onze afwezige vrienden
en hun families.
We vergeten jullie niet,
we komen om te zingen
net zolang totdat jullie vrij zijn.
We vergeten jullie niet,
we komen om te zingen
net zolang totdat jullie vrij zijn.

Please follow and like us:

Provoceren van verdeeldheid en geweld

Dat er een groep mensen, eventueel verenigt in één of meerdere politieke partijen, bestaat die bij Spanje willen blijven horen is hun goed recht in een democratie. Zij kunnen hun argumenten bekend maken waarom zij dit willen en deze verdedigen. Na een weloverwogen keus van alle voor-en tegenargumenten kan de burger zijn keus maken door zijn stem uit te brengen bij verkiezingen of in een referendum. Zo functioneert dat in een democratie.

Minder normaal is het dat een groep mensen de symbolen van andersdenkenden die zich in de straten en op de pleinen door geheel het land bevinden weghalen met schaar en mes of er zelfs met de auto op inrijden. En in een vrije democratische samenleving lijkt het nagenoeg ondenkbaar om andersdenken uit te schelden, te belageren en fysiek geweld aan te doen die hun mening verwoorden of door middel van, bijvoorbeeld, een geel strikje kenbaar maken dat zij het niet eens zijn dat er politieke gevangenen zijn.

Het openlijk geweld op straat van unionistische groeperingen is de laatste maanden schrikbarend gegroeid. Deze geweldplegingen blijven doorgaans ongestraft. Politie en justitie laten dit geweld oogluikend toe. Onlangs noemde ik de aanval tegen de fotograaf Jordi Borrás door een Spaanse politieinspecteur gekleed in burger. Maar er zijn vele, vele voorbeelden van agressiviteit door de unionisten te noemen. Leden van de politieke partij Ciutadans trekken er regelmatig op uit om te provoceren, soms onder leiding van de oppositieleidster Iñes Arimades. Dit is geen toeval. Er zit duidelijk een idee achter. Dit idee wordt goed verwoord in een reactie op Twitter van een Spaanse nationalist (@Eduardo_Llorens) toen een groepje unionisten, waaronder twee gemeenteraadsleden van Ciutadans, met een ladder de spandoek aan het balkon van het stadhuis van Reus stalen waarop stond: ‘Vrijheid voor de politieke gevangenen’:

“De actie is goed. Heel erg goed. Men moet een gewelddadige reactie van de onafhankelijkheidsbeweging forceren. Het verhaal van de sociale verdeling hebben we goed opgezet, maar het ontbreekt nog aan gewelddadige acties van hen om dit verhaal te bevestigen. Uiteindelijk zal dit wel lukken. Het is een kwestie van volhouden.”

Naar aanleiding van beledigingen en een scheldpartij door agenten van de Policia Nacional op straat tegen Catalaanse parlementariërs van de ERC partij, heeft president Torra van de gedelegeerde van de Spaanse regering geëist dat de politie moet zorgen voor de openbare orde en niet kan meedoen met het verstoren er van. Uit de hoek van nationalistisch Spanje, inclusief haar overheden, zoals politie en de politici, komt dus de leugen van de zogenaamde ‘verdeling in de samenleving’ vandaan. Indien de unionisten slagen in hun opzet om een enkele Catalaan uit te lokken tot een klap, dan zal dit breed in de Spaanse media worden uitgemeten. Binnen de kortste keren hebben we dan weer één of meerdere schepen met duizenden politieeenheden in Barcelona liggen om zogenaamd ‘de Catalanen te beschermen tegen enkele terroristen die een staatsgreep willen plegen’. Of nog erger: de directe inzet van het leger. Het taalgebruik van Pablo Casado en Albert Rivera, respectievelijk de leiders van de Partido Popular en van Ciutadans, gaat al duidelijk in die richting.

Please follow and like us:

Herdenking van de aanslag in Barcelona

Volgende week, 17 Augustus, is het een jaar geleden dat de terroristische aanslagen in Barcelona en Cambrills plaats vonden. De meningen hoe dit moet worden herdacht zijn sterk verdeeld. De burgemeesteres van Barcelona, de altijd pretentieus neutrale Ada Colau (zij en haar politieke groepering heeft zich nooit voor of tegen de Catalaanse afscheiding van Spanje, het belangrijkste maatschappelijke debat van de afgelopen jaren, willen uitspreken), wil een geheel apolitieke herdenking voor de slachtoffers houden. Het belangrijkste punt van discussie is of koning Felipe VI bij de plechtigheid aanwezig moet zijn of niet. Na de aanslag vorig jaar vond een demonstratie plaats waar de regering van Rajoy en Felipe VI bij aanwezig waren. Zij werden toen door een grote menigte uitgefloten, want de koning heeft goede relaties met het koningshuis van Saudi Arabië. Hij hielp, en helpt nog steeds, op actieve manier de Spaanse wapenindustrie haar producten aan dit pro-Daesh regiem te slijten. (En niet geheel zonder succes: de wapenverkopen stegen dit jaar opnieuw ruimschoots.) Na zijn harde toespraak tegen de Catalanen en haar leiders op 3 Oktober vanwege het gehouden referendum, is Felipe VI nog minder welkom. President Pedro Sanchez staat er op om samen met de koning in Barcelona de aanslag gedenken. De Catalaanse president Quim Torra heeft iedere relatie met de monarchie verbroken en nodigt hem daarom niet uit. Of de Catalanen weer massaal tegen de koning zullen demonstreren of hem juist zullen negeren door een alternatieve bijeenkomst te houden, is nog onduidelijk. Wie wel afwezig zullen zijn, is de vorige Catalaanse minister van Binnenlandse Zaken, Quim Forn, en het hoofd toendertijd van de Mossos d’Esquadra (de Catalaanse politie), Josep Lluís Trapero. Direct na de aanslag ontmaskerden zij de terroristische cel en handelden op voorbeeldige wijze de opvang van slachtoffers en nabestaanden af. Door hun betrokkenheid bij de aanslagen zouden zij daarom een bijzondere plaats moeten hebben onder de aanwezigen van de plechtigheid. Zij worden echter beiden vervolgd wegens gewelddadige oproer tegen de gevestigde Spaanse orde voor het houden, of het niet-gewelddadig tegenhouden, van een referendum. Trapero werd daarom door de Spaanse overheid, tijdens de opschorting van de Catalaanse autonomie, gedegradeerd bij het Catalaanse politiecorps. Forn zit daarvoor reeds maanden in de gevangenis in afwachting op zijn proces. Een apolitieke herdenking, zoals mevrouw Colau wil, is daarom bijvoorbaat al uitgesloten.

Nawoord
De burgerorganisaties ANC en Omnium Cultural hebben bekend gemaakt dat zij geen protestmanifestatie tegen koning Felipe VI zullen organiseren. Zij vinden dat de herdenking in het licht van de slachtoffers moet staan. Wel zal het ANC een manifestatie voor de gevangenis organiseren waar ex-minister Quim Forn verblijft om hem en majoor Josep Luís Trapero te ondersteunen. President Torra zal Forn in de gevangenis bezoeken. De politieke groepering La CUP zal niet naar de officiële bijeenkomst met de koning gaan.

Please follow and like us:

Es-Satty, een verklaring die geen steek houdt

De geheimhouding over het gerechtelijk onderzoek over de terroristische aanslagen van 17 Augustus 2017 in Barcelona en Cambrills is afgelopen dagen gedeeltelijk opgeheven. Hierdoor zijn er meer details bekend geworden, maar de vrijgegeven informatie levert niet meer duidelijkheid op. Vertaling van een artikel uit de krant Ara van 10 Augustus, door Sebastià Alzamora.

De directeur van de CNI (Spaanse inlichtingendienst), Félix Sanz Roldán, heeft het maanden gekost om uitleg te geven over de Iman van Ripoll, waarvan men had ontdekt dat hij een informant was van de Spaanse geheime dienst rond November vorig jaar. Sanz Roldán verscheen pas op zes Maart voor de onderzoekscommissie van het Spaanse Congres, en nog wel achter gesloten deuren. Staatsgeheim, dus. Vier maanden daarna, rond half Juli, zond de Catalaanse TV3 een citaat van dezelfde intelligentie dienst uit waarin wordt vermeld dat Abdelbaki es-Satty was beproefd als mogelijke vertrouweling. Maar hij werd uiteindelijk niet geaccepteerd want hij kwam niet door de psychologische tests heen als zijnde een betrouwbare bron. Hetzelfde bericht wees er op dat es-Satty niet het brein is geweest achter de aanslagen in Barcelona en Cambrills, maar dat hij slechts een ondergeschikte pion was van een mysterieuze bron ergens in Centraal Europa. Maar er werd verder niet vermeld of de politie enig idee had over diens identiteit. Nu vermeldt het gerechtelijk onderzoek drie bezoeken van de Guardia Civil en één van de CNI aan es-Satty in de gevangenis, waar hij vast zat wegens drugssmokkel, tussen 2012 en 2014.

Alles bijelkaar een verklaring waarvan het lijkt dat deze de indruk wil wekken dat het zeer ingewikkeld en complex is. Maar de verklaring spreekt zichzelf echter alleen maar tegen en, zacht gesproken, lijkt absoluut onbetrouwbaar. We wachten nu op de nieuwe uitleg van de politie over de, nu op dit moment, onvindbare informatie over de antecedenten van es-Satty. Ontwikkelingen die allesbehalve duidelijkheid geven over de zwakke punten in de uitleg en alleen maar nieuwe vragen oproept die het allemaal alleen maar ingewikkelder maakt. Maar laten we onderstrepen dat de gerechtelijke verklaring enkele twijfels weg haalt: er bestond een relatie tussen de Iman, de politie en de CNI, hij was het brein achter de aanslagen en was verantwoordelijke voor de indoctrinatie van de jonge jihadisten van Ripoll. Ook is het duidelijk dat hij door België als een gevaarlijke misdadiger werd beschouwd. Hij kon zich echter gedurende jaren lang vrij bewegen en vestigen in Catalonië. Het resultaat is dat de inwoners van Ripoll sterk het idee hebben dat het geen toeval is geweest dat dit individu onder hen kwam wonen, maar het resultaat van de beslissing van iemand. Indien es-Satty de bevelen van iemand opvolgde, wie was dit dan?

