Kunstroof uit de kolonie

jordis-presVanochtend om 4:00 uur ging de Guardia Civil het museum van Lleida binnen. Later in de ochtend voegden kunsttechnici uit Aragon zich daarbij. Buiten staat een rij van 300 Catalaanse politie om de manifestanten tegen te houden. De reden: het meenemen van vijftiende eeuwse Romaanse kunstwerken afkomstig uit het klooster Sixena. Dit klooster ligt in het autonome gebied Aragon, maar valt onder de kerkelijke provincie van Lleida. De kunstwerken zijn van onschatbare waarde, maar sommigen zijn erg fragiel, volgens specialisten te fragiel om te worden vervoerd.

De monniken van dit klooster schonken de kunstwerken in de jaren zeventig of de Catalaanse overheid kocht ze in de jaren tachtig, zoals blijkt uit het koopcontract. De werken werden gerestaureerd, werden tentoon gesteld in het museum van Lleida en men maakte een wet dat de werken onder het Catalaanse erfgoed vallen. Het klooster wil de werken nu weer terug hebben en spandde een gerechtelijke zaak aan. De Catalaanse ministers van Cultuur die de laatste jaren de revue gepasseerd hebben, gingen in beroep om de terugvordering tegen te houden. De huidige Catalaanse minister trad vlak voor de onafhankelijkheidsverklaring op 26 Oktober af. De minister van landbouw, Serret, nam zijn taak over en bevind zich nu in Brussel om niet in Spanje veroordeeld te worden voor opruiing en aanzet tot oproer, waar 30 jaar gevangenisstraf voor staat. Zij verklaart een militaire operatie voor het weghalen van de kunstwerkken uit het museum ondenkbaar in een democratische rechtsstaat. Onder het mom van grondwetsartikel 155 is de Catalaanse administratie door de Spaanse overheid overgenomen, waardoor de huidige baas van het Catalaanse ministerie van Cultuur de Spaanse minister van Cultuur, Mendez de Vigo, is. Deze minister procedeert niet verder tegen de inbeslagname van de kunstwerken, hoewel dit gerechtelijk mogelijk is. Zijn reden is dat “men de gerechtelijke uitspraak altijd moet waarderen.” De kunstwerken van dezelfde Sixena kapel die in het museum van Prado in Madrid liggen, worden niet geclaimd door de rechter en blijven ongemoeid.

De politieke interventie van Catalonië wordt dus gebruikt voor het leeghalen van een museum, het opbreken van een unieke collectie waarvan de legale aankoop en restauratie de Catalaanse gemeenschap veel geld en inspanning heeft gekost. Om de kunstschatten daarna weer terug te brengen naar Spanje, buiten Catalaans grondgebied, als ware Catalonië een Spaanse kolonie. Deze kunstroof wordt midden in de campagne voor de verkiezingen op 21 December uitgevoerd. Dit is dus de verkiezingsbelofte van de unionistische partijen, ook wel het ‘blok 155’ genoemd, van wat Catalonië nog meer te wachten staat.

De protestmars van Catalanen in Brussel

jordis-presGisteren trokken bijna 50.000 Catalanen naar Brussel om te demonstreren tegen Spanje, die nog steeds vier politieke gevangenen heeft: de Catalaanse vicepresident, de minister van BZ en hoofd van de Catalaanse politie en de twee leiders van de burgerorganisaties ANC en Omnium die voor een onafhankelijk Catalonië strijden. De Catalanen protesteerden tegen de EU die hun in de steek laat. Hun fundamentele rechten worden door Spanje, met ondersteuning van de EU,  geschonden, waaronder het recht op vrije meningsuiting, het recht op vrije vergadering, het briefgeheim, het politiek recht om zich te mogen organiseren, en nog veel meer.

Een complete volksverhuizing van vijftigduizend mensen trokken in bussen, met vliegtuigen, hogesnelheidstreinen of eigen vervoer naar de Europese hoofdstad. mani-brusselDit offer hebben zij er voor over, boven een korte vakantie, om ‘hun’ president en de vier ministers in ballingschap te steunen en om Europa wakker te schudden in de manifestatie met als lemma: “Europe wake up. Democracy for Catalonia”. De historische mars kreeg veel internationale aandacht. In Catalonië mocht TV3 er slechts één minuut per uur  zendtijd aan schenken. De kiescommissie, ingesteld door de Spaanse regering van Rajoy, vind het partijdig om gedurende de verkiezingscampagne onevenredig veel tijd aan de onafhankelijkheidsbeweging te schenken.

De reactie van de EU liet niet lang op zich wachten. Vicepresident van de Europese Commissie (EC), Timmermans, zei dat Puigdemont tegen de Spaanse grondwet in gaat met zijn eenzijdig gehouden referendum op 1 Oktober en daarom illegaal bezig is met zijn streven naar onafhankelijkheid. ‘Als hem de grondwet niet zint, dan moet hij er aan werken om deze te veranderen’, zegt Timmermans.

Hij vergeet hierbij dat het om een grondewet gaat waar de militairen van Franco het voor het zeggen haddden. Deze eisten dat de Spaanse eenheid gegarandeerd moest worden en dat het leger daar garant voor zou staan. Een grondwet geboren uit een dictatuur.

De EC negeert dat de Catalanen 40 jaar lang hebben geprobeerd om deze grondwet te veranderen om een volwaardige democratie te krijgen en voor meer zelfbestuur. Slechts eenmaal in veertig jaar is deze grondwet aangepast , en nog wel op aandringen van de EU. De laatste poging van de Catalanen om meer zelfbestur en meer democratie te krijgen, was in 2006 met een nieuw Statuut. Wie toen de grondwet brak, dat was oppositieleider Rajoy. Hij manipuleerde eerst het Constitutioneel Hof naar zijn hand, waarna dit Hof een uitspraak tegen dit Statuut deed. Sindsdien worden, volgens de interpretatie van dit sterk gepolitiseerde Hof, de Catalanen niet als volk of natie door de Spaanse grondwet erkent. Het is Spanje zelf die met deze uitspraak de Catalanen buiten hun samenleving plaatsten. De discriminatie met betrekking tot taal, cultuur, onderwijs, financiën en zelfbestuur zijn een direct gevolg van deze uitspraak. Daarna heeft de Spaanse regering, onder leiding van inmiddels president Rajoy, alle afspraken die nog in het Statuut overeind bleven staan, met name op het gebied van financiën en zelfbestuur, aan zijn laars gelapt. Verplichte investeringen in infrastrucuur, betalingen en naheffingen werden jaren lang en structureel niet nagekomen door de Spaanse overheid. Overheidstaken werden eenzijdig afgenomen. Uitspraken van het Constitutioneel Hof die daaruit volgden in het voordeel van de Catalaanse regering, negeerde Rajoy stelselmatig zonder dat dit verder enige consequenties had.

De EC, onder leiding van Juncker en Timmermans, ‘vergeten’ (tussen aanhalingstekens, want ze weten het perfect) even dat de Catalaanse bevolking een etnische minderheid van 16% in Spanje vormt en daardoor nooit en te nimmer een meerderheid van 75% in het Congres kunnen krijgen om de grondwet te veranderen. Dit is de ervaring van de Catalanen na veertig jaar ‘democratie’ waar een minderheid wordt genegeerd in plaats van gerespecteerd, zoals het in een democratie behoort.

En vervolgens negeert deze Commissie dat de Catalanen onder leiding van president Puigdemont, en zijn voorganger Artur Mas, altijd geheel binnen de legaliteit, inclusief de Spaanse, hebben gehandeld. Voor het referendum van afgelopen 1 Oktober maakte Puigdemont gebruik van het Internationaal Recht op zelfbeschikking van personen en van volkeren. Dit recht geld ook voor minderheden die binnen een bestaande staat verkeren en stelselmatig worden gediscrimineerd en waarvan hun de fundamentele mensen-en burgerrechten worden ontnomen. Spanje heeft door haar VN lidmaatschap deze principes ondertekent en dus maken deze verdragen deel uit van de Spaanse grondwet.

Niet Puigdemont, maar president Rajoy zelf is degene die illegaal en buiten de wet staat. Hij gebruikte politiegeweld tegen burgers die alleen maar wilde stemmen. Hij ontsloeg de Catalaanse regering onder het mom van grondwetsartikel 155 en plaatste zijn mensen op de posten van de Catalaanse administratie die toebehoren aan de democratisch gekozen politici. Dit alles volkomen tegen de Spaanse grondwet en het Statuut in. Het is president Rajoy en zijn regiem die mensen in de gevangenis zet vanwege hun politiek ideaal. Het is het toppunt van cynisme van de heren Juncker en Timmermans om Puigdemont als crimineel te bestempelen.

Het is de taak van de Europese Commissie dat de rechten van iedere Europese burger beschermd worden, zoals vastgelegd in de EU verdragen, beginnend bij het verdrag van Maastricht. Dat heeft zij niet gedaan. Europa heeft politieke gevangenen; mensen met een naam als Jordi, Oriol of Joaquim, zijn van hun vrijheid beroofd om hun politieke ideeën. Hun families zijn beroofd van hun vader, echtgenoot, broer of zoon, anderen van hun vriend of collega.  President Puigdemont en zijn vier ministers kunnen in alle vrijheid in geheel Europa vertoeven. Behalve in Spanje, want dan worden zij gearresteerd en veroordeeld tot 30 jaar gevangenisstraf. Dit onmetelijk grote contrast toont aan dat de rechten van de Europese burger niet gegarandeerd zijn. De heren Juncker en Timmermans zijn de hoofdverantwoordelijken voor het kapot maken van de Europese Unie door de criminele onderdrukker Rajoy onvoorwaardelijk te blijven steunen. En daar protesteerden de Catalanen gisteren tegen. En een politicus die daar doof voor is, is allesbehalve democratisch.

Intrekking uitleveringsaanvraag Catalaanse president Puigdemont

jordis-presGisteren liet de rechter van het Spaans Hooggerechtshof zes ministers, die voorwaardelijk gevangen zaten, vrij na het betalen van een borgsom van 100.000 Euro’s. Wel werden hun paspoorten ingenomen en moeten zij zich wekelijks melden. De twee leiders van de burgerorganisaties ANC en Omnium, Jordi Sànchez en Jordi Cuixart, evenals de Catalaanse vicepresident Oriol Junqueras en de minister van BZ (en tevens hoofd van de Catalaanse politie), Joaquim Forn, moeten in de gevangenis blijven. Het Hooggerechtshof besloot dit om te voorkomen dat zij in herhaling van hun misdaad zouden kunnen vallen. De ernst van de misdaad moet dus wel bijzonder groot zijn om deze verdachten opgesloten te laten. Zij worden dan ook aangeklaagd wegens oproer en opruiing. Een aanklacht waarbij duidelijk sprake moet zijn van oproep tot geweld tegen de gevestigde overheid en de koning. Door het aanvaarden van de aanklacht en het per direct opsluiten van de verdachten is de rechter het dus eens met de openbaar aanklager dat zij geweld hebben gebruikt en dus een gevaar voor de samenleving zijn.

De Catalaanse president, Carles Puigdemont, en vier van zijn ministers verblijven in België. Tegen hen loopt een Europese aanvraag van uitlevering aan Spanje. De rechter van het Spaans Hooggerechtshof heeft vandaag deze aanvraag tot uitlevering ingetrokken. Zijn argument is dat Puigdemont zich verkiesbaar heeft gesteld en dat hij waarschijnlijk daarom uit eigen beweging naar Spanje terug zal komen om in het Catalaanse Parlement te worden ingesteld als volksvertegenwoordiger en als president indien hij de verkiezingen wint. Het besluit om de aanvraag in te trekken om Puigdemont en zijn vier ministers op te sporen, gevangen te zetten en uit te leveren, valt niet te rijmen met het onvoorwaardelijk opsluiten van de Jordi’s en de andere leden van zijn kabinet. Temeer daar het argument van de rechter is dat het allemaal één en dezelfde aanklacht en rechtszaak betreft.

De werkelijke reden dat de aanvraag voor uitlevering is ingetrokken, is waarschijnlijk omdat de Belgische wetgeving de aanklacht van oproer en opruiing niet kent. Aan de hand van de Europese aanvraag zou Puigdemont dan alleen uitgeleverd kunnen worden wegens wettelijke ongehoorzaamheid en misbruik van overheidsgeld. Dit had de rechter bij de uitleveringsaanvraag in het EU formulier aangekruist om een snelle uitlevering voor elkaar te krijgen. Hier staat echter maximaal zes maanden voor. Indien Puigdemont vanwege deze aanklacht uitgeleverd zou worden, dan kan de Spaanse rechter hem niet meer vervolgen wegens oproer en opruiing. De rechter van het Hooggerechtshof hoopt dus dat Puigdemont vroeg of laat voet op Spaanse bodem zet. Hij kan hem dan arresteren, aanklagen voor opruiing en oproer (evenals alle andere verdachten in deze zaak) en voor dertig jaar gevangen zetten. Het gerechtelijk oordeel van de Belgische rechter, indien hij tot uitlevering zou zijn overgegaan (6 maanden cel), staat in schril contrast bij het mogelijk oordeel van het Spaans Hooggerechtshof (30 jaar cel)

Bovendien blijkt de Belgische rechter meer nauwgezet naar de zaak en het uitleveringsverzoek te kijken dan werd verwacht door de Spaanse justitie. In plaats dat zij bij hun aankomst in België direct werden uitgeleverd, is de uitspraak pas op 14 December. De Belgische rechter kijkt dus naar de aanklacht zelf aarin Puigdemont en zijn ministers worden beschuldigd van oproer en opruiing. Misschien heeft hij daar zijn twijfels over omdat hij geen gebruik van geweld heeft ontdekt bij de verdachten. Het Spaans Hooggerechtshof voelt dit waarschijnlijk ook aankomen en wil voorkomen dat de Belgische justitie een negatief besluit neemt over de uitlevering, bijvoorbeeld omdat de verdachten geen garantie zouden hebben op een eerlijk proces. Dat zou een onmetelijke blamage betekenen, en grote gevolgen hebben, voor de Spaanse justitie en voor Spanje, als EU lid, in het algemeen. Hoewel nu een negatief oordeel door de Belgische rechter is voorkomen, neemt dit niet weg dat de Spaanse justitie zich verdacht heeft gemaakt in de ogen van geheel Europa.

Puigdemont heeft de goede beslissing genomen om naar het hart van de EU uit te wijken en zo de Spaanse rechtsspraak aan de kaak te stellen. Hij is sinds vanavond in volledige vrijheid gesteld door de Belgische justitie. Hij en zijn ministers mogen nu gaan en staan waar zij willen. Zij kunnen door geheel Europa vrij rondreizen. Met uitzondering van Spanje, want dan worden ze direct gearresteerd en gevangen gezet wegens een aanklacht die alleen in Spanje bestaat en waar dertig jaar gevangenisstraf voor staat. Het algemene recht van de burgers binnen de EU, het fundament waar de gehele Europese Unie op is gebouwd, is weg.

Criminalisatie van de onafhankelijkheidsbeweging

De onafhankelijkheidsbeweging wordt in spanje steeds meer als een misdadige beweging afgeschilderd. Het lijkt er op dat het om een georganiseerde campagne gaat. Afgelopen weekend vond een kleine brand plaats in het portaal van een flat waar een spaanse vlag aan het balkon hangt. De eigenares van het apartement, Cristina Arias, beschuldigd de onafhankelijkheidsbeweging in haar dorp, Balsareny, er van. Zij werd door president Rajoy zelf gebeld die zijn medeleven en steun betuigd voor het voorval. De PP partij van Rajoy en de spaanse media doen uitgebreid verslag van deze gewelddadige aanval door de ‘separatisten’ (onafhankelijken), zoals in El Mundo en Antena 3.

Of zij de waarheid zegt, valt echter te betwijfelen. Arias heeft geen aangifte bij de politie gedaan, zoals men zou verwachten bij zo’n ernstig voorval. Het doen van een aangifte zou leiden tot een onderzoek naar de oorzaak van de brand. Indien de aangifte vals zou blijken te zijn, is dit bovendien strafbaar. Bij enig Internet onderzoek blijkt dat Arias vooraanstaand lid en actief is van de ultrarechtse beweging Hermandad  Hermanos Cruzados, waar zij op de facebook te zien is wanneer zij de fascistengroet gebruikt. De Catalanen zijn redelijk goed geïnformeerd en trekken het verhaal van Arias in twijfel. In de rest van Spanje wordt haar extreem rechts politieke voorkeur en haar lidmaatschap van Hermandad  Hermanos Cruzados, die geweld niet schuwt, in alle kranten en TV kanalen doodgezewegen. Het kwaad is dan al gedaan: een groei van aversie tegen de onafhankelijkheidsbeweging en de Catalanen in het algemeen. En dat is waar het de PP en haar aanhang het om te doen is.

Het als misdadig afschilderen van de onafhankelijkheidsbeweging zal het illegaal verklaren van de Catalaanse politieke partijen vergemakkelijken. Er zijn sterke aanwijzingen dat vooral de links-jongeren partij La CUP hier het slachtoffer van kan worden. Dit zou een grote, zoniet desastreuse, invloed hebben op de verkiezingsuitslag van 21 December voor de onafhankeljjkheidsbeweging.

De verkiezingscampagne begint op 7 December, de dag dat zo’n 60.000 Catalanen Brussel zullen bezoeken om hun onvrede te uiten omdat de Europese Unie hen de rug toekeert: de EU die pal pal achter Rajoy blijft staan, ondanks dat deze de fundamentele mensenrechten, de burgerrechten en de EU verdragen met voeten treed.

En de schuldige is…

jordis-presIn aanloop naar de verkieingscampagne, beschuldigde gisteren in een meeting de leider van de spaanse partij Podemos, Pablo Iglesias, de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging er van dat zij het Spaans fascisme heeft wakker gemaakt. Iglesias geeft dus ronduit toe dat het fascisme in spanje, sluimerend, aanwezig is. Indien het fascisme vanaf het begin van de ‘democratische overgangsperiode’ (40 jaar geleden, na Franco’s dood) zou zijn bestreden, dan had Spanje nu deze last van haar verleden niet hoeven te dragen. Het fascisme is altijd (oogluikend) toegelaten en blijkt nu meer levendig en wijdverbreid dan ooit, tot en met in de regering van Rajoy, in alle bestuurslagen van het land en het ambtenaren apparaat, waaronder met name de gerechtelijke macht. Maar om nu de  door en door vreedzame en democratische onafhankelijkheidsbeweging te beschuldigen van het wakker schudden van het fascisme en deze de schuld van de gevolgen in de schoenen te schuiven, gaat toch wel erg ver.

Uitspraak over voorlopige hechtenis

jordis-presDe strafzaak wegens oproer, opruiing en misbruik van overheidsgeld tegen de Catalaanse vicepresident en 7 ministers en de twee leiders van de burgerorganisaties Jordi Cuixart en Jordi Sànchez, is overgedragen van het Audiencia Nacional naar het Tribunal Suprem (Hooggerechtshof). De politieke gevangenen hadden gevraagd om door deze rechtbank opnieuw gehoord te worden en om te pleiten voor hun vrijheid. Dit vond afgelopen Vrijdag 1 December plaats. Vanochtend was de uitspraak. Van de 7 ministers laat de rechter er 6 vrij tegen een borgsom van EU 100.000 per persoon. De burgerorganisaties ANC en Omnium hebben met geld van collectes de borgsom te betaald. De Catalaanse minister van BZ en hoofd van de politie, Joaquim Forn, blijft gevangen, evenals de vicepresident, Oriol Junqueras, en de beide leiders van de burgerbewegingen ANC en Omium, respectievelijk Jordi Sánchez en Jordi Cuixart. Als argument voert de rechter aan dat, indien zij worden vrijgelaten, er gevaar bestaat voor ‘een explosie van sociaal geweld die niet meer terug te draaien is’, en ‘zij hebben geen afstand gedaan van hun politieke ideologie voor een onafhankelijk Catalonië, dus kunnen ze in hun misdaad terugvallen.’ (De volledige uitspraak is hier te vinden.) Hiermee bevestigd de rechter dat het een politiek probleem betreft en mensen gevangen zet vanwege hun ideologie, niet vanwege een midadig feit die ze zouden hebben gepleegd.

Al lezend krijgt men het idee dat de rechter in zijn besluit over een misdaad verslag doet die niets met de Catalaanse realiteit te maken heeft. Dat de beide Jordi’s de belegering en het geweld regelden voor de deur van EZ op 20 September, waar zij voor worden aangeklaagd, is ronduit onjuist. Zoals op de video’s is te zien, was er absoluut geen enkele sprake van geweld. Integendeel, zij riepen de mensen op om kalm te blijven. Dit denkt de rechter van het Hooggerechtshof over de leiders van de burgerorganizaties die de voorbeeldig  vreedzame en geciviliceerde protestdemonstraties organizeerden van de afgelopen zes jaren, en die van de afgelopen weken, waar vaak ruim een miljoen mensen aan deelnamen voor een onafhankelijk Catalonië en geen ruitje sneuvelde of wat dan ook van dien aard.

Hetzelfde denkt hij over de Catalaanse vicepresident en de minister van BZ, die democratisch zijn gekozen en een politiek mandaad hebben van de Catalaanse bevolking om de onafhankelijkheid te realiseren. Dit allemaal volkomen legaal en volkomen legitiem. Zij worden vastgehouden omdat zij in herhaling van hun misdaad zouden kunnen vallen. Van welke misdaad? Dat zij hun kiezers niet bedriegen en doen wat zij in hun kiesprogramma hebben beloofd? Of dat zij zich gedragen als politici zoals het een democratische rechtstaat behoord? De minister van BZ, om een voorbeeld te noemen, wordt vastgehouden omdat hij, als politiek hoofd van de Catalaanse politie, te coulant zou zijn geweest bij het optreden tijdens het stemmen van het referendum op 1 Oktober. Forn had de poltitie opdracht moeten geven om geweld te gebruiken tegen de burgers die wilden stemmen, zoals de Guardia Civil en Policia Nacional deden. Dat is de misdaad waar hij voor wordt aangeklaagd: het nalaten van buitensporig politiegeweld tegen de burgers om het stemmen te voorkomen. Hoe zouden zij in herhaling kunnen vallen van hun ‘misdaad’? Zij zijn immers afgezet als vicepresident en als minister van BZ?  Het is practisch gezien gewoon onmogelijk voor hen om in herhaling te vallen! Het argument van de rechter houdt geen enkele juridische steek. Afgezien van de persoonlijke schade die de gevangenen, en hun familie, worden aangedaan, heeft deze beslissing grote invloed op de verkiezingen van 21 December. Deze politici worden er namelijk van weerhouden om campagne te kunnen voeren.

De leider van de burgerbeweging ANC, Jordi Sànchez, stelt zich ook verkiesbaar en staat op de tweede plaats op de lijst van president Puigdemont. Dit betekent dat aanstaande donderdag de campagne begint voor de verkiezingen in Catalonië op 21 December, illegaal door Rajoy opgelegd en met zijn politieke tegenstanders in de gevangenis of in ballingschap in België. Zo zien de ‘vrije en democratische’ verkiezingen in het Spanje van 2017 er uit.

Een Spanje, volwaardig lid van, en volledig gesteund door, de Europese Unie en door haar lidstaten, waaronder Nederland. Accepteerd de Nederlandse regering, de politici in de eerste en de tweede kamer deze grove shendingen van burgerrechten binnen haar EU? Laten de regeringspartijen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie deze schendingen onbewogen zolang het de Nederlanders zelf maar niet deert? Veel Catalanen  zijn diep teleurgesteld in de houding van de EU en het stilzwijgen van haar lidstaten. Het is maar de vraag of zij bij zo’n Europa willen blijven horen. En een EU zonder Catalonië en met een failliet Spanje zal zeker consequenties hebben, ook voor de Nederlandse burger.

Misschien is de protestdemonstratie in Brussel aanstaande Donderdag, 7 December, wel de laatste kans om te kunnen luisteren naar de roep van de Catalanen om het onrecht dat hun door EU lidstaat Spanje wordt aangedaan. Het is niet alleen een roep om hulp voor hen zelf. Het is een roep vanuit Europa, door haar eigen burgers, aan Europa. Om haar te redden van haar morele ondergang. Het zou goed  zijn als Europa haar oren en ogen open zet. Al was het maar uit puur eigenbelang.

Bezoek aan Brussel

photo_2017-11-03_18-07-30

Op zes december is het een nationale feestdag in Spanje: de viering van het in werking treden van de grondwet waar in 1978 over werd gestemd in een referendum. Er was toen een grote meerderheid voor deze grondwet.

Met het stemmen in het referendum voor deze grondwet waren veel ongeregeldheden. Tijdens de verkiezingscampagne, twee weken voor het stemmen, veranderde de kiescommissie het criterium voor de kiesgerechtigden. Ook tijdens het stemmen waren er veel ongeregeldheden. Uit analyses achteraf schat men dat er toendertijd meer dan een miljoen stemmen meer zijn uitgebracht dan mogelijk was. Van een ‘democratische garantie’ was dus nauwelijks geen sprake.

Een verandering doorvoeren in de grondwet is een zeer grondige en langlopende aangelegenheid. Of tenminste, dat zou het moeten zijn. Er is in het spaanse Congres een meerderheid van 75% nodig om een verandering goedgekeurd te krijgen. Sinds het in werking treden van deze grondwet is zij slechts één maal veranderd. Dit was op aandringen van de EU om het begrotingstekort grondwettelijk vast te leggen. De verandering vond plaats dankzij een onderonsje van de PP en PSOE, de twee grootste partijen, en in een weekend door een zogenaamd koninklijk decreet.

De Partido Popular, momenteel de regeringspartij van Rajoy, was in die tijd fel gekant tegen deze grondwet. Nu gebruikt zij dezelfde grondwet te kust en te keur voor haar eigen doeleinden. Het Constitutioneel Hof is opgericht om uitspraken te doen over nieuwe wetten die zijn aangenomen. Deze uitspraken zijn in principe bindend, maar er is geen orgaan of methode dat de uitspraken kan afdwingen. In 2015 werd het karakter van dit Hof grondig gewijzigd. De regering van Rajoy voerde een decreet uit waarin het Hof gerechtigd is politici direct uit hun functie te ontheffen indien zij uitspraken van dit Hof naast zich neerleggen. De veroordeelde politici hebben daarin geen mogelijkheid om zich te verdedigen. Het Hof veranderde dus van een administratieve rechtbank tot een strafrechtbank, zonder de daarbij benodigde garanties zoals het in een rechtstaat behoort. Deze verandering werd ad hoc doorgevoerd met het oog op het onafhankelijkheidsproces in Catalonië en is sterk bekritiseerd door de Europese commissie van Venetië. De leden van dit Hof worden door de twee grootste politieke partijen aangesteld. Hierdoor is het Hof sterk gepolitiseerd.

De Catalanen stemden indertijd met een meerderheid van zo’n 90% voor de spaanse grondwet. Zij hoopten toen dat dit het eind van het militaire regiem zou zijn en een begin van een volwaardige democratie zou worden. Heden ten dage wil een groot gedeelte van de Catalanen onafhankelijk van spanje worden. Zij willen dus af van deze grondwet daar gebleken is dat er met deze grondwet weinig is veranderd, afgezien van de schijn van een democratische rechtsstaat.

De noodgedwongen jaarlijkse vakantie om de spaanse grondwet te ‘vieren’ gebruiken veel Catalanen dit keer om naar Brussel af te reizen. Zij zullen daar hun legitieme president Puigdemont zien. Maar wat belangrijker is, zij zullen bovenal hun onvrede uiten tegen de Europese Unie, met name de Europese Commissie onder leiding van Jaen-Claude Juncker. De Unie laat de Catalanen in de steek en geeft aan de spaanse president Rajoy alle vrijheid om te voorkomen dat Catalonië onafhankelijk zal worden. Zelfs indien daar een democratische meerderheid voor is. Spanje schendt hierbij de fundamentele mensenrechten en burgerrechten op grote schaal. En de EU doet niets, zegt niets. Ondanks dat de mensenrechten en burgerrechten het fundament vormen van de Europese Unie.

En dat laten de Catalanen niet op zich zitten. Zij gaan dus in grote getalen naar Brussel om hun ongenoegen op 7 December te uiten, waaronder schrijver dezes. Er zijn op moment van dit schrijven 50.000 inschrijvingen. Zij gaan met gehuurde chartervluchten en bussen. Anderen gaan op eigen gelegenheid. Gezien de precaire arbeidscondities in spanje, is dit voor veel Catalanen een rib uit het lijf. Maar zij preferen om hun ongenoegen te uiten over de grove schendingen van hun rechten en om hun wens tot onafhankelijkheid bekend te maken bij de hoogste Europese instanties, boven een vakantie of ander plezier.

President Puigdemont heeft deze dagen in een interview vermeld dat hij het een goed idee zou vinden dat de Catalanen in een referendum zouden kunnen stemmen over het Europese lidmaatschap. Zelf is hij pertinent voorstander van het EU lidmaatschap. Maar gezien het ondemocratisch gehalte van de EU en haar houding voor het onderdrukken en vervolgen van de Catalanen door spanje, is het enthousiasme bij veel Catalanen voor de EU sterk verminderd. Het argument waar de spaanse president Rajoy en zijn ministers altijd mee dreigen: “een onafhankelijk Catalonië zal nooit lid kunnen worden van de EU, want spanje zal haar vetorecht gebruiken”, wordt hem hiermee ontnomen. Hij noemde zo’n referendum dan ook grote waanzin. Maar dat zijn we inmiddels al gewend van president Rajoy: het spaans nationalisme heeft een grote allergie voor stembussen en democratie in het algemeen.

Staat van beleg

photo_2017-11-03_18-07-30Zonder dat het officieel is, is er in Catalonië duidelijk sprake van de staat van beleg. Officieus, niet officieel. Anders zou de spaanse regering van president Rajoy de toestemming van het Congres nodig hebben. Maar daar is geen meerderheid voor, dus doet president Rajoy het op officieuze manier.

In deze staat van beleg heeft Rajoy, geheel tegen de spaanse grondwet en het Catalaans Statuut in, de legitieme regering in Catalonië van president Puigdemont ontslagen, het Catalaanse Parlement ontbonden en verkiezingen uitgeschreven voor 21 December. Ondertussen regeert een niet-democratische bestuur van Partido Popular bonzen op de ministeries. Een partij die slechts voor 8% wordt gesteund door de Catalaanse bevolking. De staat van beleg en het opleggen van bestuurders van zijn regering is daarom niets anders dan een authentieke staatsgreep.

Het gevangen zetten van de leiders van de burgerorganisaties ANC en Omnium Cultural, die altijd op voorbeeldig vreedzame en democratische manier gelobbyd hebben voor een onafhankelijk Catalonië, en de halve regering die democratisch werd gekozen om dit doel te realiseren, is een heuse staatsgreep tegen de rechtsstaat.

De aankomende verkiezingen laten zien dat de scheidsrechter, de kiescommissie die bestaat uit leden gekozen door PP, C’s, PSOE en Podemos (welke allen tezamen een minderheid in Catalonië hebben), partijdig is en de Catalaanse overheidsinstituten niet respecteert. Zo wordt het publieke TV kanaal in Catalonië, TV3, verboden om te spreken over ‘de president en regering in ballinschap’, de ‘lijst van de president’, of over de ‘gevangen vicepresident en ministers’. In plaats daarvan moet de publieke media het hebben over ex-president en ex-ministers, daar zij uit hun functie zijn gezet. Ook het woord ‘ballingschap mag niet door de journalisten worden gebuikt, daar deze geen vastomlijnde betekenis zou hebben en de luisteraar of kijker kan mislijden. In Catalonië is iemand voor het leven president en wordt na beëindiging van zijn regeerperiode nog altijd zo aangesproken. Dit geld voor president Jordi Pujol, president Montilla, president Maragall, maar mag volgens de kiescommissie niet zo zijn voor president Puigdemont. De publieke media zouden anders hun ‘objectiviteit’ verliezen. De kiescommissie legt haar eigen regels op. Puur censuur.

Evenzo heeft het stadhuis van Barcelona een groot spandoek moeten verwijderen met de tekst ‘Vrijheid voor de politieke gevangenen’. Dergelijke spandoeken hangen in geheel Catalonië op allerlei (overheids)gebouwen wegens de gevangenschap van de leiders van de burgerorganisaties ANC en Omnium, van de vicepresident en zeven ministers en voor de president en vier ministers die gedwongen in België verblijven omdat ze, met recht, denken dat ze in spanje geen eerlijke rechtszaak krijgen. De redenering van de kiescommissie is, op aanvraag van de extreem rechtse partij Ciutadans (C’s) die hiertegen aangifte deed, dat er politieke partijen met de verkiezingen meedoen die het in vrijheid stellen van deze gevangenen in hun regeerprogramma hebben staan. Het stadhuis zou daarom met deze spandoek geen neutraliteit uitstralen, zoals zou moeten behoren voor een overheidsinstelling. Indien er een spandoek zou hangen met: ‘gerechtigheid’ en er zou een politieke partij zijn die vraagt naar een meer rechtvaardige samenleving, dit met grote waarschijnlijkheid ook verboden zou worden door de kiescommissie daar dit een politieke visie is. Zelfs de gele verlichtingen van de fonteinen, zoals op Plaça Catalunya, wordt door de kiescommissie verboden. Het ziet er naar uit dat de kleur geel bijzonder populair gaat worden onder een bepaalde groep Catalanen.

In staat van beleg waarin de spaanse minister van BZ een speciale website heeft geopend “om de aangiftes van haat te vergemakkelijken in de huidige context van het Catalaanse conflict”. (Misschien dat enkele Nederlandse lezers dit herkennen toen Geert Wilders een dergelijke site opende tegen moslims. Hij werd toen gerechtelijk vervolgd voor deze actie. En terecht: zoiets roept op zichzelf al op tot haat, in dit geval tegen Catalanen.) Opeens heeft de Nationale Politie blijkbaar ontdekt hoe een auteur van een Twitter achterhaald kan worden. Tot nogtoe was dit niet mogelijk daar iedere aangifte bij de politie van haat of doodsbedreiging niet werden geaccepteerd omdat het ‘onmogelijk is twitteraars te achterhalen en te vervolgen’. Zo stelt de moslim activiste Míriam Hatibi (in Catalaans). In de afgelopen maand zijn zes Twitteraars gearresteerd. Zij worden aangeklaagd voor aanzet tot haat omdat zij kritieke geluiden tegen de politie of over politici zouden hebben geuit. (Trouwens, volgens de spaanse wet kan geen aanzet tot haat gedaan worden tegen de politie, daar dit alleen kan wegens geloof, afkomst, politieke voorkeur of ras. De politie wordt niet gekenmerkt door een van deze karakteristieken.)

In een sfeer waarin leraren gerechtelijk worden vervolgd omdat ze aan jonge kinderen van uitleggen wat er gebeurde op de dag van het referendum op 1 Oktober. Veel kinderen zagen het politiegeweld met eigen ogen, waren net als veel volwassenen in shock, maar konden het natuurlijk niet begrijpen over het hoe en waarom. De leraren legden op didactische manier uit waarom de Nationale Politie en Guardia Civil de mensen hadden getrapt, geslagen of wat dan ook, met als gevolg meer dan duizend gewonden. Acht van deze leraren zijn door ouders, werkzaam bij de politie of Guardia Civil, aangeklaagd wegens indoctrinatie en aanzet tot haat tegen de Guardia Civil.

Een staat van beleg waar tussen de 5000 en 10.000 manschappen van de Nationale Politie en de Guardia Civil afkomstig vanuit geheel spanje al sinds eind September in Catalonië vertoeven. Hun vertrek is al vele malen uitgesteld. Voorlopig blijven ze nu tot na de verkiezingen. Dezelfde manschappen die de bevolking sloegen, trapten en hun botten braken bij het referendum op 1 Oktober, zullen haar nu beschermen bij de verkiezingen van 21 December? Of zijn ze iets anders van plan, bijvoorbeeld in het geval dat de onafhankelijkheidspartijen de verkiezingen zullen winnen?

En dan hebben we nog het officieuze of niet-geuniformeerd geweld: groepen falangisten die te kust en te keur mensen op straat aanvallen en fysiek mishandelen omdat ze een teken van Catalanisme dragen of gewoon hun taal spreken. En de politie, die in haar vrije tijd  zich ook schuldig heeft gemaakt aan dergelijke praktijken, kijkt toe en doet niets.

Hoe kan men onder deze omstandigheden, waarin fundamentele burger-en mensenrechten worden geschonden, met politici in de gevangenis of in ballingschap, met de dreiging om te worden aangeklaagd indien men zich verkiesbaar stelt, met de dreiging van (politie)geweld, met toenemende onderdrukkingen, en met een een partijdige kiescommissie, hoe kan men zo vrije en eerlijke verkiezingen houden? En de verkiezingscampagne is nog niet eens begonnen.

Het is koud (in de gevangenis)

photo_2017-11-03_18-07-30Jordi Sanchez, tot voor kort president van de burgerorganisatie voor onafhankelijkheid, het ANC, wordt aangeklaagt voor oproer en zit daarom reeds ruim een maand in voorlopige hechtenis. Hij stelt zich verkiesbaar voor de komende verkiezingen op 21 December en staat als tweede op de lijst van president Puigdemont, Junts per Catalunya (Samen voor Catalonië). Hij heeft daarom aan het Constitutionele Hof gevraagd om te worden vrijgelaten, zodat hij vrijelijk aan de verkiezingscampagne kan meedoen. De advokaat van Sanchez stelt dat met zijn gevangenschap fundamentele burgerrechten worden geschonden. Ook heeft de rechter haar objectiviteit verloren door de stelling van de openbaar aanklager zonder enig bewijs te accepteren dat Sanchez vluchtgevaarlijk zou zijn. Indien het het Constitutionele Hof weigert hem vrij te laten, dan zijn alle mogelijkheden van beroep binnen de spaanse justitie uitgeput en kan hij een aanklacht bij het Europees Hof van Justitie doen.

Dat het geen plezier is om in de gevangenis te verblijven, blijkt uit de brief die Jordi Sanchez schrijft. Hij zegt dat er geen verwarmingsradiatoren in de cellen en de rest van de gevangenis zijn, afgezien van de ruimtes voor familiebezoek en de gespreksruimten met zijn advokaten. “Nu de kou is ingetreden in de gevangenis van Soto del Real, liggend aan de voet van het gebergte Serra de Madrid, dragen we altijd thermische hemden en jassen.” Jordi Cuixard schreef al eerder dat hij in zijn kleren slaapt. De beide Jordi’s verblijven in dezelfde gevangenis, maar zij zijn gescheiden in aparte vleugels en kunnnen alleen in de kapel met elkaar in contact komen. Er wordt door hen veel gebeden de laatste tijd.

Hoe de rechter denkt over..

photo_2017-11-03_18-07-30

‘De gezamelijke strategie van al deze activiteiten, perfect op elkaar afgestemd met het plan van een criminele organizatie, was de oorzaak dat het referendum op 1 Oktober werd gehouden en de eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring daarna.’

Dit schrijft de rechter van het Audiencia Nacional, Carmen Lamela, in haar rapport voor het overdragen van de rechtszaken tegen de leiders van de burgerorganizaties ANC en Omnium, Jordi Sanchèz en Jordi Guichart, en tegen de zeven Catalaanse ministers naar het Hooggerechtshof, het Tribunaal Suprem. Bij deze criminele organisatie voegt zij ook het parlementsbestuur, onder leiding van de presidente van het Catalaanse Parlement, Carme Forcadell, en leden van de Catalaanse politie, de ambtenaren bij de Catalaans informatica dienst, het CTTI welke gewoonlijk de persoonlijke gegevens van de kiesgerechtigden en de kiesresultaten bij verkiezingen verzorgt (en dus ook voor het referendum van afgelopen 1 Oktober), en Diplocat, de Catalaanse ‘diplomatieke dienst’ en handelsdelegaties met haar vertegenwoordigingen over geheel de wereld. De rechter is er van overtuigd dat de politici en de ministers die democratisch gekozen zijn zodat er een meerderheid in het Catalaanse Parlement kwam om over de toekomst van Catalonie te beslissen, regeren heet dat, en een flink deel van het Catalaanse ambtenarenapparaat, een strak georganiseerde criminele organisatie is met een zeer complexe en hierarchische structuur van leiders en uitvoerders. In haar rapport voegt zij een compleet blokschema toe hoe de organisatie in elkaar zou zitten. Bovendien denkt zij dat de voorbeeldig vreedzame en democratische burgerbewegingen, die de afgelopen zes jaren op 11 September miljoenen mensen op de been hebben gebracht om te vragen voor onafhankelijkheid via een referendum, dienst doen als ideologische adviseurs van deze organizatie. Daarom vind zij nu dat het onderzoek van deze rechtszaak moet worden overgedragen naar het Tribunaal Suprem en moet worden samengevoegd bij de andere zaken wegen opruiing en oproer die er reeds lopen.

Een week daarvoor had zij dit inzicht nog niet en verdedigde rechter Lamela nog met hand en tant dat haar rechtbank, de Audiencia Nacional, deze rechtszaken moest behouden toen rechter Pablo Llarena van het Tribunaal Suprem aan haar vroeg om de zaak aan hem over te dragen. Tijdens of na het weekend is zij blijkbaar rigoureus van mening veranderd.

De spaanse hoofdaanklager, Maza, was ook ronduit tegen de overdracht van de rechtszaken naar het Tribunaal Suprem. Maza was vorige week naar een conferentie in Buenos Aires, Argentinie, toen hij een nierontsteking opliep. Hij kreeg koorts, werd opgenomen in een ziekenhuis en overleed vorig weekend. Na zijn overlijden is geen autopsie gedaan omdat het ‘een natuurlijke dood betrof’. Tot nu toe leek mij niets verdacht aan het plotseling overlijden van Maza. De ommezwaai van rechter Lamela brengt dit sterfgeval in een geheel ander daglicht. Het lijkt of zij zich onder druk gezet voelde.

De afgelopen twee jaren hebben hebben er 14 overlijdensgevallen plaatsgevonden onder verdachte omstandigheden. Het betreft politici van de PP partij, haar financieel boekhouder, getuigen in de Gürtel fraude zaak, een bankier en andere figuren met een hoge sociale status in de spaanse samenleving. Zij stierven door zelfmoord (5), een ongeluk (4) of een ‘natuurlijke’ dood.