Hoewel dit artikel de indruk mag wekken, ben ik geen voorstander van een samenzweringstheorie. Maar ik wijs er op dat we het hebben over geheimen van de Staat. Een Staat die de gewoonte heeft om nogal geheimzinnig om te gaan met bepaalde informatie, zoals we op zijn minst weten sinds het GAL schandaal. (Tijdens de regering van de socialist Gonzales werden zestien ETA leden en sympathisanten door de politie vermoord. De minister van Binnenlandse Zaken werd hiervoor veroordeeld.) Het is moeilijk om niet herinnerd te worden aan de documentaire “De riolen van Binnenlandse Zaken” en het boek “De riolen van de Staat”. Feiten welke nooit door de overheid zijn ontkent en in verband kunnen worden gebracht met het referendum. De Spaans nationalistische media drongen er toen sterk bij de Catalaanse regering op aan om het referendum af te gelasten. Het roept alleen maar meer vragen op. Zoals: wat wist de PSOE van dit Staatsgeheim. Wat weet de regering van Pedro Sánchez er van?

Please follow and like us:

Onrechtvaardig gevangen

Als actief lid bij de burgerbeweging Assemblea Nacional Catalana (ANC) in mijn woonplaats organiseren we vaak conferenties en spreekbeurten. Daardoor heb ik het privilege gehad, om het zo maar eens te noemen, dat ik door de tijd heen veel genodigde sprekers persoonlijk heb kunnen ontmoeten. Zo kwam Jordi Sànchez, voorzitter van het ANC, eenmaal spreken. Als groep hebben we toen samen na de conferentie gegeten en van gedachten gewisseld. Evenzo is dit het geval geweest met Jordi Cuixart, voorzitter van Omnium Cultural. Jordi Sànchez zou nogmaals een conferentie bij ons komen houden op de avond van 20 September 2017. Deze meeting ging toen niet door, want de Guardia Civil hield huiszoekingen bij de ministeries van de Catalaanse Generalitat op zoek naar informatie en materiaal over het aanstaande referendum van 1 Oktober. Uit gevoel van onwaardigheid ontstonden er toen spontaan protestmanifestaties, die zich uiteindelijk concentreerden voor de deur van Economische Zaken, op de hoek van Rambla de Catalanya en Gran Via. Samen met zo ‘n 30.000 protestanten was ik daar toen ook aanwezig. Aan het einde van de dag ontbonden de beide Jordi’s de manifestatie. Ze klommen, met instemming van de politie, op de auto van de Guardia Civil die er voor de deur geparkeerd stond. De gehele dag hadden manifestanten en persfotografen, uiteraard zonder toestemming, op deze auto ‘s gestaan. Zij riepen door een megafoon dat de manifestatie nu was afgelopen en dat men naar huis kon gaan. Dit is de reden waarom de Jordi’s nu gevangen zitten wegens gewelddadige rebellie, een aanklacht vergelijkbaar met terrorisme. Ook de politicus Raul Romeva, toendertijd minister van Buitenlandse Zaken en nu ook in de gevangenis, heb ik op deze manier kunnen ontmoeten. Met mij zijn vele anderen die de politieke gevangen persoonlijk wel eens hebben ontmoet of hen zelfs goed kennen. De Catalaanse burgerleiders en politici zijn voor ons mensen van vlees en bloed en we weten dat zij een diepe overtuiging voor vrede en democratie hebben. Zij zitten nu onterecht gevangen, wegens valse beschuldigingen. Europese rechtbanken weigeren om de Catalaanse politici uit te leveren vanwege rebellie, want zij accepteren de verzinsels van de Spaanse rechter niet. Daarom raakt dit velen van ons zo erg, inclusief mijzelf, en voelen we er ons zo intens bij betrokken. Daarom draag ik een gele strik op mijn T-shirt en een sticker op mijn mobieltje. Met het risico dat vroeg of laat iemand me in elkaar zal slaan of de Policia Nacional mijn handbagage op het vliegveld nog eens extra doorzoekt, of erger. Ik heb hen tot nu toe nooit persoonlijk in de gevangenis geschreven. Ik durf het niet. Ik zou niet weten wat ik hen zou moeten zeggen tegen zoveel onrecht. Hen sterkte of succes wensen in hun rechtszaak lijkt me gewoonweg absurd. Want het is geen RECHTSzaak, het is allemaal een FARCE. Maar ik zal niet stoppen met schrijven over hen totdat ze vrij zijn en totdat justitie weer is teruggekeerd.

Please follow and like us: